Roderick Swaab: 'Behandel een ander niet zoals jij behandeld wilt worden.'
Auteur: Hille van der Kaa |
11-12-2008
| Reacties: 1
|
Mail dit artikel
Als telg uit een familie van wetenschappers probeerde hij ver te blijven van de wetenschap, maar hij viel er toch voor. Roderick Swaab onderzoekt en doceert conflicthantering en onderhandelingstechnieken aan INSEAD in Fontainebleau. 'Dat is een absoluut voorrecht.'
Zijn overgrootvader was arts, zijn grootvader stond als gynaecoloog aan de wieg van de invoering van de anticonceptiepil in Nederland. Zijn vader is een vooraanstaand hersenonderzoeker. Roderick Swaab (32) had twee keuzes: rebelleren of volgen.
Nee, de woonkamer stond vroeger niet altijd vol met hersenen. 'Mijn vader bracht wat dat betreft zijn werk niet mee naar huis.' Toch stond medisch onderzoek centraal in zijn jeugd. Er werd veel over wetenschap gesproken aan de eettafel.
Als puber peinsde hij er niet over om de wetenschap in te gaan. Te veel te doen, te veel te ontdekken om die grijze wereld in te duiken. Nu, vele jaren later kan hij daar om lachen.
Nu is hij een veelbelovende wetenschapper. Op zijn 28e gepromoveerd aan de Universiteit van Amsterdam, een aanstelling aan de Kellogg School of Management aan Northwestern University in Chicago en sinds augustus aan de gerenommeerde businessschool INSEAD in Fontainebleau. 'Ik heb heel hard geprobeerd ver weg te blijven van de medische wetenschap, maar ben helaas niet veel verder gekomen dan de sociale wetenschap.' Met een passie voor onderhandelingsmethoden, conflictbeheersing, virtueel teamwerk en de psyche van de mens.
Relaxed - als een van de weinigen op INSEAD in een spijkerbroek - vertelt hij zijdelings dat een onderzoeker zich ook heus wel eens dom voelt. En dat, hoe spectaculair een stad als Parijs ook is, het best lastig is wanneer je geen Frans spreekt en beseft dat je in je lokale sociale netwerk de enige bent zonder gezin.
Grootvader gynaecoloog, vader hersenonderzoeker. Dat wordt een studie medicijnen.
'Nee. Communicatiewetenschap aan de Universiteit van Amsterdam. Was gefascineerd door de invloed van media op ons gedrag. Was al snel vrij serieus en hing veel in de bibliotheek rond. Tja, eigenlijk was ik toen best wel een nerd. Omdat ik in Amsterdam en Amstelveen ben opgegroeid, vond ik een wild verenigingsleven niet nodig. Daar heb ik later nog wel eens spijt van gehad. Het had me meer en diverse contacten op kunnen leveren. Maar goed, ik had al veel vrienden in de buurt en met name veel buiten het universitaire leven.'
Oké, geen studie medicijnen. Dan toch zeker wel promoveren? 'Niet meteen dus. In het laatste jaar van mijn studie heb ik erg geworsteld. Wilde een carrière binnen het bedrijfsleven, niet in die suffe wetenschappelijke wereld. Althans, dat dacht ik. Achteraf bleek het bedrijfsleven niet de plek te zijn waar ik "hoorde". Ik werkte bij Wegener, een kranten- en tijdschriftenuitgever, toen ik merkte dat vooral het onderzoek mij ongelofelijk trok. Uiteindelijk heeft mijn promotiebegeleider mij enthousiast weten te maken en heb ik een aanstelling aan de UvA gekregen en werd een voorstel tot promotieonderzoek bij de NWO goedgekeurd.'
Was de druk groot voor een telg uit een succesvol wetenschappelijk geslacht?
'Helemaal niet eigenlijk. Ik heb veel geluk gehad met mijn ouders. Zij hebben altijd gezegd dat ik moest doen wat ik leuk vond. Mijn zussen zijn ook allebei iets totaal anders gaan doen.'
Na je promotie maak je een grote stap. 'Naar de Kellogg School of Management aan Northwestern University in Chicago. Voor mij, als onderzoeker met een interesse in onderhandelen en conflicthantering, het Mekka onder de universiteiten met een waanzinnige groep experts op dat gebied.'
Een feest! 'Ja en nee. Chicago is een fantastische stad, maar verhuizen naar het buitenland is niet altijd wat het lijkt. Op mijn eerste dag, zonder vriendin, middenin de winter in Chicago, stond ik met mijn koffertje met wat kleren in een leeg appartement. Zonder iets, zonder bed. De volgende ochtend moest ik om zes uur 's ochtends beginnen. Nog vol in mijn jetlag ontdekte ik dat het vijftien graden vroor en er in een nacht dertig centimeter sneeuw was gevallen. Geheel onvoorbereid, had niet eens een winterjas bij me. Tja, dat soort dingen horen er nou eenmaal bij. De eerste tijd is altijd lastig, dat merk ik nu weer na mijn verhuizing naar Parijs. In het begin heb je niets dan je werk; geen sociaal netwerk, geen oude vrienden om op terug te vallen. Je gaat veel met expats om, maar die blijven niet lang.'
Je onderzoek en onderwijs richten zich op onderhandelen en conflictbeheersing. Was je vroeger op het schoolplein altijd degene die bij een ruzie tussenbeide sprong? 'Een beetje wel. Aan de andere kant was ik niet de braafste. Startte wel eens een ruzie, doen we allemaal. Wel merk ik dat mensen om mij heen mij vaak bellen als ze ergens niet uitkomen of een salarisonderhandeling aangaan. Of ik ga zelf bellen als ik weet dat er iets speelt. Mensen leggen conflicten niet graag open en bloot op tafel.'
Is het anders om aan een businessschool verbonden te zijn dan aan een reguliere universiteit?
'Dat denk ik wel. Het is een unieke gelegenheid om te mogen werken met een groep slimme, ervaren, extreem gemotiveerde en toekomstige leiders binnen het vak. Dat is een absoluut voorrecht. Een ander verschil is dat businessschools van oudsher meer op onderwijs zijn gericht. Al zie je de laatste jaren dat de scholen beseffen dat het belangrijk is ook top-onderzoek te publiceren. Het onderzoek op een businessschool is soms ook meer gericht op de praktijk, waarvoor wetenschappers op gewone universiteiten nog wel eens hun neus op halen.'
Wat kunnen managers in de praktijk met jouw onderzoek? 'Bij mijn onderzoek naar conflictbeheersing en onderhandelingstechnieken maak ik een verbinding met de nieuwe vormen van communicatie. Hoe hanteer je een conflict binnen je managementteam als de teamleden verschillende culturele achtergronden hebben en verspreid zijn over de wereld? Hoe kun je daarbij technologie op een juiste en succesvolle manier inzetten?'
Wat zijn voorwaarden voor een succesvolle onderhandeling met nieuwe mediatypen? 'Om elkaar goed te kunnen begrijpen op afstand is het essentieel elkaar bij aanvang van een project in het echt te hebben gezien. In 1999 ging de MARS Climate Orbiter vlak na de lancering verloren. Wat bleek was dat de teamleden in California en Colorado vrijwel geen persoonlijk contact met elkaar hadden en daardoor niet wisten dat het ene team met het metrische systeem rekende (kilo's, meters, liters) en het andere team met het imperial systeem (pounds, feet, ounces).
'Indien het niet mogelijk is bijeen te komen, zorg dan op zijn minst dat je start met een video- of audiogesprek, niet met een e-mail. E-mails worden over het algemeen negatiever geïnterpreteerd dan dat zij zijn bedoeld. Mocht je na verloop van tijd toch e-mail gebruiken, bedenk dan wel dat effectief communiceren een stuk lastiger is dan over de telefoon. Gebruik het daarom niet als er veel op het spel staat. Ook doe je er verstandig aan eerst te verifiëren of jij de e-mail van de ander goed hebt begrepen.'
Is het toch niet beter om elkaar gewoon te zien?
'Dat hangt er sterk vanaf in hoeverre men zich comfortabel voelt bij persoonlijk contact. Bij ernstige conflicten, waarbij de emoties hoog kunnen oplopen, is het vaak beter om mensen te scheiden en via digitale hulpmiddelen of een mediator te communiceren. Ik geloof niet dat het bij heftige arbeidsconflicten nodig is de partijen eerst met elkaar aan tafel te zetten. Mijn onderzoek laat zien dat het beter kan zijn ze van het begin af aan te scheiden.
'De waarde van persoonlijk contact is ook cultuurgebonden. Elkaar niet aankijken wordt door Nederlanders vaak gezien als een teken van wantrouwen, terwijl het juist respect communiceert in bepaalde Arabische culturen. Dit verschil is belangrijk in onderhandelingen. Mijn onderzoek laat bijvoorbeeld zien dat Koreaanse onderhandelaars een sterkere voorkeur hebben voor indirecte communicatie en daarom gemakkelijker anderen beïnvloeden wanneer zij elkaar niet zien of horen. Voor Amerikaanse onderhandelaars geldt het tegenovergestelde, waardoor zij meer problemen hebben met online communicatie dan met persoonlijk contact. Deze verschillen bestaan ook binnen culturen: omdat vrouwen zich meer comfortabel voelen bij visuele communicatie dan mannen, onderhandelen zij beter via videoconference of oogcontact, waar mannen creatiever zijn tijdens een telefoongesprek of zonder oogcontact.'
Wat geef je jouw studenten mee? 'Eén. Behandel een ander niet zoals jij wilt worden behandeld. Verschillende mensen hebben verschillende behoeften en wensen en als je daarop weet in te spelen dan kun je beiden blij maken. Twee. Werk hard om een verschil te maken in datgene wat je fascineert of inspireert. Drie. Ga respectvol met mensen om. Aardig zijn op zijn tijd, kan geen kwaad.'
Geldt dat ook voor een salarisonderhandeling?
'In principe wel. Voordat je een sollicitatie in gaat, is het handig om alles over het bedrijf te weten. Hoe staan ze er voor? Welke behoeften hebben ze? Hoeveel mensen worden er aangenomen, wat krijgen anderen betaald? Salaris is zeer belangrijk, maar niet alleen. Maak een rangorde van wat je belangrijk vindt en kijk of er dingen zijn die voor jou minder belangrijk, maar voor de werkgever heel belangrijk zijn zodat je deze kunt "ruilen".
'Wees goed voorbereid. Heb alternatieven. Hoe meer alternatieven je hebt, hoe sterker je staat. Maar denk ook na over wat je gaat doen als je niet de baan of salarisverhoging krijgt. Heb je geen andere banen in zicht, stel je zelf dan de vraag waarom de organisatie jou moet aannemen en niet iemand anders; leg de werkgever uit wat jouw unieke eigenschappen zijn en hoe deze bij de organisatie passen. Praat nooit over salaris tijdens een sollicitatie voordat je een schriftelijke bevestiging hebt dat ze je aan willen nemen. Praat ook niet over je voormalige salaris wanneer dit laag is. Wanneer recruiters hier toch om vragen, zeg dan dat dit niet relevant is omdat je inmiddels extra diploma's of ervaring hebt. Praat juist over een gezamenlijke toekomst en het salaris dat daarbij past. Focus hierbij op wat anderen binnen dezelfde industrie, op hetzelfde niveau, of met een soortgelijke achtergrond verdienen. After all, if you don't ask for it, you don't get it. Je zult verbaasd zijn over wat je kunt krijgen, zolang je de voorbereiding maar niet onderschat. Tot slot: Don't ask for the world on a silver platter. Wees respectvol en weet wanneer je moet stoppen met vragen om meer. De kans is namelijk groot dat je een tijd lang met de werkgever in zee gaat of hem in de toekomst nog tegenkomt.'
CV
Geboren: 3 april 1976.
Woonplaats: Parijs.
Burgerlijke staat: single, geen kinderen.
Rijdt in: 'De trein. Iedere dag drie kwartier heen en weer. Goed te doen. Vind auto niet zo belangrijk.'
Leest: 'Veel Engelse boeken. Favorieten zijn The Tipping Point, Our Inner Ape, en The End of Poverty. Op mijn nachtkastje ligt Guns, Germs and Steel. Ik lees weinig Nederlands. Wel een fantastisch boek van de broer van een vriend van mij gelezen over zijn ervaringen bij Artsen zonder Grenzen: Afrika is besmettelijk. Laatst vertelde ik ook tegen mijn vrienden dat ik Komt een vrouw bij de dokter had gelezen. Daar was ik dus wat laat mee.'
Rare hobby's: 'Het is wel heel erg als ik hier mijn werk zeg. Dat is het wel. Plus voetbal en met vrienden en familie zijn.'
Mooiste Franse woorden: 'Trottoir, portemonnaies, en parapluie'. Volg op dit moment twee avonden per week Franse les om het wat te leren spreken, maar het schiet niet echt op.'
fotografie Reinier Gerritsen
Wellicht ook interessant:
Meer artikelen in de rubriek 'De loopbaan van'
Reageer, print of deel dit artikel
Reacties op dit artikel:
Tijmen Van Aken | 10 november 2011 (21:16)
He Roderik, wat een mooi verhaal zeg. Heel veel succes met je carriere.
Groetjes van je oude klasgenoot,
Tijmen van Aken.
|