.jpg&w=3840&q=75)
Ondanks coronacrisis was vertrouwen in eigen baan zelden zo hoog
Het was een bewogen jaar op de arbeidsmarkt, zoveel is duidelijk. Hele branches verdampten en veel mensen zagen zich genoodzaakt tot een carrièreswitch. Niet vreemd dus dat het vertrouwen in de arbeidsmarkt een deuk heeft opgelopen. Tegelijkertijd was het vertrouwen in baanbehoud sinds 2013 niet meer zo hoog, blijkt uit het jaarlijkse Intermediair Imago Onderzoek (IIO).
We zijn op zoek naar meer zekerheid dan voorheen, laat het Intermediair Imago Onderzoek overduidelijk zien. De ruim 4.500 hoogopgeleide respondenten zijn van plan om langer bij hun huidige werkgever te blijven dan voorheen. Bijna de helft van de werkenden geeft aan niet te willen wisselen van baan, omdat ze hun vaste contract niet willen opgeven. Ter vergelijking: vorig jaar dacht slechts 38 procent er zo over. 71 procent van de hoogopgeleiden in het onderzoek heeft een vast contract.
&w=1200&q=75)
Google Favoriete Werkgever 2021
In het Intermediair Imago Onderzoek 2021 hebben hoogopgeleiden door middel van een open vraag beantwoord voor welke drie werkgevers zij het liefst zouden willen werken. Google is dit jaar uitgeroepen tot Favoriete Werkgever van 2021. Vorig jaar stond de techgigant op nummer 3. Van de non-profitorganisaties gaat de Politie met de winst naar huis. Nieuwkomers in de top 10 dit jaar zijn ASML, Bol.com en Microsoft. Verder komen in de top 100 opvallend vaak ziekenhuizen voor, waarvan de hoogst genoteerden Amsterdam UMC (31) en UMC Utrecht (43) zijn. Beide zijn ten minste twintig plaatsen gestegen in de ranking. Kijk hier voor meer informatie over het onderzoek.
Ook is het aantal werkenden dat actief op zoek is naar een nieuwe functie gedaald ten opzichte van vorig jaar. Met name vrouwen lijken voorzichtiger te zijn geworden. Slechts 9 procent is om zich heen aan het kijken, bij mannen is dat 16 procent. Sharita Boon, commercieel directeur van DPG Recruitment, waar Intermediair onder valt, zegt hierover: ‘Hoogopgeleiden met een vast contract zijn erg honkvast op dit moment. Daardoor moeten werkgevers harder hun best doen om schaars talent aan te trekken.’
De hoogopgeleiden die tóch openstaan voor een nieuwe functie, geven aan dat de inhoud van hun werk niet leuk of uitdagend is en dat er geen doorgroeimogelijkheden zijn. Vrouwen geven vaker dan mannen aan dat ze willen vertrekken omdat een goede werk-privébalans ontbreekt. ‘Als je een inclusieve organisatie wil, is het slim om aan dit punt aandacht te besteden’, zegt Boon hierover. Uit het IIO blijkt ook dat 63 procent van de werknemers een diverse en inclusieve organisatie verlangt. ‘Zeker de jongere doelgroepen hechten hieraan veel waarde.’
&w=1200&q=75)
Als hoogopgeleiden toch op zoek gaan naar een andere baan, zeggen zij duurzaamheid een belangrijk aspect te vinden: bijna driekwart verkiest een bedrijf dat duurzaamheid belangrijker vindt dan winst. Maar hoe belangrijk vinden we het nu écht? Als je dieper in de data duikt, blijkt dit tegen te vallen. We willen wel een duurzame werkgever, maar niet als dit zich vertaalt naar het salarisstrookje: 61 procent van de werkenden gaat dan toch voor een werkgever die meer betaalt. Hetzelfde geldt voor een vast contract: 69 procent is eerder geneigd voor een werkgever te kiezen die niet bezig is met duurzaamheid, maar wel een vast contract aanbiedt, dan voor een tijdelijk contract bij een duurzaam bedrijf. ‘Ook hier zien we een verschil tussen mannen en vrouwen’, zegt Boon. ‘Vrouwen kiezen eerder voor een organisatie die duurzaamheid hoog op de agenda heeft staan: 93 procent versus 81 procent van de mannen.’
Hoe is het Intermediair Imago Onderzoek uitgevoerd?
Wie de favoriete werkgevers zijn, wordt bepaald op basis van een open vraag aan het begin van het Intermediair Imago Onderzoek. De 4.500 respondenten mogen drie bedrijven noemen waarvoor ze het liefst willen werken. De gegeven antwoorden worden na afloop van het onderzoek gecodeerd. In de coderingen worden alleen specifiek genoemde organisaties (bijvoorbeeld Amsterdam UMC) meegenomen. Algemene termen (bijvoorbeeld ziekenhuis) vallen in de categorie ‘overig’.
De lijst met gecodeerde bedrijven wordt vervolgens gerangschikt van meest genoemd naar minst genoemd. Het voordeel van deze methode is dat er geen sprake is van een voorselectie van bedrijven. Elke organisatie kan door de respondenten genoemd worden. Uiteraard kunnen we het als nadeel beschouwen dat bekendere bedrijven vaker worden genoemd dan minder bekende bedrijven.
Volgens onderzoeker Anna Newen van Motivaction zijn de gevolgen van de crisis terug te zien in de lijst met favoriete werkgevers. ‘Bedrijven zoals Shell, KLM en NS zijn gezakt in de ranking, tegelijkertijd zie je dat techbedrijven zoals Google, Bol.com en Microsoft juist zijn gestegen.’
Toch zullen veel mensen het opmerkelijk vinden dat bedrijven zoals Shell en de Belastingdienst, die flink onder vuur hebben gelegen, toch nog zo hoog scoren. ‘Je ziet dat dit soort bedrijven er ook in zwaardere tijden in slagen het sterke imago dat ze altijd hebben gehad, te behouden. Ze kunnen tegen een stootje, ook al zijn ze wel iets gezakt in de ranking’, legt Newen uit. ‘Daarnaast relateert bijvoorbeeld KLM aan de Nederlandse trots, daar komt veel emotie bij kijken.’
Een andere reden om juist voor een organisatie te gaan werken die imagoschade heeft opgelopen, is dat mensen iets van binnenuit willen veranderen en impact willen maken, zegt Newen. ‘We maken in onze onderzoeken onderscheid in werknemersdoelgroepen. Sommige groepen werken om zich ontplooien, anderen gaan voor zekerheid en stabiliteit. Een van die werknemersdoelgroepen zijn ook de maatschappijbewuste ontplooiers. Die willen impact maken en zaken verbeteren. Die groep noemt bijvoorbeeld de Belastingdienst relatief vaker als favoriete werkgever – juist omdat ze daar het verschil willen maken. In het verleden hebben we dat ook gezien bij Shell. Sommige mensen die voor Shell kiezen, doen dit juist om een bijdrage te leveren aan de verduurzaming van de wereld.’
:focal(2175x2417:2176x2418)&w=256&q=75)