
5 redenen waarom vrouwen minder verdienen dan mannen
Dezelfde opleiding, dezelfde baan, dezelfde ervaring, en toch verdienen vrouwen duizenden euro's per jaar minder dan mannen. Hoe kan dat?
Nederland heeft een voor Europese begrippen grote loonkloof: het verschil tussen het gemiddelde inkomen van de gemiddelde vrouw en dat van de gemiddelde man. Het verschil is 18 procent. Hoe kan dat?
1. Vrouwen kiezen de verkeerde studie
De ene studie rendeert beter dan de andere. Intermediair vroeg bijna 2.000 mensen naar hun inkomen en hun studie. Niet opmerkelijk: in de hogere inkomenscategorieën - boven 3.000 bruto per maand - komen we meer economiestudenten tegen dan taal- en cultuurstudenten.
Wel opmerkelijk: studies renderen verschillend voor mannen en vrouwen. 9 procent van vrouwelijke universitair geschoolde taal- en cultuurstudenten verdient meer dan 3.000 bruto per maand. Bij mannen is dat 29 procent. Iets minder dan een derde van vrouwelijke economiestudenten zit in de hoogste inkomenscategorieën, tegen bijna de helft van de mannen. Gedrag en maatschappij kent de kleinste kloof: 12,5 procent van vrouwen zit in de hoogste inkomenscategorieën, tegen 23,8 procent van mannen. Maar daar ligt het gemiddelde salaris een stuk lager.
Een vrouw die evenveel wil verdienen als haar mannelijke collega én de meeste kans wil maken op een hoog salaris, kiest voor techniek. In de hoogste inkomenscategorieën vinden we daar bijna net zoveel vrouwen als mannen - 3 procent meer mannen. Dat verschil kunnen ze makkelijk wegwerken, zegt Alexander Sterk van YER. 'Vrouwen in de techniek zijn zeldzaam. Omdat bedrijven graag een goede mix van mannen en vrouwen willen, zouden vrouwen meer salaris kunnen vragen.'
2. Vrouwen kiezen vrouwenberoepen
De loonkloof verschilt aanzienlijk per sector, stelt Kea Tijdens, onderzoekscoördinator bij het Amsterdams Instituut voor Arbeids Studies (AIAS), in een studie naar de sectorale verschillen in inkomsten. Die loonkloof is in de door mannen gedomineerde financiële instellingen meer dan 30 procent. In het onderwijs, een vrouwensector, is die 15 procent. In het onderwijs zijn de verschillen tussen de hoogste en de laagste inkomens ook minder groot dan in de financiële sector.
Vrouwen die evenveel als hun mannelijke collega's willen verdienen zouden voor een vrouwenberoep (onder andere zorg, onderwijs, communicatie, hr) moeten kiezen, maar daarmee komen ze qua inkomen dan nog steeds niet erg hoog uit. Zowel mannen als vrouwen in vrouwenberoepen verdienen gemiddeld minder dan in mannenberoepen. Dat komt doordat vrouwenberoepen minder opleiding vergen. Mensen in vrouwenberoepen zijn daadwerkelijk 'minder waard', concluderen verschillende Nederlandse en buitenlandse onderzoeken.
3. Vrouwen onderhandelen niet
In een studie van de CGB naar salarisverschillen in de zorg bleek dat 18 procent van het inkomensverschil tussen mannen en vrouwen in gelijke functies terug te voeren is op salarisonderhandelingen.
Het is niet zo dat vrouwen niet kunnen onderhandelen. Dat kunnen ze even goed als mannen - zolang ze maar voor een ander onderhandelen en niet voor zichzelf, zo blijkt uit een onderzoek van Michael Morris van de Columbia Business school. Als een man over zijn salaris onderhandelt, gaat het over zijn salaris. Als een vrouw voor een ander onderhandelt, is dat ook zo. Gaat het om haar eigen salaris, dan rekent zij de sociale kosten mee: hoe aardig vindt de persoon aan de andere kant van de tafel mij nog als ik vasthoud aan mijn hoge inzet? Financieel komt een vrouw misschien lager uit, maar voor haar gevoel heeft ze meer bereikt: (iets) meer geld én sociale bonuspunten.
Daarnaast ruilen vrouwen iets van hun salaris ook met plezier in voor zaken als minder reistijd en flexibele werktijden - handig, met de kinderen.
4. Vrouwen worden geen manager
Nederland wint het met 19 procent vrouwelijke managers nipt van de Verenigde Arabische Emiraten, Egypte en Saoedi-Arabië. Alle andere landen in het onderzoek van hr-consultant Mercer doen het beter: zo heeft Marokko 23 procent vrouwelijke managers, Zweden 30, Kazachstan 40 en Litouwen 44 procent.
Vrouwelijke managers verdienen wereldwijd 14 procent - 10.000 euro - minder dan leidinggevende mannen. In Nederland verdient het mannelijke middenkader 14 procent meer dan hun vrouwelijke collega's. In het hoger management is dat 11 procent.
Als vrouwen al manager zijn, dan meestal in vrouwenberoepen. Vrouwen werken vooral in hr of marketing en deze functies verdienen minder dan de door mannen bevolkte financiële managersfuncties, zo verklaart Mercer het verschil.
5. Vrouwen werken parttime
Parttime werken verlaagt je salaris in absolute zin. 'Als er kinderen komen gaan vrouwen minder werken en mannen juist meer. En werkgevers anticiperen daarop', zegt Kea Tijdens. Volgens het CBS heeft 82 procent van de vrouwen tussen de 23 en 45 jaar met kinderen een deeltijdbaan. Van de vrouwen in die leeftijd zonder kinderen is dat 37 procent. Bij de mannen maakt het niet uit of ze kinderen hebben of niet. Rond de 80 procent werkt voltijds. Die deeltijdfactor verklaart veel van de loonkloof.
Is in deeltijd werken slecht voor je salaris, tijdelijk stoppen met werken is desastreus: de loonkloof is ruim twee keer zo groot onder 55-plussers (onder wie herintreders!) als onder 35-55-jarigen.
En een nieuw fenomeen doet zich voor, hoewel uitsluitend nog onder de hogeropgeleiden: de in deeltijd werkende man, die een dag in de week thuis is voor de kinderen. Dat betekent dat de drijfveren van deze groep mannen veranderen. Zij maken nu net als de vrouwen een keuze die slecht uitpakt voor hun salaris.
Bij mannen zijn de gevolgen zelfs groter: relatief gezien komen vrouwen, zeker bij de overheid, beter weg met deeltijdwerken dan mannen. Per uur omgerekend maakt het voor een vrouw niets uit of ze voltijds of in deeltijd werkt; haar uurloon blijft gelijk, zo blijkt uit onderzoek van het CBS. Het uurloon van mannen wordt wel lager als ze in deeltijd werken.
Kiezen voor een carrière bij de overheid is überhaupt een van de beste dingen die je als vrouw kunt doen als je niet ondergewaardeerd wilt worden. Uit onderzoek van SEO blijkt dat het vooral de mannen zijn die in het bedrijfsleven meer verdienen dan bij de overheid. De vrouwen verdienen in het bedrijfsleven gemiddeld minder dan vrouwen die bij de overheid werken.
Vrouwen stijgen er ook makkelijker door naar de top. Kijk naar de Rijksoverheid. In de top van de Rijksoverheid is 25 procent vrouw - in 2002 was dat nog 12 procent - en dat percentage stijgt.
:focal(2175x2417:2176x2418)&w=256&q=75)