Algenteelt veelbelovend maar nog niet rendabel

Het groene goud


Auteur: Kees Versluis | 25-06-2008 | Share/Bookmark Mail dit artikel

G Geen koeien of graan, maar vijvers vol groene drab. De alg als landbouwgewas heeft de toekomst, denken sommige wetenschappers en ondernemers, want het kleine groene plantje verdubbelt zich in een dag. Grootste probleem: het kost veel energie om het te oogsten.



Tussen Apeldoorn en Hengelo de snelweg af, dan over binnenwegen die steeds kleiner worden, totdat je belandt op een doodlopend weggetje waar stapvoets de norm is. Aan het eind staat een grote boerderij zoals alle andere hier in de Achterhoek. Maar al bij binnenkomst blijkt dat Carel Callenbach een heel ander soort boer is dan zijn buren. De mooie boerderijkeuken is omgebouwd tot een laboratorium, waar een promovendus bezig is met reageerbuisjes met een groene vloeistof erin: algen.

Waar je achter de boerderij weilanden verwacht, liggen twee grote bassins. Ze hebben de vorm van een racecircuit: rechthoekig met ronde hoeken. Een groot schoepenrad zorgt dat het groene water permanent stroomt. Ingrepro BV, zoals het bedrijf van Callenbach heet, is een van Nederlands grootste algenboerderijen.

In de schuren geen koeien of hooi, maar een grote centrifuge. Om de algen te oogsten, legt Callenbach uit. Tijdens het centrifugeren worden de piepkleine plantjes uit het water geslingerd. Dat levert een soort algenstroop op, even verderop bewaard in een groot bad. Ingrepro verkoopt het voor een deel aan viskwekerijen; kweekzalm en -forel zijn dol op alg. Het grootste deel van de algenstroop drogen Callenbach en zijn zeven collega's echter in tot poeder. Algenpoeder ­ het staat te wachten in plastic zakken ­ doet zo'n 35 euro per kilo, zegt Callenbach. Je kunt er volgens hem van alles van maken: vogelvoer, algenplastic, milieuvriendelijke golfballetjes, mobiele telefoons, om maar wat te noemen.

Dertien keer meer biodiesel

Algen kweken gebeurt al decennia. Op kleine schaal, vooral in Azië en de Verenigde Staten. Het grootste deel van die algenproductie was altijd bedoeld voor drogisterijen. Die maken er blubberige algenmaskercrèmes van (tegen rimpels) en poedertjes, pillen en zalfjes voor van alles en nog wat: van acné tot stoelgangbevorderaars.

Sinds een jaar is de belangstelling voor algen sterk toegenomen. Omdat je er ook algendiesel van kunt maken, net als van kool- en raapzaad wat in Duitsland veel gebeurt. Die laatste gewassen liggen sinds kort zwaar onder vuur omdat ze kostbare landbouwgronden bezet houden en zo de voedselprijzen opstuwen.

Van een hectare algen kun je 20.000 liter biodiesel halen, beweren algenpleitbezorgers. Tegen zo'n 1.500 liter bij koolzaad. Dat komt doordat algen zo ontzettend snel groeien; onder de juiste omstandigheden verdubbelt de hoeveelheid algen zich in de bassins iedere dag. Bovendien kun je voor algenteelt onnut, onvruchtbaar terrein gebruiken. De algenvijvers van Ingrepro liggen in een gebied dat volgens het bedrijf te drassig is voor landbouw. Verloren stukjes land tussen de snel- en spoorwegen: ook heel geschikt. En misschien het belangrijkste: je kunt algen ook in zout water verbouwen. De verdroogde kusten van woestijnachtige en subtropische gebieden zijn ideaal. Daar valt geen maïskolf of bloemkool te verbouwen, dus de voedselprijzen worden niet beïnvloed.

Die 20.000 liter is overigens nog wel theorie, iets wat alleen op laboratoriumschaal gelukt is, zeggen deskundigen. 'Maar het is een heel reële schatting, die inmiddels hier en daar al praktisch gehaald wordt', zegt René Wijffels, hoogleraar bioprocestechnologie in Wageningen.

Biodiesel uit algen: in de late jaren zeventig en tachtig is daar door de Amerikaanse overheid ­ na de oliecrisis ­ tientallen miljoenen aan onderzoeksgeld ingepompt. De eindconclusie toen: technisch kan het, maar economisch is het niet haalbaar. Waarom nu dan wel? 'Omdat de olieprijs toen snel daalde naar zo'n 7 dollar per vat, tegen meer dan 120 nu', zegt Johan Grobbelaar, hoogleraar botanie en genetica aan de Universiteit van die Vrijstaat in Bloemfontein, Zuid-Afrika, en volgens sommigen 's werelds grootste algenexpert. Tel de plotselinge voedselcrisis bij die hoge olieprijs op, en daarnaast de verbeterde algenkennis en techniek: voilà, daarom zijn algen plots hot.

Nog te duur

Toch komt algenteelt ook heden ten dage economisch nog niet goed uit, erkennen de wetenschappers. Het vreet namelijk energie, vooral om de stroming in de bassins op gang te houden en de algen uit het water te centrifugeren. De Nieuw-Zeelandse biotechnoloog Yusuf Chisti zet de prijzen voor biobrandstoffen periodiek systematisch op een rijtje. Voor algendiesel komt hij nog altijd uit op een kostprijs ruim boven die aan de pomp (terwijl de conventionele dieselprijs ook nog eens grotendeels door accijns bepaald wordt, niet door productiekosten).

Wageninger René Wijffels heeft onlangs onderzoek gedaan voor energiebedrijf Delta. Hij kwam op vier à vijf euro per liter algendiesel. Economisch inderdaad niet haalbaar, zegt Wijffels. Tenzij je het slim aanpakt.

Met zo'n slimme aanpak is Grobbelaar bezig. Hij werkt met collega's aan een algenkwekerij pal naast de platinamijnen in het Zuid-Afrikaanse Rustenburg. Bij de platinawinning komt veel koolstofmonoxide vrij, dat makkelijk is om te zetten in koolstofdioxide, ofwel: gratis algenvoer. Bovendien wil Grobbelaar niet alleen het olierijke deel van de alg gebruiken (waar de biodiesel uit komt).

Goedkope alg

Die olie maakt hooguit veertig procent van de algenmassa uit. De rest ­- goeddeels cellulose ­- wil hij omzetten tot ethanol dat bijgemengd wordt bij benzine. Die techniek staat nog in de kinderschoenen, maar maakt volgens Grobbelaar snel vorderingen. Wat dan nog overblijft van de alg zijn eiwitten, die Grobbelaar om wil zetten in methaan om op te koken. 'Zo gebruiken we honderd procent van de alg, en wordt het veel goedkoper', zegt hij.

Volgens een vergelijkbaar principe werkt Ingrepro in de Achterhoek. Het bedrijf is in het nabijgelegen Geesteren bezig met de bouw van een biomassa-installatie voor algendiesel, om de hoek bij een aantal grote varkensboeren. Hun varkensmest, waarvoor ze moeten betalen om het kwijt te raken, bevat veel stikstof, naast kooldioxide de tweede belangrijke voedingsstof voor algen. 'Door dit soort reststromen te gebruiken, drukken we de prijs', zegt directeur Callenbach. Algen gedijen bijvoorbeeld ook prima op rioolwater: de alg wordt gevoed, en het water tegelijk gezuiverd. Met de productie van allerlei bijproducten drukt Ingrepro de kosten nog verder. 'Wij draaien zonder subsidies rendabel.' 

Tachtigduizend verschillende algensoorten

'Het pionieren van Ingrepro is ongelofelijk belangrijk', zegt Wouter van Winden. Deze biotechnoloog won vorig jaar samen met een DSM-collega de Leo-Petrus-Innovation-Trophy (honderdduizend euro) voor zijn onderzoek naar nieuwe productiemethoden voor algendiesel. Toch verwacht Van Winden het echte heil van grote multinationals, die tientallen miljoenen kunnen investeren in grootschalig onderzoek.

Dat KLM heeft aangekondigd binnen twee jaar deels op algendiesel te willen vliegen, is volgens hem prematuur; de echte doorbraak ziet hij vooral in de grote algendieselproeffabriek die Shell met het bedrijf HR Biopetroleum wil gaan bouwen op Hawaï. 'Een van de kernvragen is inderdaad hoe je de productie en logistiek van algendiesel grootschalig aan kunt pakken', zegt Van Windens Wageningse collega Wijffels.

Ook naar andere bottlenecks in de algenkweek is volgens Wijffels nog veel onderzoek nodig. Hoe kan het hoge energieverbruik naar beneden, bijvoorbeeld. Of: hoe zorg je ervoor dat algen meer lipiden (de oliën waarvan biodiesel te maken valt) produceren? Wereldwijd bestaan er naar schatting tachtigduizend algensoorten met heel verschillende eigenschappen. Slechts een handjevol daarvan wordt tot nu toe gebruikt voor algenteelt. Ook de omstandigheden waaronder algen gekweekt worden, heeft grote invloed op hun eigenschappen. 'Daar is nog maar weinig onderzoek naar gedaan.'

Misschien wel de belangrijkste onderzoeksvraag, waarover algenkwekers elkaar momenteel flink in de haren vliegen: heeft algenkweek in 'open systemen' de toekomst (zoals de bassins van Ingrepro), of kun je algen het best kweken in gesloten, doorzichtige buizensystemen? Een algenkwekerij lijkt in het laatste geval meer op een soort raffinaderij dan op een boerderij.

Nederland minder geschikt

Het voordeel van het buizensysteem: de omstandigheden (warmte, licht, menging) zijn veel beter te regelen, waardoor de algenoogst per hectare in theorie twee tot vijf maal hoger zou zijn dan in open bassins. Maar nadelen zijn er eveneens: de kosten zijn veel hoger, de algen hebben de neiging aan de wanden van de buizen vast te groeien en er ontstaat te veel zuurstof in het buizensysteem dat eruit moet.

Callenbach van Ingrepro is ervan overtuigd dat volledig gesloten systemen (alleen buizen) het niet worden. 'De tijd moet uitwijzen welke methode beter is', meent Wijffels daarentegen. Anders dan Callenbach gelooft hij op dit moment juist meer in de 'gesloten systemen'. De Zuid-Afrikaan Grobbelaar wedt op beide paarden. Naast de platinamijnen van Rustenburg legt hij zowel open bassins aan als een buizeninstallatie.

Is Nederland met zijn gebrek aan zonlicht en warmte eigenlijk wel geschikt voor algenteelt? De meeste Nederlandse deskundigen menen van wel. Zonlicht is er volgens hen in Nederland genoeg; de winterkou zou je kunnen compenseren door koelwater van fabrieken of elektriciteitscentrales te gebruiken. Wouter van Winden is sceptischer: de grondprijzen in Nederland zijn veel te hoog om algenteelt rendabel te maken.

De Zuid-Afrikaan Grobbelaar moet er zelfs een beetje om lachen, algenteelt in Nederland. In warme landen groeien algen wel degelijk veel sneller, zegt hij. En hij is het met Van Winden eens dat Nederland met zijn vruchtbare gronden en hoge bevolkingsdichtheid een 'wonderlijke keuze' is. Droge kustgebieden waar niets wil groeien, hebben volgens hem de toekomst: 'Zuid-Afrika, zuidelijk Spanje, Australië.'

Fotografie Dolph Cantrijn

Wellicht ook interessant:
Meer artikelen in de rubriek
'Weekblad archief'

Reageer, print of deel dit artikel

  • Reageer (0)
  • Print
  • Share/Bookmark Mail dit artikel
Het kan enige tijd duren voordat je reactie geplaatst wordt.

Het is de redactie van Intermediair toegestaan om de inhoud van de reactie met naam en toenaam te hergebruiken in de print uitgave van Intermediair.

Reacties worden niet direct op de site geplaatst. De redactie controleert vooraf of de reactie aan een aantal voorwaarden voldoet. Deze voorwaarden zijn:

  • Reacties dienen betrekking te hebben op de inhoud van het betreffende artikel of onderwerp.
  • Reacties mogen geen beledigingen, bedreigingen, al dan niet fictief, aan het adres van de andere sitebezoekers of aan prominente personen bevatten.
  • Uitingen van geweld, racisme, anti-semitisme, het zwartmaken van individuen, groepen of organisaties worden niet getolereerd.
  • De reactie moet kort en bondig zijn (maximaal 1.000 karakters), te lange reacties worden niet geplaatst.
  • Het plaatsen van persoonsgegevens zoals telefoonnummers en adressen in de tekst van de reacties is niet toegestaan.
  • Links naar websites en reclame voor producten en/of diensten worden niet geplaatst.
  • Reacties die volledig in hoofdletters zijn getypt en/of vol staan met uitroeptekens en vraagtekens worden niet geplaatst.
  • Reacties die vol staan met taalfouten worden niet geplaatst.

De redactie behoudt zich het recht voor om reacties aan te passen, in te korten of te verwijderen. De redactie gaat niet in discussie over geplaatste of verwijderde reacties.


Ik ga akkoord met de voorwaarden

Zoek in vacatures voor hoogopgeleiden: