Kenniswerker van de toekomst: innovator, zelfstandig én veelzijdig

Technici moeten steeds meer kunnen, zo stelt AWT. Innovatie, zelfstandigheid en veel kunnen is noodzakelijk.

De adviesraad voor het Wetenschaps- en Technologiebeleid (AWT) heeft weer eens onderzoek gedaan naar de vraag naar en het aanbod van kenniswerkers. We blijven overspoeld worden met berichten dat we het als Nederland van de kenniseconomie moeten hebben en dat er tekorten aan ‘kenniswerkers’ zijn en verder dreigen.

Gezien de loonverschillen in de wereld is het ook wel duidelijk dat we het niet moeten hebben van productiewerk, maar dat we vooral slim moeten zijn. Daarvoor zijn vooral – technisch geschoolde – kenniswerkers nodig. De kenniswerkersregeling, waarbij buitenlandse medewerkers in dienst genomen kunnen worden, is ervoor bedoeld de pool van kenniswerkers in Nederland op peil te houden.

Ook worden kenniswerkers in de gelegenheid gesteld de crisis te ‘overleven’ door tijdelijke plaatsing bij een kennisinstituut. Slechts circa 12 procent van de beroepsbevolking valt volgens de criteria van AWT onder de definitie ‘kenniswerker’. AWT staat onder voorzitterschap van oud-minister van Buitenlandse Zaken Uri Rosenthal.

Actieplan ‘vaardigheden’

Toch valt het verschil in vraag en aanbod in Nederland mee: 0,4 procent per jaar. Bij elkaar opgeteld is het echter toch aanzienlijk wat Nederland dan elk jaar aan kenniswerkers tekort komt. Er zijn andere landen waar een flink overschot is. Dat zijn de bronlanden voor kennismigranten. Maar waarom mensen uit het buitenland halen, als er hier voldoende kenniswerkers – en technici – kunnen zijn?

Fig. 1 Het verschil in vraag en aanbod per land per jaar

Om het verschil in vraag en aanbod te overbruggen, wil de AWT een actieplan ‘vaardigheden’. Daarbij richt AWT zich op ‘innovatieve’ vaardigheden, waarvan volgens AWT veel werkgevers vinden dat veel technici die ontberen: probleemoplossend vermogen, creativiteit en intrepreneurship, en ondernemerschap binnen een bedrijf.

De AWT constateert ook dat er continu moet worden bijgeleerd en beschouwt het als een kenmerk van echte kenniswerkers dat ze dit op het werk al continu doen. Je ziet ook dat kenniswerkers bij elkaar willen zitten in technologische ‘hotspots’ en dat ze niet erg mobiel zijn. Uit het rapport: tweederde van de kenniswerkers blijft hangen in de regio waar ze zijn opgeleid. Ook dat beperkt de goede invulling aan de behoefte aan dergelijk geschoold personeel.

Veelzijdig

Voor het onderzoek heeft de raad gesproken met ruim tachtig mensen; 15 procent van hen was afkomstig uit industrie/bedrijfsleven, de sector waarvoor kenniswerkers van levensbelang zijn. De rest van de geïnterviewden is afkomstig van koepels, beleidsinstellingen en universiteiten.

Rosenthal – zelf politicoloog – weet precies wat er nodig is in technische en innoverende bedrijven: meertalige alleskunners, technici die ook Chinees spreken en die de wensen van mensen kunnen peilen. Daarmee gaat Rosenthal verder dan het rapport van zijn eigen organisatie aangeeft. Dat beperkt zich tot de bovengenoemde vaardigheden: problemen oplossen, creativiteit en intrepreneurship.

Lees ook: