Wat doet de plek in het gezin voor je rol in het werk?

Auteur: Cathalijne Boland | 27-07-2011 | Share/Bookmark Mail dit artikel

D De oudste is assertief, de jongste is prestatiegericht. Welke gevolgen heeft de plek in het gezin voor je rol in je werk?



Mijn zus was altijd in alles beter dan ik. Vanaf de muziekschool tot en met het conservatorium, in elk examen, en ook op het atheneum was ze beter.' Jascha Albracht (35) is cellist, zijn zus Cindy (36) violist. ‘Achteraf bezien had ze niet alleen meer aanleg, maar ook meer discipline. Toch was het vreselijk frustrerend dat ik, óók als ik mijn stinkende best deed, altijd de mindere was.'

Waar zij ‘als een speer' door haar studie aan het Amsterdamse conservatorium ging (ze studeerde af ‘met hoogste onderscheiding'), kostte het hem aanzienlijk meer moeite - na anderhalf jaar in de voorbereidende klas verruilde hij het prestigieuze Amsterdam voor het minder hoog aangeschreven conservatorium in Maastricht. ‘Mijn ouders vonden dat erg jammer.'

Na zijn afstuderen, in 2002, ging de strijd om het bestaan als musicus gewoon door. Albracht maakte een afspraak met zichzelf: hij gaf zich vijf jaar de tijd om een orkestbaan te bemachtigen. Als het dan nog niet gelukt was, zou hij iets anders gaan doen met zijn leven. ‘Waar ik tegenaan liep, was dat mijn zusje na één auditie meteen een orkestbaan kreeg. En een tweede baan, bij een Europees kamerorkest van wereldniveau, kreeg ze nota bene gewoon aangeboden! Terwijl het mij na meer dan dertig keer auditeren nog steeds niet gelukt was om een plaats in een orkest te krijgen.'

Dat was moeilijk. ‘Mijn zus was de referentie, voor mij en ook voor mijn ouders. Wat ik deed, was gepiel in de marge. Zo ervoer ik dat althans.'

Zussen worden met elkaar vergeleken

Albracht en zijn zus bleken allebei getalenteerde musici. Een gevoel van competitie ligt dan voor de hand, maar ook tussen broers en zussen met heel verschillende interesses zitten vergelijking en rivaliteit ingebakken.

Zoals Deborah Tannen schrijft in haar boek Mam vond jou altijd al leuker, over de liefde en rivaliteit tussen zussen: ‘Het is onvermijdelijk dat zussen met elkaar worden vergeleken, omdat ze vaak samen zijn en er in ieder geval over hen samen wordt gedacht. Men is geneigd het karakter en de persoonlijkheid van de ene zus te beschrijven in contrast met het karakter en de persoonlijkheid van de andere: het extroverte tegenover het verlegen karakter, de kunstenares tegenover de sportvrouw, de slimme vrouw tegenover de mooie. Vergelijking is nooit ver verwijderd van rivaliteit. Ook dat bepaalt de verhouding tussen zussen: zussen zoeken steun en waardering bij dezelfde volwassenen en vaak lijkt het erop - of het waar is of niet - dat de liefde en aandacht die uitgaat naar de een, die voor de ander uitput. Hetzelfde geldt voor broers onderling en voor zussen en broers.'

Volgens Tannen (jongste van drie zussen) spelen verbondenheid en rivaliteit een rol in alle relaties, maar komen die twee krachten in relaties met broers en zussen sterker aan het licht door de sterke band, het gedeelde verleden en de ‘natuurlijke hiërarchie' van het leeftijdsverschil. Die vaak luttele jaren leeftijdsverschil blijven doorwegen, ook als je inmiddels 42 en 39 bent.

De rebel van de familie

Volgens Frank Sulloway was het logischer geweest als Jascha Albracht zich juist had afgezet tegen een carrière in de muziek. Sulloway publiceerde in 1996 een vuistdik boek over de invloed van de plaats in de kinderrij op de levensloop, De rebel van de familie. De Amerikaanse wetenschapshistoricus ontvouwt hierin de theorie dat oudste kinderen zich identificeren met hun ouders en het gezag, terwijl jongere kinderen daar juist tegen in opstand komen.

De uitleg erachter is puur darwinistisch. Omdat ouders niet oeverloos kunnen investeren in hun nageslacht, concurreren kinderen uit één gezin met elkaar om de ouderlijke aandacht (liefde, verzorging, steun) die maximaal beschikbaar is. Ze doen dat door binnen het gezin een plek op te zoeken die nog onbezet is. Door andere interesses en vaardigheden te ontwikkelen - door van elkaar te verschillen - wordt de directe concurrentie kleiner. Zo kunnen de kinderen binnen het gezin met elkaar samenleven. Net zoals vogelsoorten een territorium kunnen delen, als ze (door het evolutieproces) niet langer afhankelijk zijn van hetzelfde voedsel.

Oudste kinderen zijn een tijdje enig kind. Ze verzekeren zich van de aandacht van hun ouders door zoveel mogelijk aan hun verwachtingen te voldoen en als het ware kopieën van hen te worden. Een jonger kind moet iets anders verzinnen om op te vallen. Wat daarbij helpt, is veelzijdigheid: hoe breder het kind zich ontwikkelt, hoe groter de kans dat hij op een interessegebied stuit dat de ouders bereid zijn te ondersteunen. Dat is de tactiek van het divergeren. Een andere tactiek is die van het rebelleren. Na een uitputtende analyse van 28  wetenschappelijke revoluties uit vijf eeuwen wetenschapsgeschiedenis concludeert Sulloway over latergeborenen het volgende: ‘De stoutmoedige ontdekkingsreizigers, de beeldenstormers en de ketters in de geschiedenis zijn afkomstig uit hun gelederen.'

Oudste kinderen zijn assertiever

Evolutionair psycholoog Thomas Pollet las Sulloways boek tijdens zijn studie sociologie en was erdoor gefascineerd. Het effect van de plaats in de kinderrij is sindsdien een van Pollets onderzoeksthema's. Of liever gezegd: de toetsing van Sulloways hypotheses. Want oudste kinderen zouden niet alleen gezags- en plichtsgetrouwer zijn, maar ook assertiever, sociaal overheersender, ambitieuzer, statusbewuster en defensiever. Terwijl later borns altruïstischer, meelevender en kameraadschappelijker zouden zijn (wat samenhangt met hun positie van underdog), en vooral: meer open zouden staan voor nieuwe ervaringen (wat samenhangt met de noodzaak een eigen niche te vinden binnen het gezin). En juist omdat latergeborenen in hun jeugd zo op hun kop gezeten worden, kunnen ze bazigheid later slecht verdragen.

‘Ik vind zijn boek heel goed, maar het is ook controversieel', zegt Pollet (zelf oudste van drie kinderen). ‘De effecten van de geboortevolgorde zijn vaak klein, zeker niet zo dramatisch als ze worden voorgesteld. Sociaal-economische invloeden zijn veel belangrijker.'

Psychologen doen volgens Pollet graag onderzoek naar birth order, omdat ze die variabele makkelijk kunnen meenemen door één of twee extra vragen te stellen. Niet geschoten is altijd mis: ‘Vind je geen effect, dan stop je het onderzoek in de la, vind je wel een effect, dan probeer je te publiceren. Ik vind het belangrijk ook te publiceren als je geen effecten vindt.' Of, natuurlijk, effecten die Sulloway tegenspreken, zoals Pollets onderzoeksresultaat dat first borns niet dominanter zijn dan later borns. 

Jongsten zijn meer prestatiegeoriënteerd

Bernd Carette kent de kritiek, maar staat nog vierkant achter Sulloways theorie. Carette is arbeids- en organisatiepsycholoog aan de Universiteit Gent, en deed onderzoek naar het effect van de geboortevolgorde op een actueel thema in zijn vakgebied, de Achievement Goal Theory.  

Voor wie doe je je best? Voor jezelf, of voor anderen? Wie taakgeoriënteerd is, probeert vooral zichzelf te verbeteren. Mislukken is niet erg: het hoort bij het leerproces. Wie prestatiegeöriënteerd is, wil vooral beter zijn dan de rest, en meet zijn succes continu af aan dat van anderen. Mislukken wordt gevoeld als afgaan, is daardoor slecht voor het zelfvertrouwen, met alle gevolgen van dien voor toekomstige prestaties.

Waar komt dat fundamentele verschil tussen mensen vandaan? Carette keek naar één mogelijke factor: de plaats in de kinderrij. Uit zijn onderzoek onder studenten met één broer of zus bleek dat de oudste kinderen meer taakgeoriënteerd waren, en de jongsten meer prestatiegeoriënteerd.

‘Ik ga ervan uit dat de ouders hier grote invloed op hebben', zegt Carette (jongste van drie kinderen). ‘De prestaties van het oudste kind worden een tijdlang alleen met die van zichzelf vergeleken: vandaag kan mijn kind wandelen, terwijl het vorige week pas kon kruipen. Bij een later kind zeggen ze: het is nu dertien maanden oud en het kan al stappen, dat is precies wat vroeger dan zijn broer. Ik kan me goed indenken dat vergeleken worden aan de basis ligt van een prestatieoriëntatie.'

Gevolg van prestatieoriëntatie is bewijsdrang

Zo'n prestatieoriëntatie lijkt niet per se bevorderlijk voor een gelukkig leven, want wie zich continu met anderen vergelijkt, valt makkelijk ten prooi aan afgunst en jaloezie. In romantische relaties, maar ook op de werkvloer. ‘Niet omdat dat nou zulke nare mensen zijn', zegt psycholoog Pieternel Dijkstra, ‘maar omdat de bewijsdrang er zo sterk in zit.'

Dijkstra deed veel onderzoek naar jaloezie en sociale vergelijking. Vooral onzekere mensen blijken daar last van te hebben: ‘Ze willen vermijden dat ze falen, omdat dat hun gevoel van minderwaardigheid zou bevestigen. Ze willen steeds laten zien dat ze wél de moeite waard zijn. Liefst beter dan een ander, want dán stel je iets voor.'

Onzekerheid kan vele oorzaken hebben, zoals de plaats in de kinderrij, hechtingsstijl en persoonlijkheid: ‘Mensen denken vaak onterecht dat ze zelf wel bepalen hoe ze in het leven staan, maar we worden sterk geleefd door aangeleerde patronen.'

Een competitieve instelling hoeft niet negatief te zijn. ‘Afgunst kan een heel stimulerende kracht zijn, ook in je werk, omdat het maakt dat je het beste van jezelf wilt geven. Maar het creëert ook onrust, want wat je bereikt is nooit genoeg.'

Er bestaat een remedie: ‘Zelfacceptatie.'

O, je bent het broertje van

Op het conservatorium in Maastricht begon het Jascha Albracht te dagen: dat hij op zoek moest naar zijn eigen sterke punten. Die lagen buiten de wereld van de klassieke muziek. ‘In Maastricht heb ik een tijdje Guido's Orchestra aangevoerd, een soort André Rieu maar dan met popmuziek, en ik heb in de tangowereld gespeeld.' Zijn toenmalige vriendin suggereerde dat het Metropole Orkest wel iets voor hem zou zijn. Vijf jaar na zijn afstuderen, zo'n beetje op zijn zelf gestelde deadline, kreeg hij een vaste baan als cellist in het wereldvermaarde jazzorkest.

‘De ironie was dat ik tegelijk werd aangenomen met Maarten Jansen, de broer van Janine Jansen. Hij kende het precies: o, jij bent het broertje van. Nog steeds krijg ik dat vaak te horen: o, je bent het broertje van.'

Albracht heeft er inmiddels vrede mee. ‘Wie weet heeft het voorbeeld van mijn zus, haar gedrevenheid, mij geprikkeld toch te slagen binnen het kunstvakgebied. Nu ik bereikt heb wat ik wilde bereiken, is de voedingsbodem onder mijn frustratie weggevallen.'

Anke van der Endt (de jongste thuis): ‘Ik werd totaal niet gepusht'

‘We waren thuis heel competitief: we deden wie het snelst naar de zolder kon rennen en terug, en namen de tijd op. Dat soort wedstrijdjes doe ik nog steeds met mezelf, als ik ergens naartoe fiets bijvoorbeeld.'

Anke van der Endt (42) is oprichter en eigenaar van het succesvolle merk PiP Studio. De ijkpersoon Pip is gemodelleerd naar Van der Endt zelf: net als ‘Pip' groeide ze met drie oudere broers op in een dorpje aan zee. Haar vader was daar huisarts. Haar broers werden dermatoloog, arbeids- en organisatiepsycholoog en eveneens huisarts.

Haar eigen carrière leek wat trager op gang te komen. ‘Ik was als kind veelzijdig, maar blonk nergens echt in uit. En van mijn ouders hoefde dat ook niet. Ze lieten mij veel vrijer dan mijn broers, ik werd totaal niet gepusht. Omdat mijn broers al zo goed presteerden, leek het alsof ze dat voor mij minder belangrijk vonden.'

Van der Endt is thuis niks tekortgekomen, benadrukt ze, ‘maar er was simpelweg minder aandacht. Er zijn amper fotoboeken van mij. Ik denk dat dat mijn creatieve kant heeft versterkt. '

De omslag kwam na een opmerking van een docent op de tekenschool: stop er toch mee, je kunt het gewoon niet. ‘Volgens hem kon ik beter stewardess worden. ' Ze stapte over op de Design Academy. ‘Daar heb ik toen heel hard gewerkt, en doorgezet. Ik wilde laten zien dat er iets was wat ik heel goed kon.' Met een lachje: ‘Ik denk dat ik mezelf nu redelijk bewezen heb.'


Illustratie: Yvonne Kroese

Meer artikelen in de rubriek
'Doorgroeien'

Reageer, print of deel dit artikel

  • Reageer (0)
  • Print
  • Share/Bookmark Mail dit artikel
Het kan enige tijd duren voordat je reactie geplaatst wordt.

Het is de redactie van Intermediair toegestaan om de inhoud van de reactie met naam en toenaam te hergebruiken in de print uitgave van Intermediair.

Reacties worden niet direct op de site geplaatst. De redactie controleert vooraf of de reactie aan een aantal voorwaarden voldoet. Deze voorwaarden zijn:

  • Reacties dienen betrekking te hebben op de inhoud van het betreffende artikel of onderwerp.
  • Reacties mogen geen beledigingen, bedreigingen, al dan niet fictief, aan het adres van de andere sitebezoekers of aan prominente personen bevatten.
  • Uitingen van geweld, racisme, anti-semitisme, het zwartmaken van individuen, groepen of organisaties worden niet getolereerd.
  • De reactie moet kort en bondig zijn (maximaal 1.000 karakters), te lange reacties worden niet geplaatst.
  • Het plaatsen van persoonsgegevens zoals telefoonnummers en adressen in de tekst van de reacties is niet toegestaan.
  • Links naar websites en reclame voor producten en/of diensten worden niet geplaatst.
  • Reacties die volledig in hoofdletters zijn getypt en/of vol staan met uitroeptekens en vraagtekens worden niet geplaatst.
  • Reacties die vol staan met taalfouten worden niet geplaatst.

De redactie behoudt zich het recht voor om reacties aan te passen, in te korten of te verwijderen. De redactie gaat niet in discussie over geplaatste of verwijderde reacties.


Ik ga akkoord met de voorwaarden

Zoek in vacatures voor hoogopgeleiden: