Afkijken: zolang het maar geen jatten wordt
Auteur: Stephanie Bakker |
12-04-2011
| Reacties: 3
|
Mail dit artikel
Bij afkijken denken we aan het jatten van elkaars ideeën en pronken met werk van een ander. Toch zouden we vaker over de schouder van een collega moeten meekijken, menen deskundigen.
Het wordt ons met de paplepel ingegoten: afkijken mag niet. Spieken in de schoolbank is moreel afkeurenswaardig. Het is pronken met andermans veren en het ondermijnt een van de basisgedachten van scholen: kennisopbouw. Basisschoolkinderen leggen beschermend een arm om hun werk om te voorkomen dat er afgekeken wordt.
Zo kinderachtig zijn we op ons werk niet meer, maar collega's die andermans ideeën presenteren als hun eigen idee, zijn de schrik van een op de vijf managers, zo concludeerde detacheringsbureau Accountemps, dat afgelopen jaar voor de Workplace Survey 2.400 managers in tien landen vroeg naar factoren die ze belangrijk vinden in hun werkomgeving.
Die angst voor afkijken is onterecht, vindt Tjeerd Jorritsma, psycholoog bij Arbeids Psychologie Amsterdam. Zolang we het niet hebben over het klakkeloos jatten van andermans gedachtegoed, maar over het leren door goede voorbeelden te volgen. Waarom het wiel uitvinden als een ander al langsrolt? Het is bovendien een veilige manier van leren. Door bij anderen te kijken en te analyseren wat wel en wat niet werkt, maken afkijkers zelf minder fouten. Errorless learning noemen de Britse neuropsychologen Barbara Wilson en Jonathan Evans deze leermethode. Zij onderzochten leerprocessen bij mensen met een slecht werkende geheugenfunctie en ontdekten dat errorless learning mensen minder onzeker maakt dan learning by doing, leren met vallen en opstaan. Volgens Jorritsma gaat dat ook op voor mensen aan wier geheugen niets mankeert. ‘Mensen leren makkelijker door complimenten en positieve feedback. Leren door fouten kan angst en depressieve gevoelens oproepen; het gevoel van "Dat doe ik nooit meer" als iets mis is gegaan.' En als je afkijkt, kom er dan voor uit en bedank de collega in kwestie, raadt Jorritsma aan.
Managers leren door imitatie
De manier waarop mensen leren, verschilt zoals mensen zelf van elkaar verschillen. In het boek Liefde voor Leren beschrijft adviseur Manon Ruijters van Twynstra Gudde vijf leervoorkeuren, van expliciet leren en theoretische kennisverwerving tot impliciet leren in de praktijk. Opvallend is dat juist managers leren door observatie en imitatie. Ze horen graag een goed verhaal over best practices, analyseren wat wel en niet tot succes leidt, en passen dat zelf toe. ‘De kunst afkijken en meeliften op kennis van een ander is voor hen geen manier om werk te omzeilen, maar juist om verder te komen', zegt Ruijters.
De kunst van iemand afkijken is een eeuwenoud leerprincipe. Nina Lazeron, partner bij Academia Aemstel en auteur van het boek Brein@Work, wijst op de gilden, waar de meesters hun gezellen via het principe van voordoen, samendoen en uiteindelijk zelf doen een ambacht leerden. ‘Afkijken zit in onze genen, dat kun je niet verbieden.' Bovendien gebeurt het grotendeels onbewust. Een spiegelsysteem in ons brein zorgt ervoor dat we nadoen wat we zien. Een Italiaans onderzoeksteam aan de universiteit van Parma stuitte tien jaar geleden per toeval op deze spiegelneuronen. Ze bestudeerden de hersenen van apen terwijl die grote en kleine voorwerpen - appels en rozijnen - oppakten. Op een dag raapte een van de onderzoekers een rozijn op van de grond toen hij zag dat een deel van de neuronen in de premotore cortex - het deel van de hersenen dat verantwoordelijk is voor plannen, voorbereiden en selecteren van handelingen - van de toekijkende apen op dezelfde manier actief was als wanneer het dier zelf een rozijn opraapte. Mensen hebben ook spiegelneuronen dus als we iets zien - van hardlopen tot eten - voeren we in gedachte dezelfde handeling uit. Soms gebeurt het iets te letterlijk, zegt hoogleraar cognitieve psychologie Harold Bekkering. ‘Als je een gesprek hebt gehad waarin ideeën werden besproken, kun je je zo inleven dat je echt denkt dat je een idee dat oorspronkelijk niet van jou kwam, zelf hebt verzonnen.'
Afkijken mag best bewust
Afkijken is een essentieel onderdeel van ons leerproces en zou daarom best vaker op een bewuste manier mogen gebeuren, vindt Lazeron. Een collega-coach of een mentor zoeken is één manier, maar gericht een plek in de organisatie kiezen bij een goede leidinggevende van wie veel te leren valt, kan ook. Bekkering ging in het laatste jaar van zijn promotie naar een universiteit in de Verenigde Staten, een periode die zijn wetenschappelijke carrière heeft gevormd, zegt hij achteraf. ‘Ik ging omdat ik een hoogleraar heel goed vond. Toen ik eenmaal met hem werkte, zag ik waarom hij zo succesvol was. Hij kon heldere onderzoeksvragen formuleren, was zeer kritisch en hij deed nog tien keer meer dan het aantal wetenschappelijke artikelen dat hij publiceerde deed vermoeden. Dat heb ik allemaal afgekeken.'
Het spreekt voor zich dat klakkeloos werkmethodes overnemen of gedrag imiteren niet werkt. Het is goed de grote lijnen af te kijken, aldus Bekkering. ‘Een junior consultant die concludeert dat zijn seniorcollega zoveel aanzien heeft omdat hij blunders verzwijgt en goed is in het delen van successen, kan zich voornemen ook goede pr voor zichzelf te gaan maken. De manier waarop hij dat doet, moet hij wel aanpassen aan wie hij is. Zijn collega deelt zijn succes misschien tijdens een meeting, maar als hij zelf niet zo bombastisch is, kan dat gênante situaties opleveren.'
Dat afkijken op de werkvloer geen vlekkeloos imago heeft, komt doordat niet iedereen er even zorgvuldig mee omgaat. Afkijken wordt als vervelend ervaren als slechts een van beide partijen er te veel voordeel van ondervindt, zegt bioloog Patrick van Veen. ‘Apen leren van elkaar hoe ze termieten moeten hengelen, maar als er één te handig wordt en er met alle termieten vandoor gaat, is het hommeles op de apenrots.'
Vooral in werkvelden met veel concurrentie, zoals in de advocatuur, de politiek of de wetenschap, komt ellebogenwerk veel voor. Het aantal plekken voor hoogleraren of partners is beperkt en schaarste brengt het slechtste in de mens naar boven, zegt Bekkering. Hij deed ooit een subsidieaanvraag voor onderzoek naar spiegelneuronen. Nog vóór hij de resultaten bekend kon maken, stonden ze in een wetenschappelijk tijdschrift. Een onderzoeker had schaamteloos zijn idee gekopieerd en er een artikel over gepubliceerd. Hij verdenkt een beoordelaar van zijn subsidieaanvraag: ‘Het was zo'n absurd experiment, dat verzin je niet als je je nog nooit met het onderwerp hebt beziggehouden, zoals deze persoon.'
Niet lijdzaam toezien
Bekkering kon niets beginnen, omdat hij niet kon bewijzen dat zijn onderzoeksidee was gestolen, maar over het algemeen is het geen goed idee maar lijdzaam toe te zien hoe iemand er met je geesteskind vandoor gaat of de credits ontvangt voor een project waaraan jullie samen hebben gewerkt. ‘Claim ideeën zo snel mogelijk door overal te vertellen dat je ermee bezig bent. Tegen collega's, maar zeker ook tegen het management', zegt Van Veen. Zijn idee om apengedrag te vergelijken met dat van mensen is talloze keren gekopieerd. Hij hanteert twee strategieën: de strijd aangaan - bij voorbeeld door te verwijzen naar het auteursrecht - of proberen samen te werken. ‘Een dierentuin wilde zelf de lezingen gaan doen. Ik heb opgebeld en voorgesteld het samen te doen; daar wordt het alleen maar beter van.' Dat kan op de werkvloer ook, wil hij maar zeggen. Tegen een collega die jouw idee voorstelt, kun je ook zeggen: ‘Wat een fantastisch idee, zal ik je meehelpen?' Weinig bazen of collega's die daar ‘nee' tegen zullen zeggen.
Illustratie: Carolyn Ridsdale
Meer artikelen in de rubriek 'Werketiquette'
Reageer, print of deel dit artikel
Reacties op dit artikel:
Borre | 12 april 2011 (11:24)
Imitatie met afwijking is vaak de manier waarop "afkijken" wordt toegepast. Het is ook niet nodig het wiel helemaal opnieuw uit te vinden. Of het nou gaat om als manager te functioneren of een product op de markt te brengen.
Bijv: De iPhone is een denderend succes, zowel op het gebied van hardware als software. Hoeveel bedrijven proberen dan wel niet een soort gelijk product neer te zetten? Ik kan je een heleboel vergelijkbare merken geven die dit succes willen imiteren.
Ik zeg altijd: Monkey see.... monkey do.
hypocriticus | 12 april 2011 (16:36)
Waarom zouden we allemaal wel mogen kijken naar 'lessons learned' van mislukte zaken, intern of extern, maar niet naar wat een ander goed doet? Er zit een verschil tussen makkelijk na-apen van succesverhalen, of zowel in negatief als positief kijken naar mensen en beslissingen om je heen. Wat ik ook las en voelde bij dit artikel: je kunt inderdaad iets goed zelf overdenken en opzetten, maar voor je het weet gaat een ander er mee vandoor.
Dus ja, sneller iets oppakken met een vleugje van andermans eerdere werk kan lonend zijn.
Vreemd dat we op school min of meer leren qua zesjescultuur dat je genoeg resultaat behaald hebt zonder teveel inspanning, en later in het bedrijfsleven merken dat je bij boven het maaiveld uitsteken erg veel energie ergens zelf in moet steken, of moet meeliften met anderen, of anderen mee moet laten liften om draagvlak te krijgen.
Max von Kreyfelt | 12 april 2011 (18:12)
De rechter heeft het over plagiaat, wanneer het product op uiterlijke gronden gelijkenis vertoond, zonder dat er op essentiële gronden sprake is van een eigen inventie. Gelijkenis mag dus wel van de rechter, wanneer er daarnaast ook sprake is van een feitelijke verbetering. Goede bedrijven, weten talent vaak op de juiste (hoge) waarde in te schatten en aan zich te binden, waardoor deze met hun producten of diensten markt-initiatieven durven en kunnen nemen. Het afkijken of plagiëren zullen bedrijven altijd moeten verrekenen met een lagere waardering binnen de markt. De consument straft dat af door een lagere prijs te verlangen! Het is vanzelfsprekend dat een lage representatie in de markt ook terug te vinden is binnen de bedrijfscultuur. Innovatieve bedrijven gaan nu eenmaal netter om met het gedachtegoed en ideeënrijkdom van haar medewerkers, waardoor er meer vertrouwen en uitwisseling is op de werkvloer. En dat is uiteindelijk de werkelijke waarde van een onderneming ook op langer termijn.
|