Plasterk wil onderzoek naar homodiscriminatie op het werk
In de kast, uit de kast
Auteur: Daphne van Paassen
|
14-08-2008
| Reacties: 1
|
Mail dit artikel
Bedrijven moeten homovriendelijker worden, vindt minister Plasterk. Zijn die dan homo-onvriendelijk?
Tolerant?
In de 25 jaar dat hij bij TNT werkt, heeft Paul Overdijk, homoseksueel en directeur strategie bij TNT, nog nooit last gehad van homo-onvriendelijke opmerkingen. Onhandigheid, dat kwam hij natuurlijk wel eens tegen. Kreeg hij na een presentatie een bos bloemen 'voor zijn vrouw'. Maar als hij dan vroeg of het ook voor zijn man mocht zijn, reageerde de gever met een: 'Oh ja, dat kan natuurlijk ook! Sorry, niet bij stilgestaan.'
Homoseksualiteit lijkt in Nederland geen issue meer. Bijna 95 procent van de Nederlanders vindt dat homo's en lesbiennes hun leven moeten leiden zoals zij dat willen. Waarom trok minister Plasterk van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen én Emancipatie dan vier ton uit voor een mentaliteitsverandering binnen bedrijven ten aanzien van homo's?
Gepest
Nico Meijer van FNV Roze, het platform voor homoleden van de vakbond, gelooft niet dat de Nederlandse werkvloer werkelijk zo homovriendelijk is. FNV Roze gaat samen met het Company Pride Platform (een samenwerkingsverband van homonetwerken van grote bedrijven als ING, Shell, TNT, Philips en IBM ) het geld besteden. 'We dachten inderdaad lange tijd dat de strijd in Nederland gestreden was. Maar we ontvangen steeds vaker signalen van leden dat ze gepest worden of niet in aanmerking komen voor een bepaalde promotie. We krijgen regelmatig meldingen van leraren die op scholen met veel allochtone leerlingen niet meer durven te zeggen dat ze homo zijn, omdat ze anders gepest worden. Die gaan weer in de kast.'
Geen cheffunctie
Ook in het bedrijfsleven komt volgens Meijer homodiscriminatie voor. 'Zo hadden we een verkoper die maar geen chef kon worden. Volgens hemzelf vonden ze een homo als verkoper heel geschikt - zijn geaardheid gaf hem wel een soort extra flair - terwijl ze een cheffunctie niet zagen zitten.' Lastig te bewijzen, dat is zo, geeft Meijer toe. 'Maar gecombineerd met berichten in de kranten over de toenemende homohaat en geweld tegen homo's, hebben we het gevoel dat het bergafwaarts gaat.'
Die gevoelens worden niet gestaafd door harde cijfers. De toename van homodiscriminatie bij het Meldpunt Discriminatie Amsterdam (134 klachten in 2007 tegenover 73 in 2006) bleek vooral het gevolg van de oproep van Christen-Unie politica Yvette Lont aan partijgenoten om praktiserende homo's uit bestuursfuncties te weren.
Het aantal meldingen over geweld tegen homo's nam volgens de politie toe door de toegenomen bekendheid van het meldnummer. Ook op de werkvloer vond onderzoeker Ria Hermanussen in 2005 weinig onrustbarende situaties. 'Alleen in het onderwijs kwamen we echte pesterijen tegen van homoseksuele leraren door leerlingen.'
'Normaal gedragen'
'Feit is dat we gewoon niet weten of homodiscriminatie toeneemt', zegt Overdijk, die behalve directeur bij TNT ook voorzitter van Company Pride Platform is. 'We weten wel uit een enquête van 2004 dat eenderde van de homo's op zijn werk niet zegt dat hij homo is. Dat is veel en dat is niet voor niets. Een groot deel van de subsidie van Plasterk zullen we dan ook gebruiken om samen met het FNV te onderzoeken of er sprake is van homodiscriminatie.'
Volgens een literatuurstudie van het Sociaal en Cultureel Planbureau kan dat grote aantal homo's in de kast verklaard worden doordat er sprake is van een schijnbare tolerantie in Nederland: je mag homo zijn, maar je moet je zo normaal mogelijk (lees: als hetero) gedragen. Bovendien suggereert het rapport dat deze matige tolerantie op het werk zou kunnen omslaan in homo-onvriendelijkheid als meer allochtonen - die over het algemeen negatiever staan tegenover homo's - de arbeidsmarkt betreden.
Tot nu toe 'kwamen allochtonen weinig in aanraking met openlijk homoseksuelen', aldus het SCP. Maar nu de arbeidsmarktparticipatie en het opleidingsniveau van allochtonen stijgt, zou dat kunnen veranderen. Tegelijkertijd betekent dat hogere opleidingsniveau van allochtonen mogelijk ook dat ze toleranter zullen worden. De subsidie van Plasterk lijkt dus vooral een manier om in woelige tijden de vinger aan de pols te houden.
Foto boven: Goos van der Vee/ HH
Homo's werven op de Gay Pride
Het was niet zo dat Anne van Baarle (31) vorig jaar dacht 'Dáár ga ik solliciteren' toen hij de TNT-boot zag op de Gay Pride. Hij hád al gesolliciteerd en wel op de baan van projectleider bij Cendris, onderdeel van TNT. Maar het zien van de boot vervulde hem wel met trots en het stelde hem gerust dat hij bij een bedrijf zou gaan werken men zich openlijk uitsprak voor een homovriendelijk werkklimaat.
Nooit eerder voeren er op de Gay Pride in Amsterdam afgelopen maand zoveel bedrijfsboten mee. ING, TNT de Politie, ABN Amro & Fortis ('just married' stond er op hun boot) lieten een boot met homoseksuele medewerkers door de Amsterdamse grachten varen. ING verwees naar de Gay Pride op zijn recruitmentsite en had een stand om potentiële homoseksuele medewerkers te werven. TNT had een grote advertentie voor personeel in de Gay Krant en het programmaboekje van de Gay Pride. Volgens Martijn Hemminga, specialist arbeidsmarktcommunicatie, is de Gay Pride in deze krappe arbeidsmarkt absoluut een wervingsinstrument geworden. 'En een manier om zittende medewerkers te binden. Bedrijven als ING laten zien: bij ons kun je zijn wie je bent. Een krachtig wervingsargument als je bedenkt dat eenderde van de homo's op het werk niet durft te zeggen dat hij homo is.'
Eenderde van de homo's zit op het werk in de kast
De vier ton subsidie waarmee minister Plasterk homodiscriminatie op het werk wil bestrijden, wordt vooral besteed aan onderzoek naar de vraag of homo's gediscrimineerd worden. Onderzoek uit 2004 en 2006 laat de volgende feiten zien:
90 tot 95 procent van de Nederlanders vindt dat homo's en lesbiennes hun leven zo moeten leiden als zij dat willen; 25 procent van de autochtone jongens en zeven procent van de autochtone meisjes wil geen homo in zijn vriendenkring. Dat geldt voor 88 procent van de Turkse jongeren en 80 procent van de Marokkaanse; eenderde van de homo's zegt op het werk niet dat hij homo is en blijft in de kast; er lijkt een positief verband tussen openheid over seksuele geaardheid en acceptatie daarvan; tien procent van de homo's meldde in 2006 dat ze het afgelopen jaar op hun werk te maken hadden gehad met negatieve reacties.
Wellicht ook interessant:
Meer artikelen in de rubriek 'Conflicten'
Reageer, print of deel dit artikel
Reacties op dit artikel:
Els Veenis | 15 augustus 2008 (17:10)
De 4 ton zal niet hoofdzakelijk besteed worden aan onderzoek naar het bestaan van homo-discriminatie op de werkvloer maar juist aan het zoeken naar en ontwikkelen van oplossingen.
''Door middel van het opstellen van gedragscodes en het aanbieden van trainingen op maat moet homoseksualiteit makkelijker bespreekbaar worden op de werkvloer. Bedrijven zullen hiervoor een 'toolkit' ontvangen, die digitaal wordt verspreid". (www.minocw.nl)
|