Zanger Wouter Hamel: 'Ik haat image building’
Auteur: Daphne van Paassen
|
23-06-2010
| Reacties: 2
|
Mail dit artikel
Net platina plaat gekregen. Wakker gebeld door Giel’, twitterde Wouter Hamel onlangs. De opgewekte singer-songwriter die jazz inademt en pop uit, is bezig een internationaal succesverhaal te worden.
Wie: Wouter Hamel Geboren: 19 mei 1977 Opleiding: School voor journalistiek (niet afgemaakt), Utrechts Conservatorium, afdeling Jazz & Pop (2001) Loopbaan: - administratief baantje gecombineerd met achtergrondkoortjes in bandjes en musicals (2001-2005), - winnaar Nederlands Jazz Vocalisten Concours (2005), - Eerste album: Hamel (2007), - Winnaar Essent Awards, De Eerste Prijs, De Zilveren Harp (2007), - Toer door Japan (2008), - Tweede album: Nobody’s Tune (2009), - Platina plaat (2010)
Wat wilde je worden toen je tien was? ‘Prins. Of beroemd – tenminste dat beweert mijn moeder altijd. Zelf dacht ik: schrijver. Ik las veel en schreef verhalen in overdadige, bloemrijke taal. Ik herinner me een keer dat de leraar Nederlands een middeleeuwse krullerige letter op het boord tekende en zei: “Zo schrijf jij. Kom toch eens to the point, schrijf er niet zo omheen, weet eerst eens wat je wilt beweren.” Soms denk ik daar nog wel eens aan als ik een liedje schrijf: Hamel, to the point, je zwamt er weer omheen.’
Fotografie: Martin Dijkstra
Hoe ben je gevormd door je jeugd?
‘Ik kom uit een sfeervol, gezellig workingclass gezin uit Den Haag. In een straat waar iedereen elkaar kende; familie woonde om de hoek. Saté rijgen in de achtertuin, veel straatfeesten. Dan pakte mijn oom zijn gitaar en zong mijn moeder tweede stem. Die hang naar gezelligheid heb ik nog steeds. Als muzikant wil ik het ook leuk hebben. Ik hield als kind al van muziek en dansen. Waardoor een vriendinnetje van de basisschool een keer vroeg: waarom ga je niet eens mee naar mijn balletles? Ik bleek talent te hebben en werd meteen gekaapt door de balletjuf. Niet veel later zat ik op de vooropleiding van de balletacademie en fietste ik iedere zaterdag naar de Juliana van Stolberglaan. Natuurlijk werd ik gepest – een jongen op ballet. Dat raakte me, maar tegelijkertijd vond ik het te leuk om het op te geven. Daardoor heb ik geleerd af en toe een dikke middelvinger op te steken en gewoon toch te doen wat ik zelf wil.’
In welke groep mensen is je karakter het meest gevormd? ‘Op de middelbare school. Ik verhuisde vlak voor de middelbare school naar Wijk bij Duurstede. Ik deed ontzettend mijn best om bij de rijke kakkers in de smaak te vallen. Maar toen dat gelukt was, vond ik ze saai. Ik ontdekte in die tijd ook dat ik homo was en dat werd in die groep natuurlijk ook niet echt gewaardeerd. Bij de alto’s kon alles. Als je maar een eigen mening had. Dat waren ook de mensen die in de toneelclubjes en musicalklasjes zaten, die de schoolkrant volschreven. De crea’s. Ze hadden ook de leukste feestjes trouwens.’
Wat is de belangrijkste beslissing die je hebt genomen in je leven?
‘Om toch naar het conservatorium te gaan. Op de havo kwamen er bij wijze van voorlichting mensen vertellen over hun studie en beroep. Ook zangeres Manon Ros. Ik zat op gitaarles en zong in bandjes. Ze was onder de indruk van mijn stem. Maar zei: “Ga niet naar het conservatorium, je hebt een bijzonder geluid, dat raak je daar kwijt.” Ik ging dus naar de school voor journalistiek. Maar ik had het niet naar mijn zin. Als ik in Sophie’s palace kwam – een soort Utrechts kunstenaarscollectief – dacht ik: hier hoor ik, ik moet artiest worden. Ik ben toen alsnog gaan auditeren en werd toegelaten. Heel, heel misschien was ik er gekomen zonder opleiding, maar dan had ik nooit dezelfde liedjes kunnen schrijven. Vroeger had ik inspiratie nodig om te kunnen schrijven, nu is die inspiratie oproepbaar doordat ik de tools heb.’
Welke fout was essentieel voor je loopbaan?
'Na het conservatorium verhuisde ik naar Amsterdam en ging daar volkomen los. Een hedonistische aaneenschakeling van zuipen, blowen en onenightstands. Ik had een administratief baantje waar ik mijn kater zat uit te zitten. Eigenlijk heb ik drieënhalf jaar weggegooid. Ik was ongelukkig en op zoek naar zingeving, maar ondernam niets. De meeste van mijn nachtclubvrienden wisten niet eens dat ik opgeleid was als zanger. Behalve één. Die kwam op een dag met een foldertje: “Hé, jij was toch zanger, of zo. Jazz, was het niet? Misschien iets voor jou”, en hij overhandigde me een flyer voor het Nederlands Jazz Vocalisten Concours. Ik schreef me in. En vanaf dat moment ging de knop om. Ik was geconcentreerd. Tegelijkertijd stond ik inmiddels ver af van die competitieve sfeer van het conservatorium. Ik stond daardoor zowel ontspannen en gefocust op het podium. Misschien had ik daar die cool down-periode voor nodig gehad. Ik won.’
Zonder mazzel geen succes: op welk cruciaal moment in je carrière heb je mazzel gehad? ‘Ik was de eerste man die het concours won. En je hebt journalistiek gestudeerd of je hebt het niet, dus ik schreef een persberichtje met de headline: Wouter Hamel, eerste mannelijke winnaar Jazz Vocalisten Concours. Waarna ik bij Goedemorgen Nederland zat, bij Paul de Leeuw en al die andere programma’s.’
Het beste advies dat ik ooit kreeg
‘Een of andere Koreaanse acteur zei ooit in een documentaire: “Ik hoef niet de beste acteur te zijn, ook niet degene met de meeste roem, als ik maar de leukste was om mee samen te werken.” Dat vind ik ook, want, zoals Betty Davis al zei, die limousines en rode lopers zijn fantastisch, maar ze kunnen ook zo weg zijn. Je moet van het echte zweten op het podium genieten. Het gaat om de lol in het leven, niet om de beloning.’
Is je uiterlijk een voordeel of een nadeel in je vak? ‘Op korte termijn een voordeel. Elle recenseert mijn cd als die van “onze eigen blonde jazzgod” en recenseert ’m waarschijnlijk ook dáárom. Maar op de lange termijn leidt het misschien wel af omdat het over je haar gaat in plaats van je cd.’
Wat is je talent?
‘Ik kan als songwriter liedjes schrijven die bekend klinken en toch nieuw zijn. Dat is goed denk ik. Ze raken aan iets archetypisch. En ik denk dat ik een leuke artiest ben om mee te werken. Dat wordt ontzettend onderschat in deze wereld. Het is in dit vak natuurlijk heel cool om je geen fuck van anderen aan te trekken. Maar dat heb ik niet. Ik doe mijn best voor andere muzikanten en voor mijn publiek, dat toch maar de moeite heeft genomen om een kaartje te kopen.’
Wat is het minst leuk aan je vak? ‘Dat je leven op straat ligt. Ik heb een langzame start gehad. Heb er langzaam aan kunnen wennen. Maar als je er leuk uitziet, ben je een fashion addict. Als je iets casuals aan hebt, ben je aan het verslonzen. Iedereen vindt van alles van je.’
Wat is je imago? ‘Braaf. Ik ben geen coole, ruige rockster. Ik doe niet aan image building. Heb geen stylist. Als je het goed bekijkt, ben ik eigenlijk een soort Liesbeth List van de popmuziek.’
Grootste angst? ‘ Dat ik zo’n zure, zeurderige teleurgestelde muzikant wordt. Niet meer geïnspireerd. Daarom probeer ik niet alleen maar te genieten van de roem, maar vooral ook van het muziek maken zelf.’
Wellicht ook interessant:
Meer artikelen in de rubriek 'De loopbaan van'
Reageer, print of deel dit artikel
Reacties op dit artikel:
Femke | 31 augustus 2010 (14:39)
Sorry, Wouter, maar ik had nog nooit van je gehoord :-) Ik zal je eens Googelen....
Ilse | 13 oktober 2010 (17:38)
ik ben al anderhalf jaar verslaafd aan Wouter(s muziek), ik ben bijna nonstop bezig met alles wat met Wouter te maken heeft, maar dit alles wist ik nog niet. Ik wist wat voor studies hij heeft gedaan en hoe hij (een beetje) bekend is geworden, maar voor de rest wist ik niets van dit alles :P
|