:focal(1449x694:1450x695)&w=3840&q=75)
Van speciaal onderwijs tot docent maatschappijleer op het VMBO: hoe Enzo zijn traumatische jeugd te boven kwam
Op zijn elfde kreeg Enzo (32) een vernietigend schooladvies, hij werd naar een school voor moeilijk opvoedbare kinderen gestuurd. Na allerlei tussenstappen staat hij nu, met drie universitaire masters op zak, voor de klas. In die hoedanigheid probeert hij zijn leerlingen bij te brengen wat hij in zijn veelbewogen jeugd gemist heeft: een positief zelfbeeld en het vermogen om zichzelf te helpen.
Hij is nog maar net begonnen in zijn nieuwe baan als docent maatschappijleer en mentor op een VMBO-school in Rotterdam, maar Enzo weet het ondertussen: ‘Ik zit hier helemaal op mijn plek. Ik houd nu al van mijn leerlingen!’
Onveilige jeugd
Had iemand hem pak ‘m beet dertien jaar geleden verteld dat hij ooit les zou geven op het VMBO, had hij die persoon voor gek verklaard. Hij had toen nog maar één wens: zo snel mogelijk rijk worden, zodat hij de armoede uit zijn jeugd achter zich kon laten. ’Ik heb, toen mijn moeder in de schuldsanering zat, samen met haar en jongere zusje een tijdlang in één kamer in een gedeelde woning gewoond.’
Maar nog erger dan het gebrek aan geld leed Enzo in zijn prille jaren onder een continu gevoel van onveiligheid. ‘Mijn moeder had last van allerlei psychische en fysieke klachten, waardoor ze niet voor mij kon zorgen. Daardoor ging ik heen en weer tussen allerlei tehuizen en pleeggezinnen, en woonde ik tussendoor af en toe even bij mijn moeder.’
Vernietigend schooladvies
Dat dit geen recept was voor een succesvolle schoolcarrière, laat zich raden. Door alle problemen belandde Enzo op het speciaal onderwijs. Het rapport van de GGZ-psycholoog die hem op zijn elfde moest beoordelen met het oog op passend vervolgonderwijs, bevatte bewoordingen als ‘zeer problematisch functionerende jongen’, ‘heeft de neiging om zichzelf te overschatten’ en ‘iemand die snel opgeeft’. Geconcludeerd werd dat ‘de kans groot is dat hij zich onvoldoende op het VMBO kan handhaven.’ Zodoende werd Enzo naar een ZMOK (zeer moeilijk opvoedbare kinderen, red) school doorverwezen.
‘Je moet je voorstellen: die psycholoog heeft mij maar een of twee keer gezien. En daar heeft hij een heel rapport op gebaseerd. Terwijl: misschien had ik gewoon een slechte dag. Wat helemaal niet zo gek zou zijn geweest met alle problemen thuis.’
Rust en stabiliteit
Gelukkig vond niet lang daarna een ommekeer in Enzo’s leven plaats. ‘Ik kon toen bij mijn opa en oma wonen. En zo kwam ik opeens in het deftige Bergen terecht. Niet dat mijn grootouders rijk waren, maar het was een totaal andere omgeving dan ik gewend was. Maar het was bovenal voor het eerst in mijn leven dat ik ergens permanent kon blijven. Dat gaf rust, en een gevoel van veiligheid.’
Onder die omstandigheden bloeide Enzo helemaal op en maakte hij grote sprongen. ‘Ik werd in no time van de tussenschool naar VMBO-BB en vervolgens naar VMBO-KB (respectievelijk Basisberoepsvaardige leerweg en Kaderberoepsgerichte leerweg, red) doorgestuurd. Maar toen ik vervolgens het advies kreeg om naar de HAVO door te stromen, zei ik “nee”. Ik was daarvoor in een korte tijd al zo vaak van school gewisseld, en ik dacht: laat maar. Ik was een jaar of 14 en ik had de tijd van mijn leven. Ik had een leuke groep vrienden en was voor het eerst verliefd.’
Ondertussen haalde Enzo op het VMBO achten en negens zonder er ook maar iets voor te hoeven doen en werkte hij daarnaast vijf avonden in de week als afwasser. ‘Ik verdiende daar drie keer zoveel mee in de week dan waar we destijds met mijn moeder van moesten leven.’
Onderwijsstapelaar
Een paar jaar later en een MBO-koksdiploma rijker, behaalde Enzo, binnen een half jaar alsnog zijn HAVO-diploma. En vertrok hij vervolgens samen met zijn beste vriend naar Driebergen. ‘Het plan was om de HBO-opleiding Automotive Business Management te volgen. Het idee was om later veel geld te verdienen.’
Zover is het niet gekomen. De studie, in een omgeving waarin het dragen van en pak en kortgeknipt haar verplicht waren, bleken niet aan Enzo besteed. Hoewel zijn omgeving hem voor gek verklaarde, stopte hij na anderhalf jaar met zijn opleiding.
‘Ik was toen een tijdlang depressief, had geen idee hoe ik verder moest. Uiteindelijk ben ik, geïnspireerd door wat ik tijdens die opleiding, maar ook in mijn jeugd, heb meegemaakt, sociologie aan de Universiteit Utrecht gaan studeren.’
Niet veel later moet Enzo zijn studie staken, omdat hij, op zijn 22ste, onverwacht vader werd. Hoewel het contact met de moeder van zijn dochtertje aanvankelijk moeizaam verliep, wilde hij er echt voor haar zijn. Dat betekende ook: geld verdienen. Maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan, en na een jaar pakte hij de bachelor ISW (Interdisciplinaire Sociale Wetenschap) aan de Universiteit van Amsterdam op, gevolgd door maar liefst drie universitaire masters.
Negatief zelfbeeld, trauma en veerkracht
Hoewel Enzo ondertussen zijn droombaan als docent op het VMBO heeft gevonden, zal hij naar eigen zeggen ‘nooit uitgeleerd’ zijn. Zo volgde hij onlangs een training ‘Traumasensitief onderwijs’ van jeugdtrauma-expert Leony Coppens, auteur van de bestseller ‘Iedereen kan het verschil maken. Trauma en veerkracht bij kinderen’. Daarin komen ervaringsdeskundigen aan het woord over de persoon die van een grote betekenis voor ze is geweest tijdens hun traumatische jeugd, waardoor ze weer in zichzelf zijn gaan geloven. Zo had ook Enzo het geluk op de ZMOK-school ‘juf Trudie’ te treffen. Zij gaf hem het vertrouwen dat hij veel meer in zijn mars had dan wat er destijds in zijn schooladvies stond.
En, al zou hij dat niet snel van zichzelf zeggen, zo iemand is Enzo nu ook zelf. ‘Die kinderen hebben vaak zoveel kritiek over zich heen gekregen, dat ze een negatief zelfbeeld hebben. Als zo’n kind met ADHD iets raars uitflapt, dan denk ik: dit heeft waarschijnlijk niets met mij als docent te maken. Door zo’n kind op zijn nummer te zetten of de klas uit te sturen werkt averechts.’
Zoiets versterkt, weet Enzo uit eigen ervaring, het negatieve beeld dat zulke leerlingen van zichzelf hebben. ‘Ik probeer iedereen binnen boord te houden. Desnoods door een paar extra tafels in de klas te regelen. Zodat leerlingen, die daar behoefte aan hebben, zich, met de koptelefoon op, even terug kunnen trekken. Ik probeer mijn leerlingen helemaal niet te helpen. Wat ik doe is: ik help ze zichzelf te helpen.’
:focal(803x1135:804x1136)&w=256&q=75)