Hoe vrouwelijke profs werken aan een old girls-netwerk

Auteur: Esther Gaarlandt | 02-03-2011 | Share/Bookmark Mail dit artikel
eveline crone

Eveline Crone (34)

H Het aantal vrouwelijke hoogleraren in Nederland stijgt nauwelijks. Ook de bijgestelde streefcijfers werden in 2010 niet gehaald. Toch is er hoop.



In de week van Internationale vrouwendag begint Maaike Kroon (30) als hoogleraar scheidingstechnologie in Eindhoven. Ze is cum laude afgestudeerd, binnen twee jaar gepromoveerd, heeft gewerkt in de Verenigde Staten, Japan en Spanje; Nederlands jongste vrouwelijke professor heeft al een hele carrière achter de rug. Net als Eveline Crone (34), gespecialiseerd in puberhersenen en alweer een paar jaar hoogleraar in Leiden, die op haar 29e haar eigen onderzoekslab opzette. En net als Janneke Gerards (34, hoogleraar fundamentele rechten in Nijmegen), die net aan haar tweede hoogleraarschap is begonnen. De juriste was vijf jaar geleden, net als Kroon nu, Nederlands jongste vrouwelijke prof. Ze won vele prijzen, waaronder die voor ‘Leukste Hoorcollege-docent'.

Ze zijn alle drie jong, ambitieus en uitblinkers in hun vakgebied. En ze zijn uitzonderingen. Want het percentage vrouwelijke hoogleraren in Nederland is laag. 12 procent om precies te zijn - goed voor de onderste regionen in Europa - en stijgt jaarlijks met een half procentpunt. In dat tempo werd het streefcijfer van 15 procent eind 2010 niet gehaald. En dat streefcijfer was al niet meer de 25 procent die Nederland zich in 2000 ten doel had gesteld. Daarvan had het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap al lang gezien dat het niet zou worden gehaald. Alle goede voornemens en stimuleringsmaatregelen ten spijt.

Meeste hoogleraren
Roemenie (32%)
Letland (29%)
Bulgarije (24%)
Finland (23 %)
Portugal (21%)

Minste hoogleraren
Malta (2 %) 
Luxemburg (9 %)
Cyprus (10%)
Belgie (11 %)
Nederland (12%)
(Bron: She Figures 2009)


Hoogleraar op voordracht

Dat zo weinig vrouwen het tot hoogleraar (willen) schoppen, lijkt samen te hangen met opbouw van een wetenschappelijke carrière. Of liever, met het gebrek daaraan, want een loopbaan aan een universiteit hangt van toeval aan elkaar, zo blijkt uit een onlangs verschenen rapport van het Rathenau Instituut. Een promovendus moet het maar net treffen. Met een hoogleraar die zich voor hem - haar - wil inzetten. Met een plek die vrijvalt. Met een zeldzaam staaltje loopbaanbegeleiding.

Aan de top vinden benoemingen bovendien plaats op voordracht, in een besloten benoemingscultuur. In 2006 verscheen een onderzoeksrapport van Marieke van den Brink, waaruit bleek dat dit vooral voor vrouwen de promotiekansen verkleint. Het ‘old boys network' is stevig verankerd in de universiteitshiërarchie; mannen in benoemingscommissies blijken, vaak onbewust, een keuze te maken voor mannen, ook al vinden ze vrouwelijke sollicitanten even geschikt. Vrouwen bleken daarnaast minder sterk geïnfiltreerd te zijn in wetenschappelijke netwerken.

‘In de Delftse mannencultuur heb ik geleerd mezelf zichtbaar te maken', zegt Marieke Kroon. ‘Als vrouw in een ultieme bètawereld was dat trouwens niet zo moeilijk, je krijgt toch snel aandacht. In mijn vierde studiejaar werkte ik bij Shell en Toshiba, om ook ervaring in het bedrijfsleven op te doen. Maar ik kwam er daar achter dat ik de wetenschap miste. Terug aan de universiteit heb ik steeds gekeken wat er nodig was voor een volgende functie. Dus hield ik me als promovendus al bezig met het schrijven van onderzoeksvoorstellen. En lesgeven deed ik al tijdens mijn postdoc. Als jonkie word je toch geacht je aan te sluiten bij al bestaand onderzoek. Ik wilde graag verder met mijn eigen ideeën.' Kroon haalde zelf ruim een miljoen euro binnen voor haar onderzoek.

Wie: Janneke Gerards (34)
Wat: sinds februari 2011 onderzoekshoogleraar fundamentele rechten aan de Radboud Universiteit Nijmegen
Bijzonder: was jongste vrouwelijke hoogleraar in 2005 (toen 29 jaar). Had keuze uit drie leerstoelen, koos voor Leiden en werd hoogleraar staats en bestuursrecht.
 
Veel hangt af van geluk, zegt Gerards bescheiden. ‘Ik was nog geen jaar bezig met m'n promotie toen m'n promotor uit Maastricht belde. Of ik interesse had in een hoogleraarschap. Ik wist niet hoe ik het had! Hij was toevallig plaatsvervangend lid van een commissie gelijke behandeling en was zich bewust van het belang om vrouwelijk talent aan te trekken. Zo'n kans krijg je niet vaak.'

Ze heeft zichzelf altijd goed weten te positioneren: ‘Dat ik een leuke, jonge vrouw ben is alleen maar een pluspunt geweest; het maakt me zichtbaar. Ik werk keihard en kan het politieke spel goed meespelen. Dat is belangrijk om hogerop te komen, maar het schrikt veel vrouwen af.'
Van openlijke stimuleringsprogramma's voor vrouwen is ze geen voorstander. ‘Dat werkt snel stigmatiserend. Liever zie ik een onzichtbaar zetje in de rug. Toen ik voorzitter was van de Jonge Akademie was de man-vrouw verhoudingen daar enorm scheef. Nu is die 60-40. We bedachten een speciaal nominatiesysteem; droeg je een vrouw voor, dan mocht je daarnaast ook een man nomineren. Andersom kon dat niet. Dat werd lacherig het twee-voor-de-prijs-van-een-principe genoemd. Maar het pakte gunstig uit, het was nét dat dubbeltje op z'n kant'


Subsidie voor vrouwen

Sinds 2000 zijn er tal van programma's en initiatieven opgezet om het aantal vrouwelijke hoogleraren te verhogen. Alle universiteiten experimenteren met emancipatiebeleid; ze bieden kinderopvang, zetten vrouwennetwerken op en schrijven vacatureteksten toe op vrouwen. De meeste faculteiten hebben zich aangesloten bij het Aspasia-programma van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek NWO, waarbij universiteiten subsidie krijgen als ze vrouwen, die zich hebben bewezen als toptalent, een baan als universitair hoofddocent of hoogleraar bieden. Populair is ook het mentorenprogramma van de Universiteit Utrecht, waarbij vrouwen loopbaancoaching krijgen van een hoogleraar, dat is overgenomen door de universiteiten van Twente, Groningen en Nijmegen.

Maar leveren die programma's iets op? Er zijn weinig harde cijfers. Uit de Monitor Vrouwelijke Hoogleraren 2009 blijkt weliswaar dat het percentage vrouwelijke hoogleraren aan de universiteiten van Maastricht, Utrecht, Groningen, de Vrije Universiteit in Amsterdam, de TU Delft en Universiteit Twente procentueel sterker is gestegen dan het landelijk gemiddelde, maar er is geen verband te leggen met de programma's. Dat komt onder meer doordat de meeste programma's nog niet lang lopen en dan ook nog slechts op een of twee faculteiten, waardoor het effect - als dat er is - op de overall cijfers van de universiteiten minimaal is.

Een programma waarvan zeker is dat het werkt, is het Rosalind Franklin Fellowship aan de Rijksuniversiteit Groningen (RUG), een tenure track-programma voor vrouwen - een vastomlijnd loopbaantraject - dat inmiddels op alle faculteiten is ingevoerd. Na een strenge selectie beginnen de fellows als universitair docent, promoveren na vijf jaar tot adjunct-hoogleraar (maar met het ius promovendi, het recht om een wetenschapper te promoveren) en worden weer vijf jaar hoogleraar. Inmiddels zijn er 36 fellows, van wie er nu 19 hoogleraar zijn. Door onder meer dit programma heeft de RUG nu een percentage van veertien procent hoogleraren, dat snel zal stijgen aangezien er nogal wat professoren in de pijplijn zitten.

Wie: Melinda Mills (41)
Wat: sinds 2011 hoogleraar sociologie van de levensloop aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Bijzonder: is Rosalind Franklin Fellow,
doorliep succesvol loopbaantraject dat eindigde in hoogleraarschap
 

Vrouwentoga niet tweedehands te krijgen 

Het programma trekt vooral veel internationaal toptalent, zegt fellow Melinda Mills (41), zelf Canadese. Ze is net tot hoogleraar Sociologie benoemd, geheel volgens het uitgestippelde pad waar ze in 2006 mee begon. ‘Ik wilde niet per se in een vrouwentraject. Maar ja, de benoemings-
processen zijn vaak zo gesloten. Dan weet je gewoon niet hoe je verder kunt in je carrière. Door dit fellowship kende ik mijn volgende stappen. We bouwen nu echt een ‘old girls-netwerk'. Het is zó belangrijk om dat tegenwicht te bieden. Mijn generatie heeft heel hard moeten vechten om gezien te worden. De masculiene cultuur was overal voelbaar. In ben Canadese en sommige zaken vielen me hier expliciet op. Tijdens meerdere sollicitatiegesprekken heb ik de vraag gekregen hoe ik mijn moederschap dacht te combineren met mijn werk. Dat was bizar! "Vraagt u dat nou ook aan een man?" zei ik dan. En dan was het stil natuurlijk. Ze realiseerden zich niet eens hoe seksistisch zo'n vraag was.'

Ook andere universiteiten, zoals de VU, TU Delft en Universiteit Twente, experimenteren met tenure tracks, maar niet specifiek voor vrouwen en niet op alle faculteiten. Het percentage vrouwen dat in de Verenigde Staten via een tenure track adjunct-hoogleraar of hoogleraar is geworden, ligt boven de dertig procent. Marieke Kroon maakte er aan de TU Delft gebruik van. ‘Ik kon met een gerust hart naar het buitenland om onderzoek te doen. Er was immers een plek voor me bij terugkomst.' Kroon verwacht binnenkort haar eerste kind. ‘Ook daarom is het is een mooi systeem, juist voor vrouwen. Die willen toch vaak zekerheid en beginnen pas na hun dertigste aan kinderen.'

Het Rosalind Franklin Fellowship-programma dient als blauwdruk voor het plan ‘20 procent in 2020', dat nu bij minister Van Bijsterveldt ligt en dat een boost moet geven aan de groei van het aantal hoogleraren. Het is geschreven door het Landelijk Netwerk van Vrouwelijke Hoogleraren en de stichting Fundamenteel Onderzoek der Materie. De bestaande projecten zijn te klein en te versnipperd om het verschil te maken, aldus het plan. Er moet daarom een nationaal fellowship-programma voor vrouwen komen. Alleen dan kan in 2020 twintig procent van alle hoogleraren in alle vakgebieden vrouw zijn. Tegen die tijd is een ander probleem waar vrouwelijk hoogleraren tegenaan lopen, wellicht ook verleden tijd: Mills' oratiedatum staat nog niet vast en haar toga is nog in de maak. ‘Ik was op zoek naar een tweedehands toga, maar nergens vond ik m'n maat. Er bleken alleen maar mannenversies in omloop.'

Wie: Eveline Crone (34)
Wat: sinds 2009 hoogleraar neurocognitieve ontwikkelingspsychologie aan de Universiteit van Leiden en hoogleraar neurocognitieve en affectieve ontwikkeling van de adolescentie aan de Universiteit van Amsterdam.
Bijzonder: zette op haar 29e het Brain & Development Laboratory op om puberhersenen te bestuderen, auteur van de bestseller Het puberende brein, voorzitter Jonge Akademie


Gedrevenheid en een sterke intuïtie, dat ziet Crone als rode draad in haar snelle carrière. ‘Het hoogleraarschap, dat was nou niet iets wat ik expliciet voor ogen had. Ik wilde gewoon ontzettend goed onderzoek doen. Ik heb wel situaties gehad dat ik dacht "help, kan ik dit wel?" Dan probeerde ik te bedenken hoe een man dat zou doen. In Amerika heb ik mezelf de "ja-ik-kan-het- mentaliteit" aangeleerd.'
Crone deed mee aan het Aspasia-programma. ‘Ik wil graag het pad effenen voor andere vrouwen. Daarom zeg ik ‘ja' op allerlei commissies om vrouwelijk talent onder de aandacht te brengen. Ik hoop dat mijn studenten zien dat ik veel energie van mijn werk krijg, en dat prima combineer met het moederschap en mijn gezin.'
Maar er is meer nodig, vindt Crone ‘We moeten af van het idee dat hoogleraarposities slechts voor een kleine groep mensen beschikbaar zijn. Een loopbaanbeginsel, daar teken ik voor. Met uitzicht op het hoogleraarschap als je talent hebt en goed presteert. Universiteiten staan daar gelukkig steeds meer voor open.'


Fotografie Marcel Bakker


Wellicht ook interessant:
Meer artikelen in de rubriek
'Vrouwen aan de top'

Reageer, print of deel dit artikel

  • Reageer (0)
  • Print
  • Share/Bookmark Mail dit artikel
Het kan enige tijd duren voordat je reactie geplaatst wordt.

Het is de redactie van Intermediair toegestaan om de inhoud van de reactie met naam en toenaam te hergebruiken in de print uitgave van Intermediair.

Reacties worden niet direct op de site geplaatst. De redactie controleert vooraf of de reactie aan een aantal voorwaarden voldoet. Deze voorwaarden zijn:

  • Reacties dienen betrekking te hebben op de inhoud van het betreffende artikel of onderwerp.
  • Reacties mogen geen beledigingen, bedreigingen, al dan niet fictief, aan het adres van de andere sitebezoekers of aan prominente personen bevatten.
  • Uitingen van geweld, racisme, anti-semitisme, het zwartmaken van individuen, groepen of organisaties worden niet getolereerd.
  • De reactie moet kort en bondig zijn (maximaal 1.000 karakters), te lange reacties worden niet geplaatst.
  • Het plaatsen van persoonsgegevens zoals telefoonnummers en adressen in de tekst van de reacties is niet toegestaan.
  • Links naar websites en reclame voor producten en/of diensten worden niet geplaatst.
  • Reacties die volledig in hoofdletters zijn getypt en/of vol staan met uitroeptekens en vraagtekens worden niet geplaatst.
  • Reacties die vol staan met taalfouten worden niet geplaatst.

De redactie behoudt zich het recht voor om reacties aan te passen, in te korten of te verwijderen. De redactie gaat niet in discussie over geplaatste of verwijderde reacties.


Ik ga akkoord met de voorwaarden

Zoek in vacatures voor hoogopgeleiden: