'Ik ben een middelmatig talent dat hard werkt'

Auteur: Daphne van Paassen | 17-03-2010 | Share/Bookmark Mail dit artikel

S Saxofonist Benjamin Herman maakte jazz weer hip en dansbaar. Deze maand komen twee cd's uit: een met Hans Teeuwen en een met zijn band New Cool Collective.



Wie: Benjamin Herman
Geboren:
9 mei 1968, Londen
Opleiding: conservatorium Hilversum (1991, cum laude)
Loopbaan:


  • 1985: eerste optreden North See Jazz.
  • 1994: richt New Cool Collective op.
  • In 1999, 2004 en 2007 ontvangt hij een Edison.
  • In 2006 krijgt hij de prestigieuze Boy Edgar prijs.
  • 2008: uitgeroepen tot best geklede man.
  • Toert door Brazilië, Argentinië, Kenia, Rusland, Canada, Engeland, Ierland en Japan.
  • Maakte elf solo cd's en nog eens ruim een dozijn met New Cool Collective en andere bands.

Benjamin Herman

Fotografie: Paul Levitton

Hoe ben je gevormd door je jeugd?

‘Mijn vader was rabbijn en psychoanalyticus die gespecialiseerd was in mensen met oorlogstrauma’s. Maar voor zijn huwelijk was hij muzikant. Er werd bij ons thuis altijd muziek gemaakt. Mijn drie broers en mijn zus spelen allemaal een instrument. Mijn moeder zat achter de piano wanneer ze maar kon. Zij heeft mij het meest gevormd en gestimuleerd. Ze is ook organisatorisch een talent. Heeft veel gedaan in de vrouwenbeweging en vredesbeweging. Van haar heb ik geleerd om als je iets wilt, niet te wachten tot een ander het organiseert, maar het zelf op te zetten.’

Wat wilde je worden toen je tien was?

'Muzikant. Ik had ook niks anders kunnen worden: volslagen ongeschikt voor wat dan ook. Hoewel, in de muziek moet je ook wel een beetje sociaal vaardig zijn. Misschien was ik wel iets organisatorisch gaan doen. Op mijn negende speelde ik drum. Maar dat instrument is zo immobiel. Ik had een leraar die zijn saxofoon vaak naar school meenam. Dat vond ik een te gek ding. Dat wilde ik ook. Dus voor mijn bar mitswa, als joodse jongetjes die dertien worden een heel groot cadeau mogen uitzoeken, vroeg ik een sax.’

Wat is de belangrijkste beslissing die je hebt genomen in je leven?

‘Om na het conservatorium een half jaar in New York te gaan studeren. Het Mekka voor iedere jazzmuzikant. Iedereen die ergens goed in wil worden, muzikant of niet, zou eigenlijk naar het buitenland moeten gaan: over de grenzen kijken om te zien hoe mensen in andere landen het doen. Naar plekken waar het niveau hoger is. Ik was op mijn 22e cum laude afgestudeerd, en dacht dat ik heel wat kon; dat de wereld aan mijn voeten lag. Maar in New York kon ik vanaf nul beginnen. Heel gezond. Ik heb toen de beslissing genomen om meer het heft in eigen hand te nemen. In New York besefte ik: je knippert twee keer met je ogen en je bent twintig jaar verder en dan wil ik niet alleen maar een beetje van job naar job gehopt zijn. Er moet dan wat staan. Bij thuiskomst heb ik New Cool Collective opgericht.’

Geen succes zonder mazzel. Wat was jouw mazzel?

‘Ik was veertien en had bijna een jaar saxofoonles. Maar ik vond het vreselijk, studeerde niet en ging met lood in mijn schoenen naar les. Mijn moeder had al twee keer achter elkaar moeten afbellen omdat ik weigerde te gaan. Toen zei ze: “Misschien moet je maar van les af. Verkopen we gewoon je saxofoon.” Daar schrok ik van. Ik ben toen voor het eerst van mijn leven iedere dag gaan studeren. Een, twee uur per dag, een week lang. Ik schoot ineens vooruit. Mijn mazzel is dus geweest dat ik op jonge leeftijd gemerkt heb dat als iets niet lukt, maar je oefent elke dag, dat het dan heel rap gaat. En dat dat een geweldige ervaring is.

Op het conservatorium liepen mensen rond met veel meer talent. Maar dat brengt je nergens als je daarbij niet keihard studeert. Als het je allemaal is komen aanwaaien, ben je niet gewend om hard te werken en daarvan te genieten. Ik ben een middelmatig talent met een beetje mazzel en een hoop lol, die hard werkt.’

Heb je rituelen?
‘Ik heb een pleurishekel aan mensen met rituelen. Zangers en zangeressen hebben er een handje van. Daarom werk ik ook zo weinig met ze. Iedereen de kleedkamer uit voor het concert – dat soort dingen. Zodat je denkt: wauw, wat een gevoelig typje. Ik wil relaxte mensen om me heen.’

Het beste advies dat ik ooit kreeg

‘Niet persoonlijk van Charlie Parker ontvangen dit advies, maar wel van hem geleerd: alles in twaalf toonaarden oefenen. Dan sta je nooit voor lul als je plotseling een stuk in een andere toonsoort moet spelen.'

Wat is niet leuk aan het vak?

‘Waar ik soms echt moeite mee heb, zijn de pieken en de dalen. Als ik een plaat heb gemaakt en veel optredens heb – ik heb de komende maand vier avonden vrij – dan voel ik een onwijze stroom adrenaline door mijn lijf gieren. Dan ben ik de hele dag super blij en gaat de muziek keihard door mijn kop. Maar als zo’n proces is afgelopen, ben ik zo gewend aan de uppers; dan mis ik de flow en erger me wezenloos aan mensen die niet meegaan in mijn snelheid en plannen.’

Wat was je beste nee?
‘Ik zeg tegen alle vaste banen nee. Voor mij geen baan als sectieblazer in een orkest of docent op het conservatorium. Ik heb het allemaal gedaan, maar het bleek niet mijn ding. Zonder vaste baan dwing ik mezelf creatief te blijven. Ik heb ook nee gezegd tegen zo’n blad met mijn naam erop, zo’n Linda, zeg maar. Terwijl iedereen zei: moet je doen, is goed voor je publiciteit. Maar ik vind die ego-bladen niet cool. Niet gedaan dus.’

Wat is je imago?

‘Nou ja, ik ben een tijd terug uitgeroepen tot Best Geklede Man van Nederland. Wat ik zelf heel leuk vond, maar waarom ik door mijn vrienden enorm ben uitgelachen. Dat ik er zo uitzie, komt gewoon doordat ik als kind naar films keek met Humphrey Bogart en Clark Gable en dan dacht: wauw, wat een mooie kleren. Het eerste wat ik ga doen als ik een beetje poen heb, is goede pakken kopen. Maar ik hoop dat ik bij muzikanten het imago heb dat ik artistieke keuzes maak. Ik kan met iedereen spelen die ik wil, maar ik kies Misha Mengelberg of Han Bennink of Jules Deelder – oude rotten van wie ik wat kan opsteken. Of jonge gasten als C-Mon & Kypski en Typhoon waar ik helemaal up van word door hun tomeloze energie.’

Wat is je grootste angst?
‘Lege zalen. Vanaf mijn 32e heb ik heel bewust geprobeerd het tempo op te voeren waarmee ik aan mijn eigen oeuvre bouw. Tussen de veertig en zestig heb je het moeilijk als jazzmuzikant. Je bent geen jong talent meer en geen oude legende. Gewoon die gast met zijn saxofoon die iedereen al twintig keer heeft gezien.’
Wellicht ook interessant:
Meer artikelen in de rubriek
'De loopbaan van'

Reageer, print of deel dit artikel

  • Reageer (0)
  • Print
  • Share/Bookmark Mail dit artikel
Het kan enige tijd duren voordat je reactie geplaatst wordt.

Het is de redactie van Intermediair toegestaan om de inhoud van de reactie met naam en toenaam te hergebruiken in de print uitgave van Intermediair.

Reacties worden niet direct op de site geplaatst. De redactie controleert vooraf of de reactie aan een aantal voorwaarden voldoet. Deze voorwaarden zijn:

  • Reacties dienen betrekking te hebben op de inhoud van het betreffende artikel of onderwerp.
  • Reacties mogen geen beledigingen, bedreigingen, al dan niet fictief, aan het adres van de andere sitebezoekers of aan prominente personen bevatten.
  • Uitingen van geweld, racisme, anti-semitisme, het zwartmaken van individuen, groepen of organisaties worden niet getolereerd.
  • De reactie moet kort en bondig zijn (maximaal 1.000 karakters), te lange reacties worden niet geplaatst.
  • Het plaatsen van persoonsgegevens zoals telefoonnummers en adressen in de tekst van de reacties is niet toegestaan.
  • Links naar websites en reclame voor producten en/of diensten worden niet geplaatst.
  • Reacties die volledig in hoofdletters zijn getypt en/of vol staan met uitroeptekens en vraagtekens worden niet geplaatst.
  • Reacties die vol staan met taalfouten worden niet geplaatst.

De redactie behoudt zich het recht voor om reacties aan te passen, in te korten of te verwijderen. De redactie gaat niet in discussie over geplaatste of verwijderde reacties.


Ik ga akkoord met de voorwaarden

Zoek in vacatures voor hoogopgeleiden: