:focal(867x332:868x333)&w=3840&q=75)
De grote paradox: de wereld lijkt in brand te staan, maar de economie floreert als nooit tevoren
Politici en bedrijfsleiders wereldwijd zijn nog nooit zo somber geweest over de toestand in de wereld. Oorlogen, handelstarieven en vooral een onberekenbare Amerikaanse president bedreigen de economie. Maar wat blijkt? Onze economie staat er prima voor. We vragen aan experts en economen waar dat verschil in gevoel en realiteit vandaan komt.
„Je kunt er niet omheen: de economie draait eigenlijk ongekend goed’’, zegt schrijver en econoom Jona van Loenen. Opsommend: de werkloosheid staat op een alltime low, we hebben de sterkste koopkrachtstijging in jaren achter de rug en deze week ging de AEX door de magische grens van 1000 punten. „Alle seinen staan op groen’’, zegt Van Loenen tegen het AD.
Bedrijven verwachten geopolitieke spanningen
Toch voelen de 1300 experts uit het nieuwe Global Risk Report van het World Economic Forum dat totaal niet zo. De makers van het rapport zagen nog nooit zo’n sombere stemming.
Bedrijven verwachten geopolitieke spanningen en de kans op gewapende conflicten in bijvoorbeeld Groenland en Venezuela, en zien het risico dat de oorlog in Oekraïne nog verder escaleert. En dat met alle economische ellende van dien.
Tel daarbij op een totaal onberekenbare Amerikaanse president, importheffingen vanuit de Verenigde Staten en een pandemie waar we eigenlijk pas net van zijn bekomen. Wat blijkt? „Ondanks alles wat ons is overkomen, is de economie blijven draaien. Alsof het een watertje is dat zijn weg wel vindt’’, zegt Van Loenen.
Feitelijke omstandigheden versus sentiment
Het is de paradox van deze tijd, zegt Marieke Blom, hoofdeconoom van ING. ,,Aan de ene kant zijn er grote zorgen over geopolitieke ontwikkelingen, maar economisch zijn er prima vooruitzichten.’’
Een misvatting is volgens haar dat gevoelens en sentimenten de economie dicteren. Alsof de economie in elkaar stort, als veel mensen de wereld wel heel onrustig vinden. „Dat effect is er wel, maar het is niet erg groot.’’
Wat de economie daadwerkelijk bepaalt zijn feitelijke omstandigheden en ingrepen. „Een Suezkanaal dat wordt afgesloten, rentes die stijgen of dalen of wisselkoersen die veranderen’’, aldus Blom.
Contrast tussen koopkracht en consumentenvertrouwen
Dat soort schokkende gebeurtenissen zijn Nederland grotendeels bespaard gebleven, of de economie veerde snel weer op, ook geholpen door overheidssteun. Als voorbeeld: de energiecrisis als gevolg van de Russische invasie in Oekraïne en de daaropvolgende inflatie hebben de uitgaven voor vaste lasten zeker doen stijgen, maar onze inkomens nog meer.
Ons salaris ging in 2025 voor 52,5 procent op aan vaste lasten als voeding, huur en zorgverzekering en abonnementen. Dat was in 2019 nog 55,5 procent, aldus ABN Amro.
Toch ziet Jan-Paul van Kerke, senior econoom van de bank, dat het contrast tussen gevoel en realiteit groot is. „De consument is bijzonder pessimistisch en spaart flink meer van het inkomen dan normaal.’’
De beperkte impact van Amerikaanse importheffingen
Maar Blom (ING), die voor presentaties en lezingen bij veel bedrijven over de vloer komt, signaleert een gevoel van opluchting in het bedrijfsleven over hoe de economie afgelopen jaar draaide.
Dat hadden die bedrijven niet meer verwacht, zeker na de importheffingen die Trump invoerde, en de protectionistische koers (America First) die de president ging varen.
„De handel met Amerika is veel minder belangrijk dan veel mensen denken. Slechts 2 tot 3 procent van Europese economische productie gaat naar de Verenigde Staten.’’
De technologische voorsprong van Nederland en ASML
Veel belangrijker is wat er in ons grote buurland Duitsland gebeurt. En die economie krabbelt na een flink aantal moeizame jaren weer op. „Duitsland moet het traditioneel hebben van sectoren als de auto-industrie en de chemie. Daar moet Duitsland concurreren met China, maar de Duitsers liggen technologisch gewoon achter.’’
En ziedaar Nederland, dat ‘veel beter is gepositioneerd’. „Met ASML en zijn chipmachines hebben we toevallig het bedrijf dat de belangrijkste technologie ter wereld maakt’’, zegt Blom.
Economische stabiliteit en het belang van instituten
Volgens Van Loenen is ASML iets om ‘trots’ op te zijn. Maar er is meer: „Op deze kleine postzegel hebben we de grootste haven en een van de grootste luchthavens van Europa. Qua bedrijvendichtheid staan we vijfde van de wereld.’’
Natuurlijk, hij heeft ook zorgen. Met name over de onvoorspelbaarheid van de huidige wereldpolitiek. „De economie heeft juist baat bij regelmaat. Als die wegvalt, zeggen investeerders: ik wacht wel even met mijn investering. En mensen denken: ik wacht wel even met mijn vakantie.’’
Vertrouwen in organisaties
Van Kerke (ABN Amro) ziet daar een fundamenteler gevaar. „We leven in een tijd waarin wereldwijde schokken samenvallen met grote druk op instituten zoals de centrale banken. Als het vertrouwen in die organisaties wegvalt, neemt de onzekerheid toe. Je weet dan simpelweg niet meer of er bij een crisis nog wel op de juiste manier wordt ingegrepen.’’
Het is aan Nederland om een aantal dossiers snel op te lossen om de huidige welvaart op peil te houden: het stikstofprobleem, het overvolle stroomnet en de tekorten in de zorg bijvoorbeeld. „Als het buiten stormt, kun je maar beter zorgen dat je eigen huis er goed voor staat.’’
