Frans Galjee | 27 november 2007 (18:22)

Graag wil ik reageren op het artikel: ?Wat is waar? - Mythen en halve waarheden over het klimaat?, zoals beschreven in de Intermediair no 47 van 23 november 2007. De laatste tijd lijkt het over niets anders meer te gaan dan over het klimaat en de veranderingen die daarin optreden. Begrippen als duurzaam of groen en CO2 neutraal om enkele te noemen worden zelfs in advertenties gebruikt en misbruikt. Klimaat is een echte hype geworden met alle gevolgen van dien. Voor- en tegenstanders van Al Gore strijden om hun waarheid en het lijkt er tegenwoordig sterk op dat we leven in een tijd dat religie als wetenschap wordt onderzocht en helaas wetenschap als religie wordt beleden maar vooral ook een rol speelt in politiek belang. Een storm of een warme dag in de winter en iedereen ziet hierin direct weer een bewijs dat het klimaat een verkeerde richting in gaat en de mens daaran schuldig is. In deze tijd dat het voorspellen van het weer voor enkele dagen vooruit al een ondoenlijke zaak blijkt te zijn is men wel stellig in het kennen van de richting waarin het klimaat zich de komende jaren gaat ontwikkelen gebaseerd op, naar klimatologische schaal, een momentopname met ook nog een slechte camera.

Alvorens later dieper op het artikel in te gaan wil ik eerst mijn huidige standpunt in deze kwestie verklaren.
1) Het klimaat verandert en dat doet het al vanaf het ontstaan van de aarde.

2) Ik wil ook aanmenen dat de globale temperatuur stijgt al moet ik daarbij wel aantekenen dat het hierbij van belang is te weten welke tijdsperiode, waarover een temperatuurtrend wordt bepaald, relevant is om een verandering van de globale temperatuur als verbonden met een klimaatsverandering met voldoende zekerheid te kunnen vaststellen. Voorts gaat het hierbij om slechts een geringe temperatuurverandering waarbij, gezien de wijze van meten (lokaal) en de korte periode van meten, het de vraag moet zijn met welke nauwkeurigheid en betrouwbaarheid de verandering van de globale temperatuur kan worden vastgesteld. Meten is ook hier zeker nog niet altijd ook weten! Op de tijdschaal waarop klimaatveranderingen plaatsvinden, meten we dus slechts een zeer korte periode en de indirecte cq afgeleide globale temperaturen uit het verleden zijn wat het zijn namelijk afgeleide temperaturen met de daaraan toe te kennen marge van betrouwbaarheid. Maar goed ook ik wil geloven dat de globale temperatuur stijgt ofschoon het eigenlijk voor deze discussie niet uitmaakt of er sprake is van een stijging of juist misschien een daling.

3) Ten aanzien van de oorzaak van deze stijging van de globale temperatuur kom ik tot de kern van de zaak. Mijn standpunt is dat er inderdaad een relatie is tussen CO2 in atmosfeer en de globale temperatuur. Echter mijn mening is ook dat deze relatie op een wisselwerking berust van een grote, en vooral nog voor groot deel onbegrepen, complexheid en daarbij tevens onder invloed staat van veel andere factoren die maken dat deze relatie niet eenduidig of bekend is. Het stellen dat de globale temperatuur stijgt als gevolg van de toename van CO2 in de atmosfeer is te kort door de bocht, is wetenschappelijk nog niet voldoende onderbouwd en wordt ook niet altijd gestaafd door de afgeleide waarnemingen uit het verleden. Men weet gewoon nog te weinig af van de CO2 cyclus in interactie met land- en zeeorganismen en eigenschappen en de invloed van de fotochemische processen in de atmosfeer. Toch is er steeds weer die stelligheid waarmee vanuit de huidige wetenschap en politiek, en deze twee zaken zijn helaas ook niet meer als onafhankelijk te zien, dit eenvoudige verband wordt aangehangen namelijk de globale temperatuur stijgt ten gevolge van de stijging van CO2 in de atmosfeer. Tot zover is er eigenlijk ook nog niets aan de hand omdat, al hoewel door de mens nog onbegrepen, de natuurlijke processen gewoon hun gang gaan en klimaat veranderingen doorgaan.

4) Echter nu kom ik tot de kern ervan en waardoor het, indien juist, ook terecht als een probleem of naderende ramp wordt gezien. De heersende mening is, en Al Gore adverteert deze boodschap, dat de mens met het verbranden van vooral de fossiele brandstoffen bezig zoveel CO2 in de atmosfeer te pompen dat de hoeveelheid CO2 de balans verstoort van het natuurlijke gedrag van CO2 in de CO2 cyclus. Dit zou kunnen maar zoals hiervoor aangegeven weten we er nog te weinig van en wellicht is er een andere nog niet gevonden oorzaak te vinden voor de stijging van het CO2 gehalte in de atmosfeer. Rekenmodellen zijn heilig verklaard ondanks de erkende hieraan geldende beperkingen. Resultaten van onderzoek moeten vooral het heersende beeld bevestigen want er wordt inmiddels veel geld verdiend aan al die zaken die met bestrijden van de klimaatverandering te maken hebben. Conclusies van rapporten lijken al te zijn geschreven nog voor onderzoek ook daadwerkelijk heeft plaatsgevonden. En erger nog maatregelen worden bestudeerd als bijvoorbeeld injecteren van a�rosolen in atmosfeer en zaaien van ijzerdeeltjes in oceanen waarvan in deze situatie van te weinig kennis er effecten mogen worden verwacht die men niet had bedoeld en het middel erger kan zijn dan de kwaal. De geschiedenis laat daarvan genoeg voorbeelden zien. We wachten af maar er is een ander veel belangrijker punt hier op te voeren.

5) Waarom richt de aandacht zich bij het onderzoek naar de invloed van de mens op de effecten op het klimaat en niet op de problemen waarvan we de feiten wel kennen en dagelijks kunnen vaststellen en ik doel hiermee op de huidige energiecrisis. Fossiele brandstoffen als veruit de belangrijkste verschaffers van onze energie zijn niet alleen een mogelijk probleem voor ons klimaat maar raken vooral ook op en er zijn nog geen duurzame alternatieven voorhanden ook niet op termijn van 10 tot 20 jaar. Met de opkomende economie�n als China en India en het gegeven dat steeds moeilijker te winnen en vooral vuilere velden moeten worden aangeboord zorgt er in ieder geval voor dat de uitstoot van CO2 de komende jaren alleen maar sterk zal gaan toenemen mede ook paradoxaal vanwege de inzet op energiebesparingen en ontwikkeling en inzet van alternatieve duurzame alternatieven. Interessant is in de discussie, die zeker weer zal losbarsten over de inzetpotentie van alternatieve bronnen, deze te beoordelen naar de EIoEO verhouding (en verloop ervan in tijd) van de (EI) energie (vaak fossiel ) die nodig is in gebruik van de energiebron van wieg tot graf tot die energie die schoon wordt opgewekt (EO).
Helaas en heel ironisch eigenlijk maar met het uitputten van de grote en gemakkelijk toegankelijke gas- en olievelden en de verschuiving naar moeilijker bereikbare en vooral vuilere velden (zoals de exploitatie van de Canadese teerzanden) maar ook met de overgang naar duurzame energiebronnen is er dus een milieuschade te verwachten die van dezelfde of zelfs groter schaal is dan de milieuschade gekoppeld aan het kunnen blijven exploiteren van de oorspronkele velden zo die onuitputtelijk zouden zijn. Kortom ontkoppel toch klimaatonderzoek en energieonderzoek van elkaar en richt de aandacht vooral op deze laatste omdat daar er problemen zijn die opgelost moeten worden op de meest korte termijn.

Echter tot zo ver mijn mening en dus als redelijk neutraal toeschouwer van deze klimaatsoap begon ik hoopvol aan het lezen van het artikel dat licht zou doen schijnen over de zin en onzin van de klimaatproblematiek.

In de inleiding onder de titel: ?nog twaalf jaar te gaan? stelt Pier Velinga dat over twaalf jaar er voldoende technologie�n rijp zijn waarmee doelstelling van 20% reductie in CO2 uitstoot tov 1990 gehaald kan worden. Hij noemt opslag van CO2 ondergronds, inzet van biomassa en benutting van aardwarmte. Mijn oordeel is dat dit een zeer optimistische kijk is op de ontwikkeling van technieken (ondergrondse opslag) die nog in kinderschoenen staan of waaraan nu al twijfel (biomassa) bestaat over toekomstige grootschalige energie-economische (EIoEO) inzetbaarheid. Ook zijn opmerking over de economische gevolgen van de olieprijs is niet genuanceerd want zal een hogere olieprijs inderdaad de wens van ontwikkeling van duurzame alternatieven vergroten diezelfde hoge olieprijs zal als gevolg van vraag en aanbod juist die ontwikkeling van nieuwe bronnen gaan frustreren om reden dat huidige behoefte bij voorrang gedekt zal worden ten koste van de beschikbaarheid van olie en gas voor de ontwikkeling en inzet van duurzame energiebronnen. Dit dan alles nog los gezien van de doorwerking van de hoge olieprijs in andere grondstoffen en voedingsmiddelen wat een negatief effect zal gaan hebben op de ontwikkeling van de economie waardoor minder geld zal gaan naar dure projecten van onderzoek of van subsidiering van toepassingen.
Ook zijn collega Rob van Dorland is optimistisch maar zet daarbij vooral in op energiebesparing. Het optimisme van beide heren is gezien hun functie begrijpelijk maar mi niet realistisch.

In het tweede deel van het artikel onder de titel: ?lekker warm? worden de 4 mythen en 2 halve waarheden behandeld. Ik zelf zou, om het artikel wat meer objectief te houden, aan de te behandelen onderdelen niet de kwalificaties mythen of halve waarheden hebben opgehangen.
Maar goed mythe 1, dat het bij ons een beetje warmer gaat worden en dat dat lekker is, vind ik niet echt van belang. Belangrijker vind ik dat, bij het lezen van de andere items wat als mythe of halve waarheid wordt gepresenteerd, het gestelde door juist de eigen nadere uitgebreide beschrijving ervan niet wordt bevestigd of voldoende wordt bewezen. Wat ook opvalt is, dat als er een onduidelijkheid wordt gemeld niet passend bij heersende visie, er wel direct een nog onbewezen of vermoedde mogelijke oorzaak wordt aangedragen die wel past binnen de heersende visie. Heel duidelijk is dat de ook door mij geconstateerde onbekende wisselwerking tussen globale temperatuur en CO2 gehalte in de atmosfeer, zo essentieel in de klimaatdiscussie, dit in feite in de beschrijving van het desbetreffende item wordt bevestigd. Men weet het niet en men vermoedt maar wat en stelt ook vragen. Dat laatste is goed want twijfel is de basis voor voortschrijdend inzicht en kennis. Nee, het geheel kan ik beoordelen als een matige poging duidelijkheid te geven richting de heersende mening terwijl met de behandeling van de verschillende punten juist het tegenovergestelde lijkt te worden bereikt. Tegenstanders van Al Gore zullen dankbaar zijn met dit artikel waaruit de uitgedragen stelligheid van de heersende mening op geen enkele wijze in verhouding staat tot de aangedragen feiten en onderbouwing. ?An inconvient thruth? van Al Gore kan op deze wijze net zo goed worden gezien als ?a convient lie?. Blijft bestaan dat de discussie en zorg dient te gaan over de energieproblemen van nu en niet over vermeende klimaatellende van straks want als er op een gegeven moment geen stroom meer is of geen warmte dan maakt niemand zich meer druk om het klimaat en zijn we met deze huidige discussie belangrijke tijd kwijtgeraakt.