
Mannen, ook jullie moeten nu eens emanciperen
Een betere wereld begint bij jezelf: dit geldt ook voor de verdeling van werk en zorgtaken. Welke rol is hierin weggelegd voor mannen? En hoe kan de overheid dit faciliteren? We vragen het aan drie – mannelijke – wetenschappers: arbeidseconoom Joop Schippers, psycholoog Vincent Duindam en bestuurssocioloog Mark Ostaijen.
Gelijke lonen, vrouwen in topposities of de verdeling van werk en zorgtaken: bij discussies wordt steevast gewezen naar de vrouwen. Zij zouden beter moeten onderhandelen, meer ambitie moeten tonen, meer uren moeten werken. Bewoordingen als balanstrutjes, lui, golddigger en deeltijdsdecadentie zijn daarbij niet van de lucht. Zelden gaat het daarbij over het aandeel van mannen.
Maar vrouwen nemen nog altijd het leeuwendeel van het onbetaalde werk voor hun rekening, of het nu gaat om zorg voor de kinderen, mantelzorg of het huishouden. Dat is verrassend als je kijkt naar de voornemens voordat het eerste kind geboren wordt: dan hebben zes op de tien stellen nog de intentie om alles samen te verdelen. In de praktijk doet slechts één op de zes jonge stellen dit. Volgens het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) zou 10 procent van de deeltijdwerkende vrouwen best meer uren willen werken, mits er aan een aantal voorwaarden wordt voldaan.
Wat kunnen mannen bijdragen aan een betere, eerlijke verdeling van werk en zorgtaken? Niet alleen ten aanzien van de opvoeding van de kinderen maar ook ten opzichte van minder fijne, huishoudelijk klussen?
Joop Schippers: ‘Gedragsverandering duurt jaren’
‘Waarom het zo lang duurt om de arbeidsparticipatie van vrouwen te bevorderen en de verdeling van werk en zorgtaken beter te regelen? Dat heeft te maken met opvattingen van mensen enerzijds en de institutionele oplossingen anderzijds. De opvattingen die mensen erop nahouden, zijn hardnekkig. Ze zijn gevormd door het voorbeeld van hun ouders en grootouders. Het duurt dan ook jaren of zelfs generaties voordat daar verandering in komt. En wat betreft institutionele oplossingen zoals aanpassingen in de wet- en regelgeving en fiscale regelingen: mooie intenties blijven vaak steken in kasten vol rapporten.’
‘Voorafgaand aan de vraag hóé we werk en zorgtaken eerlijk kunnen verdelen, moeten we onszelf afvragen: wat voor samenleving willen wij zijn? Kiezen we voor een uitbestedingssamenleving, waarbij je allerlei zorgtaken door iemand anders laat overnemen? Of een zorgsamenleving, waarbij je thuis samen de zorg regelt?’
‘Bij de eerste optie horen investeringen in goedkope én goede kinderopvang, waarbij de overheid toeziet op de kwaliteit, zoals dat in Frankrijk ook gebeurt. Je kunt ook denken aan een pool van tuinmannen die je via de gemeente kunt inhuren en schoonmaak die je via uitzendbureaus kunt regelen tegen een eerlijk tarief.’
‘Het uitbesteden van huishoudelijke taken vinden we helemaal niet zo vreemd, want we koken ook steeds minder en laten steeds vaker eten thuisbezorgen dan twintig jaar geleden. Maar waar het vooral op aankomt: het uitbesteden van zorgtaken moet makkelijker worden, zodat mensen er ook echt gebruik van gaan maken. Anders denken ze al snel: het is te duur, te veel gedoe, en komen de taken waar niemand echt zin in heeft meestal bij de vrouw terecht.’
‘Bij de tweede optie van een zorgsamenleving kun je denken aan allerlei fiscale regelingen, maar ook aan een kortere werkweek. Maar of dit mannen ook echt gaat stimuleren om meer in het huishouden te doen? Jaren geleden, in 2002, is er om die reden bij de overheid tijdelijk een 32-urige werkweek ingevoerd. Het probleem bij zulke experimenten is echter: ze worden al na één à anderhalf jaar geëvalueerd. Dat heeft helemaal geen zin! Zo’n gedragsverandering duurt jaren.’
&w=1200&q=75)
Joop Schippers (65) is hoogleraar arbeidseconomie aan de Universiteit Utrecht. In het verleden was hij commissielid van de Visitatiecommissie Emancipatie en raadslid van de Emancipatieraad, adviesorganen bij de rijksoverheid op het terrein van emancipatievraagstukken.
De tekst gaat verder onder de banner
Verdiep je in de resultaten van het Nationaal Salaris Onderzoek
In de vijfde editie van het Nationaal Salaris Onderzoek verdiepen wij ons in de whitepaper in de trends op het gebied van beloning en de ontwikkeling van de salariskloof tussen mannen en vrouwen. De whitepaper biedt gedetailleerd inzicht in onder andere de loonkloof, salarisontwikkeling en vertrekintenties.
Mark van Ostaijen: ‘Tornen aan ‘tradities’ vinden mensen beangstigend’
‘Het Nederlandse emancipatiebeleid dateert uit de jaren ’70 van de vorige eeuw. Als je naar het emancipatiedocument van 50 jaar geleden kijkt, en je ziet dat veel waar we het nu nog over hebben toen al op de agenda stond, dan krijg je toch het schaamrood op je kaken? Het zijn nog steeds de vrouwen die geproblematiseerd worden. Ze moeten eerder kinderen krijgen, meer uren gaan werken, noem maar op. Met SIRE-campagnes als ‘Wie is die man die zondag het vlees komt snijden’ werd hoogstens gepleit voor meer betrokkenheid van mannen bij de zorgtaken. Maar ondertussen werden vrouwen nog steeds gedefinieerd als hoofdverzorger.’
‘Vrouwen worden bovendien tegen de mannelijke norm afgemeten, of het gaat om gelijke lonen, het aantal gewerkte uren of de verdeling van werk en zorgtaken. Nederland heeft traditioneel een kostwinnerscultuur. Wanneer aan zulke ‘tradities’ wordt getornd, is dat voor veel mensen beangstigend.’
‘Daarnaast wordt in Nederland veel waarde gehecht aan individuele keuzevrijheid. Die zorgt er echter ook voor dat de overheid zegt: hoe mannen en vrouwen de zorgtaken met elkaar regelen, moeten ze maar zelf aan de keukentafel uitvechten. Daarmee wordt emancipatie iets van vrouwen en blijven mannen buiten schot. Zij krijgen dispensatie van emancipatie.’
‘Vrouwen die geen fulltimebaan hebben, worden als ‘deeltijdprinsesjes’ neergezet, terwijl mannen nooit de vraag krijgen of ze niet meer zorgtaken op zich zouden willen nemen. Wist je trouwens dat niet alleen Nederlandse vrouwen, maar ook Nederlandse mannen Europees kampioen deeltijdwerken zijn? Deeltijdwerk is dus helemaal geen vrouwenkwestie, maar een werknemersvraagstuk. Of fulltime werken de norm zou moeten zijn? Goede vraag. Door rekening te houden met niet alleen betaalde, maar ook onbetaalde arbeid, wordt het in ieder geval eenvoudiger om de zorgtaken te delen.’
&w=1200&q=75)
Mark van Ostaijen (37) is bestuurssocioloog aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Daarnaast is hij managing director van het LDE Centre Governance of Migration and Diversity. Zijn onderzoek omvat migratie, diversiteit en ongelijkheidsvraagstukken.
Vincent Duindam: ‘Gelijke verdeling van zorgtaken biedt mannen allerlei voordelen’
‘Voor mijn boek Zorgende vaders heb ik 182 mannen gesproken. De aanleiding was: vrouwen werden voortdurend aangesproken op hun gebrek aan ambitie, dat ze niet meer wilden werken, etcetera. Ondertussen bleven mannen buiten schot. Ik koos voor een positieve insteek: welke voordelen biedt het delen van zorgtaken voor mannen? De conclusie uit mijn boek was: het levert ze voordelen op op drie vlakken: het is goed voor de kinderen, goed voor de relatie met hun partner en tenslotte goed voor henzelf. Het leidt niet allen tot een betere werk-privébalans, ook maakt de tijd die je thuis met de kinderen en het huishouden doorbrengt je hoofd leeg, waardoor je weer frisse ideeën krijgt voor je werk.’
‘Het boek kwam uit in 1997. Het sloeg in als een bom. Ik ben in de jaren daarop wel duizend keer geïnterviewd. Ook kwamen er heel wat reacties binnen van mannen die altijd kostwinner waren geweest maar inmiddels op hun kleinkinderen pasten en zeiden: “Ik wou dat ik die kans ook destijds met mijn kinderen had gehad, ik heb toch echt iets gemist.”’
‘De mannen uit mijn boek kozen er zelf voor de zorg voor hun kinderen te delen, al was meestal hun vrouw degene die ze over de streep had getrokken. Maar uiteindelijk waren ze zeer tevreden: de combinatie werk en zorgtaken had hun leven verrijkt. The best of both worlds, zoals één van de geïnterviewde vaders het samenvatte.’
‘Dat heb ik ook zelf gemerkt. Mijn vrouw en ik hebben altijd de zorg voor onze dochters gedeeld. Binnen de universiteit was ik de eerste man die ouderschapsverlof opnam. Ik heb mijn werk altijd flexibel kunnen doen. Ook werkte ik veel thuis, waardoor ik echt aanwezig was in het leven van onze kinderen. Toen onze oudste dochter de titel van mijn boek onder de ogen kreeg, zei ze: “Ik wil later ook zo’n zorgende moeder worden”. Waarmee ze eigenlijk mee bedoelde: ik wil later ook werk en zorg combineren.’
‘Ruim 20 jaar later is er een hoop veranderd. Althans, voor vrouwen. Vrouwen zijn vaker hoogopgeleid, ook werken ze steeds meer buiten de deur. Maar voor mannen is er niet zoveel veranderd. Wanneer jonge ouders worstelen met de verdeling van werk en zorgtaken, zijn het steevast de vrouwen die de vraag krijgen: zou je niet eens een dag minder gaan werken? Die vraag wordt zelden aan mannen gesteld.’
&w=1200&q=75)
Vincent Duindam (63) is docent-onderzoeker interdisciplinaire sociale wetenschappen aan de Universiteit Utrecht. Daarnaast is hij auteur van een tiental boeken, waaronder Zorgende vaders en Ruimte voor mannen.
Ook in onze aflevering van De Minder Werken Podcast hebben we het gehad over het verdelen van werk en zorg in huis, vooral wanneer beide ouders werken. Luister deze en andere afleveringen terug.
:focal(803x1135:804x1136)&w=256&q=75)