Worden wij straks vervangen door de robot?

Auteur: Dennis Rijnvis | 31-01-2012 | Share/Bookmark Mail dit artikel

W We zullen waarschijnlijk nog net niet met ze trouwen. Maar met hun menselijke voorkomen en vaardigheden nemen robots straks wel de plek in van onze werksters, collega's en zelfs bedpartners.



Henrik Schärfe parkeert zijn auto bij de Stadsschouwburg in Amsterdam. Zijn persoonlijke assistente zit op achterbank. De bijrijdersstoel is gereserveerd voor zijn robot. De zogenoemde Geminoid-DK heeft hetzelfde postuur als Schärfe, vergelijkbaar gekapt grijzend haar en een identieke gezichtsvorm. Zelfs de gezichtsbeharing van de robot is nauwelijks te onderscheiden van het getrimde baardje van Schärfe. ‘Als we per auto reizen, zit hij altijd voorin. Hij past wel in de kofferbak, maar dat zou niet goed voelen', zegt Schärfe nadat hij zijn dubbelganger naar de schouwburg heeft getild. ‘Ik beschouw hem als een soort tweelingbroer.'

Schärfe, hoogleraar informatica aan de universiteit van Aalborg in Denemarken, gebruikt zijn robot voor experimenten bij onderzoek naar interacties tussen machines en mensen. Hij houdt ook lezingen zoals op deze TEDx-conferentie in Amsterdam afgelopen november. Het onderwerp: de in zijn ogen aanstaande ‘android reality'. Schärfe verwacht dat binnen twintig jaar iedereen te maken krijgt met robots die nauwelijks van mensen te onderscheiden zijn. In zijn toekomstbeeld glimlachen secretaresses alleen als hun batterijen zijn opgeladen en is de uitgestoken hand waarmee de hotelreceptionist je de sleutel van je kamer overhandigt, gemaakt van kunststof.

Nieuw is die visie niet. Toen de Tsjechische schrijver Karel Capek het woord robot in 1920 muntte in zijn toneelstuk R.U.R, had hij het al over machines met een menselijk voorkomen die volop deelnamen aan het dagelijks leven. De vraag is hoe lang het verhaal nog sciencefiction blijft. 

Henrik Scharfe Robot

Henrik Schärfe over zijn Geminoid-DK: 'Ik beschouw hem als een soort tweelingbroer'

Generale repetitie

Schärfe tilt zijn robot in een bureaustoel op het podium van de Stadsschouwburg en sluit hem aan op een laptop. Tijd voor een generale repetitie. Geminoid-DK opent zijn ogen, zijn borstkas gaat op en neer alsof hij ademhaalt en veertig kunstmatige spieren in het hoofd bootsen de gezichtsuitdrukkingen van zijn eigenaar na met behulp van webcams die op Schärfe zijn gericht. De lippen van de robot bewegen als de professor in een microfoon spreekt.

‘Bij wijze van experiment zet ik hem wel eens voor een klas schoolkinderen en geef ik op afstand les', zegt Schärfe. ‘Soms hebben studenten pas na een paar minuten door dat het een robot is. Het nadeel is dat hij altijd in zijn stoel blijft zitten. Zijn armen en benen hebben nog geen functie. Maar dat is een kwestie van tijd. Er zijn al andere robots die lopen als mensen. Er bestaan ook prothetische armen en handen met kunstmatige spieren die werken als onze ledematen.'

Robots met een mensachtig lichaam zijn nu nog een minderheid. De apparaten zijn populair in Japan. Maar zelfs daar liggen ze niet in de winkel, bedrijven gebruiken ze hoogstens als gimmicks. Autofabrikant Honda heeft bijvoorbeeld Asimo, een robot die kan lopen, rennen en praten. Sony ontwikkelde QURIO, een dansend mannetje.

Robots die wel al werk voor de mens verrichten staan bijna uitsluitend in fabrieken. Ze hebben geen gezichten of benen, maar hooguit één of twee armen waarmee ze een autodeur plaatsen, of een deksel op een potje schroeven. Volgens het IFR, de wereldfederatie voor robotica, zijn er op dit moment wereldwijd al ongeveer 1,2 miljoen industriële robots aan het werk.

Eén robot voor één taak

De ‘humanoid', de robot met menselijke trekken, zal die karakterloze apparaten uiteindelijk verdrijven, voorspelt Dragan Kostic. Hij is technologieconsultant, maar werkte tot afgelopen zomer als assistent-hoogleraar robotica aan de TU Eindhoven. In die functie leidde hij vier keer een team van robots naar de finale van het WK Robotvoetbal.

Volgens Kostic is het eigenlijk niet efficiënt om voor elke specifieke taak - of het nou voetballen of autodeuren monteren is - een andere robot te ontwikkelen. ‘Je wilt ze meer flexibel kunnen inzetten. En het hebben van benen, armen en handen is een voordeel bij veel taken in ons dagelijks leven. Je kunt robots met zo'n mensachtig lichaam steeds programmeren voor een ander klusje.'   

De eerste mensachtige robots verwacht Kostic bij werkzaamheden in gevaarlijke gebieden. ‘Je kunt geen mensen naar olievelden sturen waar giftige gassen hangen. Rijdende robots zijn weer niet handig, omdat er allerlei obstakels zijn, dus waarom dan geen robots met benen?'

Over een jaar of dertig is de techniek volgens hem rijp om robots met een menselijke lichaamsvorm taken in huis te laten doen. ‘Voor taken zoals traplopen, koffie serveren in een kop en schotel, of spullen van de grond rapen moet je eigenlijk wel een volledig op het menselijk lichaam geïnspireerde machine hebben.'

Ledematen liggen klaar

De ledematen van die robotmens liggen al voor het oprapen in het biorobotica-laboratorium van de TU Delft. Hoofdonderzoeker Martijn Wisse blijft onderweg naar zijn kantoor even staan bij twee paar benen van staal. Ze horen bij de lichamen van Denise en Flame, twee robots die de menselijke loopbeweging kunnen imiteren. In de knieën en enkels zitten scharnierpunten. In de pezen zitten veren zodat de benen niet schokkerig, maar vloeiend bewegen. ‘Het belangrijkste is dat deze robots als het ware voorover vallen bij het lopen, net als mensen', zegt Wisse. ‘Ze besparen daarmee energie. Ook hoeft hun loopbeweging niet in detail te worden aangestuurd door een zware computer.'

Even later loopt hij langs een mechanische grijper met drie vingers. ‘Tast is één van de grootste uitdagingen bij robots'. Ze kunnen alleen dingen beetpakken die stuk voor stuk hetzelfde zijn. Je maakt dan een grijper die daar precies op past. Maar het wordt moeilijk zodra er variatie in grootte en vorm optreedt. Wij vragen ons dan af: hoe doet een mens dit eigenlijk?'

Wisse wijst naar het middelste kootje en het topje van zijn eigen wijsvinger. Met één spier sturen we hier verschillende scharnierpunten tegelijkertijd aan. Je kunt daardoor nauwelijks je vingertoppen onafhankelijk bewegen van de rest van je vinger. Totdat je iets beetpakt.' Wisse klemt zijn agenda tussen zijn vingers. ‘Op dat moment vouwt het topje zich met precies de juiste kracht om het object heen. Dat noemen we in de werktuigbouwkunde een differentieelmechanisme: de spier in onze vingers is als een motor die zijn kracht over twee wielen verdeelt, afhankelijk van de situatie. Ongelooflijk dat je zoiets in het menselijk lichaam kunt vinden.'

De eerste toepassingen met deze techniek komen er aan. ‘We werken nu aan grijpers die op dezelfde manier functioneren en bijvoorbeeld paprika's kunnen oppakken, zonder deze te beschadigen doordat er te veel kracht op de drukpunten wordt gezet.'    

Hoe menselijk zijn creaties zich ook bewegen, niemand zal Wisse verwarren met zijn robots, zoals bij Schärfe. En dat wil hij graag zo houden. De onderzoeker blijft voorzichtig als het over robots met menselijke trekken gaat. Het kost hem moeite om zich voor te stellen dat de technieken waaraan hij werkt uiteindelijk zullen leiden tot een robotmens.  

Martijn Wisse

Hoofdonderzoek Martijn Wisse in het biorobotica-laboratorium van de TU Delft

Geen robotmens

‘Ik bouw de mens weliswaar na, maar niet om een robotmens te creëren. Meer om inspirerende ideeën uit ons lichaam te halen. Een robotarm met een grijper is bijvoorbeeld heel geschikt om de tuinbouw te automatiseren. Waarom zou ik dan een heel mannetje nabouwen? Dat zou verkeerde verwachtingen scheppen. Als je iets ziet wat op een mens lijkt, verwacht je al snel dat hij ook hetzelfde kan. En zo ver zijn we nog niet.'

Wisse ziet bij de bouw van een robotmens problemen op zowel technisch als financieel gebied. ‘Zelfs de meest intelligente robot, die een handdoek kan opvouwen en een biertje kan halen, is nog steeds een voorgeprogrammeerde automaat die niet snapt wat hij doet. Als je hem uit zijn vertrouwde omgeving haalt functioneert hij nauwelijks. Daarnaast is het ongelooflijk duur om zo'n robot te bouwen, economisch onrendabel.'

Maar dat zegt weinig over het toekomstperspectief van de humanoid. Zeker als je de ontwikkeling van robots vergelijkt met andere technologische ontwikkelingen zoals de opkomst van de computer. ‘In 1995 kostte een gigabyte aan geheugen ongeveer tweeduizend euro. Nu ligt de prijs rond de twee euro', zegt robotica-expert Kostic. ‘Zo zal het ook met robots gaan. De robot Asimo van Honda heeft miljoenen dollars gekost. Over tien tot vijftien of twintig jaar zal de aanschafprijs voor zo'n robot rond de prijs van een auto liggen, dan wordt het voor consumenten interessant. Ook op technologisch gebied zal er volgens Kostic nog veel verbeteren. ‘Er zijn al robots met algoritmen, oftewel reeksen van instructies, die zich aanpassen aan de omgeving. Als hij bij wijze van spreken de handdoek in jouw badkamer opvouwt, dan stelt hij zich in op de hoogte van jouw handdoekrekje.'

De thuiszorg is de sector bij uitstek waarin dit soort robots zullen opduiken. ‘Daar is nu al een gigantisch tekort aan menselijke werknemers. En de vergrijzing zal alleen nog maar toenemen. We hebben ze gewoon nodig.'

Binnen tien jaar een robotmens

Menselijke robots die onze vuile vaat opruimen en de billen van bejaarden wassen; de Europese Unie ziet er wel iets in en denkt daar serieus over na in het project Robot Companions for Citizens. Het doel: binnen tien jaar een robotmens ontwikkelen die niet alleen helpt in het huishouden, maar ook mensen gezelschap kan houden. Of, in de woorden van deelnemend onderzoekster Vanessa Evers: een moderne keukenhulp.

Evers is hoogleraar human media interaction aan de Universiteit van Twente. Ze onderzoekt vooral welke sociale eigenschappen de huishoudrobot straks moet hebben om tussen mensen te kunnen functioneren. ‘We werken bijvoorbeeld aan een systeem waarmee ze met sensoren en camera's leren om op een natuurlijk moment te storen als twee personen in gesprek zijn. Ook stel ik me voor dat een huishoudrobot emoties zal uitdrukken op zijn gezicht om te communiceren', zegt Evers. ‘Het gaat dan wel om functionele emoties. Wanneer zijn accu op is, kan het apparaat bijvoorbeeld moe kijken. Dat is veel persoonlijker dan wanneer er ergens een code op een schermpje verschijnt.

Oogverblindend mooi hoeft een huishoudster ook weer niet te zijn, vindt Evers. ‘Het is niet nodig dat ze  precies op mensen lijken, zoals de Geminoid van Schärfe. Die is vooral handig als je een robotdubbelganger van jezelf naar een conferentie stuurt, terwijl je op vakantie bent. Een huishoudrobot moet wel een gezicht hebben, maar het is prettig als je nog wel kunt zien dat het geen echt mens is.'

Face to face-communicatie en lijfelijk contact

Schärfe zegt sowieso niet bang te zijn dat de communicatie tussen mensen en robots stroef verloopt. ‘Nu communiceren we de hele dag via tweedimensionale schermen', zegt hij, terwijl hij de robot uitschakelt en zijn laptop dichtklapt. ‘Eigenlijk is dat tegen onze natuur. Dat zie je aan de opkomst van 3D-televisies. Face to face-communicatie en lijfelijk contact met een apparaat zou veel beter bij ons passen.' 

In zekere zin gebeurt dat al. Iedereen praat of gebaart wel eens tegen een computer. ‘Aan een robot dichten we nog makkelijk emoties toe', zegt Evers. ‘Als een rijdend karretje door middel van een sensor mensen herkent en afstand houdt, dan omschrijven mensen hem als "voorzichtig". Bij de behandeling van dementie worden al successen geboekt met robotzeehondjes die bewegen als je ze aanraakt. Ik denk dat een bepaald soort vriendschap met bijvoorbeeld huishoudrobots best mogelijk is, net als met een hond eigenlijk.

Hoe innig die vriendschap wordt? Daar heeft Evers wilde ideeën over. ‘De grens ligt misschien bij verliefd worden op een robot, dat zie ik niet snel gebeuren. Maar de meest gestelde vraag is natuurlijk of we de liefde met ze zullen bedrijven. Dat vind ik weer niet zo onwaarschijnlijk. Mensen hebben nu ook seks met de vreemdste voorwerpen, dus waarom dan niet met een robot?'  

Fotografie: Roger Cremers

Wellicht ook interessant:
Meer artikelen in de rubriek
'Techniek'

Reageer, print of deel dit artikel

  • Reageer (0)
  • Print
  • Share/Bookmark Mail dit artikel
Het kan enige tijd duren voordat je reactie geplaatst wordt.

Het is de redactie van Intermediair toegestaan om de inhoud van de reactie met naam en toenaam te hergebruiken in de print uitgave van Intermediair.

Reacties worden niet direct op de site geplaatst. De redactie controleert vooraf of de reactie aan een aantal voorwaarden voldoet. Deze voorwaarden zijn:

  • Reacties dienen betrekking te hebben op de inhoud van het betreffende artikel of onderwerp.
  • Reacties mogen geen beledigingen, bedreigingen, al dan niet fictief, aan het adres van de andere sitebezoekers of aan prominente personen bevatten.
  • Uitingen van geweld, racisme, anti-semitisme, het zwartmaken van individuen, groepen of organisaties worden niet getolereerd.
  • De reactie moet kort en bondig zijn (maximaal 1.000 karakters), te lange reacties worden niet geplaatst.
  • Het plaatsen van persoonsgegevens zoals telefoonnummers en adressen in de tekst van de reacties is niet toegestaan.
  • Links naar websites en reclame voor producten en/of diensten worden niet geplaatst.
  • Reacties die volledig in hoofdletters zijn getypt en/of vol staan met uitroeptekens en vraagtekens worden niet geplaatst.
  • Reacties die vol staan met taalfouten worden niet geplaatst.

De redactie behoudt zich het recht voor om reacties aan te passen, in te korten of te verwijderen. De redactie gaat niet in discussie over geplaatste of verwijderde reacties.


Ik ga akkoord met de voorwaarden

Zoek in vacatures voor hoogopgeleiden: