Werkgevers/
Werknemers
Klokkenluider: ‘Er is geen instantie die de wet handhaaft’
Archief9 min lezen

Klokkenluider: ‘Er is geen instantie die de wet handhaaft’

Administratief medewerker Jan werd door de juridisch controller van zijn gemeente gevraagd om een aantal ambtelijke en bestuurlijke misstanden officieel te melden. Drie jaar later is hij een klokkenluider met een bijstandsuitkering. ‘Rechtsbescherming bestaat op papier, maar niet in de praktijk.’


‘Na het afronden van mijn middelbare school heb ik jarenlang gewerkt in loodsen en magazijnen, onder meer als heftruckchauffeur’, vertelt Jan*. ‘Lichamelijk was dat zwaar werk. Ik kreeg rugklachten en kwam in de ziektewet terecht. De rugklachten werden iets minder, maar teruggaan naar mijn oude werk was geen optie. Gelukkig kon ik mij via het arbeidsbureau laten omscholen tot juridisch medewerker. Dat was een openbaring, ik vond het geweldig om eindelijk door te studeren. Ik bleek daar zelfs goed in te zijn. Toen ik voor mijn afstudeerscriptie een onderwerp zocht, besloot ik mij te richten op een gemeentelijk-projectschandaal, waarover al jarenlang veel was gepubliceerd. Ik ontdekte nieuwe feiten, namelijk dat aanbestedingen niet volgens de regels waren uitgevoerd. Mijn scriptie zorgde voor vragen in de gemeenteraad en in provinciale staten.

‘Even later vond ik een baan, bij mijn eigen gemeente. Dezelfde gemeente waarover mijn scriptie gegaan was. Mijn werk had daar echter niets mee te maken. Ik bouwde ervaring op en kreeg goede beoordelingen. Nadat ik er een jaar in dienst was werd ik benaderd door een gedeputeerde van de provincie. We maakten een koffieafspraak. Hij bleek wat extra vragen te hebben over mijn eerdere onderzoek. Ook vroeg hij waar ik nu werkte. Hij was stomverbaasd toen bleek dat dat bij de gemeente was. Wat vonden ze daar van mijn onderzoek? Geen flauw idee, was mijn antwoord. Ik had het er nooit over op mijn werk. Het gesprek met de gedeputeerde zette me aan het denken. Ik besloot het gesprek en mijn onderzoek meteen aan mijn leidinggevende te melden.

‘Een aantal maanden later kreeg ik vanuit de gemeente het verzoek om officieel een melding te doen en daarbij alles te vertellen wat ik wist. Voor de zekerheid won ik eerst advies in bij de juridisch controller van de gemeente. Welke consequenties zou een officiële melding hebben voor mijn rechtspositie? Geen, zei ze. Ik zou namelijk onder de “Regeling melding vermoeden misstand” vallen. Dat was een gemeentelijke voorloper van de Wet Huis voor klokkenluiders uit 2016. Maar de strekking was hetzelfde: het beschermen van de melders van misstanden binnen organisaties. Ik deed daarna twee officiële meldingen. Vanuit P&O kreeg ik schriftelijk bevestiging van mijn rechtsbescherming.’

Klokkenluider: ‘Er is geen instantie die de wet handhaaft’ 4

Black-out

‘Een van de twee meldingen had tot gevolg dat het college van burgemeesters en wethouders een accountantsbureau inhuurde om onderzoek te doen. De andere melding werd intern onderzocht. Omdat ik bij de gemeente werkte, ving ik al vrij vroeg op dat enkele bestuurders uitspraken hadden gedaan waaruit bleek dat er niets uit het accountantsonderzoek zou komen. Het leek alsof men het wilde gladstrijken. Dat verbaasde mij zeer, en dat vermeldde ik ook in verschillende e-mails aan de juridisch controller. Bij de tweede e-mail ging het mis.

‘Ik moest bij de gemeentesecretaris op het matje komen. In een gesprek van een kwartier werd mij duidelijk gemaakt dat het nu toch echt afgelopen moest zijn met die meldingen. Dit was niet de bedoeling. Ik stond perplex. Wat er nu gebeurde was in strijd met de klokkenluidersregeling. De juridisch controller zat er bij en deed niets. Maar ik was genoeg geschrokken om te besluiten het er verder bij te laten. Ik concentreerde me weer gewoon op mijn werk. Dat was nog niet gemakkelijk. Ik was erg boos door de hele gang van zaken, maar kon die woede niet uiten. Het was of mijn hele lichaam continu strak gespannen stond. Ik begon slecht te slapen.

Informatie

Klokkenluiders betalen hoge prijs

Van alle klokkenluiders kampt 45 procent met bijzonder ernstige psychische klachten, waaronder zeer ernstige angst- of depressiesymptomen. Dat blijkt uit een onderzoek uit 2018 door de Tilburg Universiteit, onder leiding van voormalig hoogleraar victimologie Peter van der Velden. ‘Die klachten lijken bovendien chronisch te zijn’, zegt Van der Velden. Dat is misschien niet verbazingwekkend, als je bedenkt wat de gemiddelde klokkenluiders zoal voor zijn of haar kiezen krijgt. ‘Werkgevers zetten alle mogelijke middelen in om hen tot zwijgen te brengen: overplaatsingen, verdachtmakingen, bedreigingen, ontslag. Door inkomensverlies en proceskosten komen klokkenluiders vaak in financiële problemen, soms met gedwongen huisverkoop tot gevolg. Ook komt door de jarenlange stress de relatie met partners, kinderen en vrienden onder druk te staan. Klokkenluiders bewijzen onze maatschappij een grote dienst, maar de prijs daarvoor betalen ze helemaal alleen.’

Van der Velden pleit voor betere ondersteuning van klokkenluiders, vooral in praktische zin: ‘Door juridische ondersteuning, vergoeding van de proceskosten en inkomenscompensatie zou je in ieder geval een deel van de oorzaak van de stress weg kunnen nemen.’

‘Kort daarna viel ik ’s ochtends vroeg flauw in de badkamer. Ik sloeg met mijn hoofd tegen de wasbak en daarna tegen de muur. Er zat een flinke jaap in mijn schedel en ik had een zware hersenschudding. De bedrijfsarts vroeg naar mijn werksituatie. Toen ik hem vertelde dat ik in een klokkenluidersregeling zat, legde hij meteen een verband met mijn black-out. Hij raadde me om therapeutische redenen aan om niet thuis te blijven zitten. Ik moest contact met mijn collega’s blijven houden en elke dag naar kantoor gaan, al was het maar een of twee uur. Achteraf is dat niet slim geweest. De werkdruk was hoog, ik voelde me schuldig en deed meer dan goed voor me was. Mijn herstel ging traag.’

Waarschuwing

‘Eerder had men mij te kennen gegeven dat een bepaalde misstand uit mijn meldingen niet was voorgelegd aan het accountantsbureau. Ik heb daar toen expliciet bezwaar tegen gemaakt bij de juridisch controller, omdat mijn melding goed was onderbouwd. Deze weigerde echter nog steeds om de misstand te laten onderzoeken. Ik heb die daarom gemeld aan de gedeputeerde. Hij had mijn meldingen immers in gang gezet en in dit geval ging het om 2 miljoen euro aan provinciale subsidie. Ik hoorde verder niets, totdat ik erachter kwam dat hij mijn mailtje in een brief aan de burgemeester had doorgestuurd. Mijn naam en mijn telefoonnummer stonden er gewoon bij.

‘Vervolgens kreeg ik een officiële waarschuwing van het payrollbedrijf dat mij al die jaren had gedetacheerd. Dat gebeurde na aandringen van de gemeente. Omdat ik volgens de Regeling melding vermoeden misstand op papier geen nadelige gevolgen mocht ondervinden van mijn meldingen, was het verwijt in de officiële brief vaag en gekunsteld: ik had mij negatief uitgelaten over de burgemeester en een wethouder. Het vertrouwen in de gemeente was ik al kwijt, maar nu kon ik het payrollbedrijf aan dat lijstje toevoegen.

‘Negen maanden later vloog ik eruit, zonder overleg vooraf. Zogenaamd om bedrijfseconomische redenen, maar erg kostenefficiënt was mijn ontslag niet. Ik werd namelijk doorbetaald tot het einde van mijn contract, dat nog enkele maanden duurde. De ambtenaar die mij per direct verving werd ook betaald. Een maand voordat mijn contract afliep, huurde de gemeente zelfs tijdelijk een extra kracht om de achterstand weg te werken en de collega in te werken. Het ging om exact dezelfde taken die ik drie jaar lang had uitgevoerd.

‘Ik weet al die dingen omdat ik me na de waarschuwing door het payrollbedrijf heb gemeld bij het Huis voor klokkenluiders. Om door het Huis beschermd te worden ben ik nu al ruim twee jaar aan het aantonen dat ik door mijn gemeente ernstig ben benadeeld als gevolg van mijn melding. Zij hebben de klokkenluidersregeling een aantal malen overtreden, alleen is er geen instantie die die wet handhaaft. Ook het Huis voor klokkenluiders niet. Men heeft daar zelfs welbewust de eigen procedures niet gevolgd om mijn zaak niet te hoeven onderzoeken, terwijl ik overduidelijk als klokkenluider ben benadeeld. Ik houd me daarom nu noodgedwongen met mijn eigen arbeidsdossier bezig, en met enkele nieuwe misstanden die bij de gemeente voortduren.’

Informatie

‘Huis laat klokkenluiders in de steek’

Na een jarenlange lobby om de positie van klokkenluiders in Nederland te verbeteren, ging in 2016 het Huis voor klokkenluiders van start. Dat heeft drie taken: preventie, het adviseren en ondersteunen van klokkenluiders en het doen van onafhankelijk onderzoek naar misstanden. In oktober 2017 stapte bestuursvoorzitter Paul Loven echter op. De reden: in zestien maanden tijd had het Huis nog niet één onderzoek naar een gemelde misstand afgerond. Voormalig topambtenaar Maarten Ruys concludeerde in december 2017 dat de afdelingen binnen het Huis moeizaam samenwerken en er onvoldoende expertise aanwezig is over de problematiek van klokkenluiders. ‘Klokkenluiders voelen zich door het Huis in de steek gelaten’, zegt ook voormalig directeur van het Instituut voor Psychotrauma Ton de Wijs, die lid is van de Raad van Advies van de Expertgroep Klokkenluiders.

De Wijs stopte in juni uit protest zijn werk als psychosociaal ondersteuner bij het Huis. ‘Het Huis zou klokkenluiders actief moeten bijstaan, onmiddellijk vanaf het moment van hun melding. Dat betekent niet alleen helpen met psychologische of sociale problemen, maar juist ook voorkomen dat de klokkenluider onbeschermd blootstaat aan de veroorzakers daarvan. Dat kan door mee te gaan naar zittingen, te helpen met het schrijven van brieven en door partijen te wijzen op het nakomen van wettelijke verplichtingen. Het Huis weigert klokkenluiders echter op deze manier te ondersteunen, omdat het daarbij zou gaan om “belangenbehartiging”. Die opstelling kun je vergelijken met die van brandweerman die weigert iemand uit een brandend gebouw te halen, maar het slachtoffer alleen wat brandzalf aanreikt.’

Volgens De Wijs zijn de ernstige psychologische, lichamelijke, sociale en financiële klachten die klokkenluiders ervaren ‘een direct en indirect gevolg van de maatregelen die werkgevers nemen om hen te isoleren, benadelen en te beschadigen. Deze klachten worden in de loop van de tijd erger en zijn meestal niet volledig terug te draaien: denk aan een hartaanval of echtscheiding. Daarom is het zo belangrijk om melders vanaf het allereerste moment te ondersteunen op alle mogelijke manieren.’

Bijstand

‘Nadat ik te horen kreeg dat ik was ontslagen, heb ik mij meteen ziek gemeld. De arts van mijn payrollbedrijf vond echter dat ik helemaal niet ziek was. Het UWV volgde dat oordeel. Ik heb daardoor zes maanden geen enkel inkomen gehad, totdat al mijn reserves op waren. Sindsdien ontvang ik bijstand en eten wij het huis op. Ik solliciteer, maar zonder resultaat.

‘Ik heb weinig energie. Ik ben nooit goed hersteld van mijn hersenschudding en moet bijtijds rust nemen. Ik ben veel tijd kwijt aan het rondkrijgen van mijn dossier. Tegelijkertijd wil ik niet aan de hele situatie onderdoor gaan. Ik wil door met mijn leven. Toch ben ik tegen wil en dank terechtgekomen in een situatie van ellenlange procedures en onderzoeken die feitelijk niets veranderen aan mijn situatie. Rechtsbescherming bestaat op papier, maar niet in de praktijk. Mijn partner vraagt zich ondertussen af wanneer het eindelijk eens ophoudt.’

* De naam is gefingeerd op verzoek van de geïnterviewde.


Afbeelding van de auteur

Jolein de Rooij

Jolein de Rooij is psycholoog en journalist. Ze schrijft tijdschriftartikelen en blogs, vaak op basis van interviews. Ze publiceert in onder andere Psychologie Magazine en Intermediair.