Voor verlegen werknemers is elke vergadering er een te veel

Auteur: Roos Kuiper | 27-03-2004 | Share/Bookmark Mail dit artikel

O Om het even welke baan bestaat tegenwoordig voor de helft uit vergaderen, overleggen en presenteren. Verlegen mensen zitten er vaak voor spek en bonen bij. Jammer, want juist zij denken nog wel eens ergens over na.


Profileren en positioneren
Geloofwaardige boodschap
Verlegen of bescheiden
Verlegenheid: irreële angst
Vertrouwen op waarneming

Profileren en positioneren
'Op vrijdag zit ik vaak bij de vergadering van de cultuurredactie. Ik voel me daar niet op mijn gemak, ik ben altijd bang om iets te zeggen.' Judith Eiselin recenseert kinderboeken voor NRC Handelsblad. Als vaste freelancer moet ze de redactie wel bezoeken, ook al heeft ze er elke week weer nachtmerries van. 'Het heeft er waarschijnlijk mee te maken dat ik nog altijd ontzag heb voor mijn oudere collega's. Ik ben bang dat ze mij nog steeds zien als het onbenullige meisje van de kinderboeken en dat begint wel vervelend te worden als je 33 bent.'

Verlegen mensen als Judith hebben het knap moeilijk op hun werk. Doordat er in het bedrijfsleven steeds meer in teams wordt gewerkt, bestaat de werkweek uit talloze vergaderingen en besprekingen. Van veel hoogopgeleiden wordt derhalve min of meer verwacht dat ze zonder blikken of blozen een PowerPoint-presentatie uit hun mouw schudden. Daar komt nog bij dat, als je de boekjes mag geloven, een carrière alleen nog is weggelegd voor wie zich kan profileren en positioneren. Communicatietrainer Ferry Tromp noemt het de 'veramerikanisering van het bedrijfsleven', die nadruk op communiceren en vergaderen.

'Jammer genoeg is het gevolg dat we de inbreng dreigen mis te lopen van mensen die wikken en wegen voordat ze hun mond opendoen: de bescheiden en verlegen mensen.' Verlegenheid is namelijk beslist geen slechte eigenschap, vindt Tromp. 'Ik krijg veel mensen op bezoek die zeggen: "Eigenlijk ben ik niet zo'n prater, maar ik krijg op het werk wel de indruk dat het van me wordt verwacht." Als iemand dat zegt, word ik echt fel. In de twintig jaar dat ik in het vak zit, heb ik nog nóóit gemerkt dat extraverte mensen beter communiceren dan introverte!'

Geloofwaardige boodschap
Volgens Tromp gaat het er ook helemaal niet om hoe de boodschap verpakt wordt, maar hoe geloofwaardig die is. En verlegen mensen beschikken over kwaliteiten die de geloofwaardigheid verhogen. 'Het zijn vaker types die veel nadenken, die niet ogenblikkelijk reageren, en daardoor komen ze betrouwbaar en geloofwaardig over.' Dat merkt ook Judith Eiselin. 'Het is daarom wel raar dat ik me zo onzeker blijf voelen. Mijn voorstellen worden altijd aangenomen, terwijl anderen de onzinnigste ideeën keihard over tafel durven roepen.'

Bij Eiselin zit de verlegenheid in de familie. 'Mijn tweelingzusje had er als kind nog meer last van dan ik en mijn dochter is ook heel verlegen. Dat irriteert me gek genoeg wel eens, dan heb ik de neiging haar een duw te geven in de richting van andere kinderen.'

Verlegenheid kan een aangeboren karaktertrek zijn, maar veel verlegen mensen liepen ooit in hun leven een blauwe plek op hun ziel op die hen timide maakte. 'Mensen -- vooral vrouwen trouwens -- zijn zich enorm bewust van hun zwakke kanten', zegt Tromp. 'Ze zien alleen hun scheve neus, ze horen alleen hun schelle stem of dat ze plat praten. Opmerkingen die ze ooit gehoord hebben van een vervelende baas of van roddelende studiegenoten, dragen ze hun hele leven met zich mee. Ik probeer ze te laten zien dat anderen helemaal niet op hun neus letten.'

Verlegen of bescheiden
Met behulp van video-opnamen laat Tromp zijn cursisten zien hoe ze op anderen overkomen, maar hij zal ze nooit leren om bijvoorbeeld hun stemgebruik te veranderen. 'Je spraak veranderen is bijna niet te leren, praten is zo'n spontane activiteit.' Communicatietrainer Petra van den Brink maakt een onderscheid tussen verlegen mensen en bescheiden mensen. Verlegen mensen durven het woord niet te nemen, bescheiden mensen hebben de neiging zichzelf klein te maken. 'Bescheiden mensen gebruiken formuleringen als: ik zou graag, ik denk dat het verstandig is of ik hoop dat. Ik noem dat voorzichtige taal. Daar komt nog bij dat hun non-verbale gedrag ook onderdanig is. Je ziet altijd een wisselwerking tussen houding en taal. Kijk maar naar mij: als ik ik wil of ik vind zeg, ga ik vanzelf rechtop zitten.'

Bescheiden mensen kunnen volgens Van den Brink met een vaardigheidstraining vrij gemakkelijk leren om meer voor zichzelf op te komen. Ze geeft het voorbeeld van een directeur die ertegen opzag om tijdens presentaties te vertellen hoe goed zijn bedrijf is. 'Elke keer dat hij zoiets zei, ging zijn stem omhoog en keek hij met een vragende blik.' Door hem zijn gedrag op video te laten zien en veel te oefenen, is hij anders gaan spreken. Natuurlijk kun je de klankkleur van je stem niet veranderen. Maar je kunt mensen wel leren meer volume te gebruiken of hun stem aan te zetten.'

Bij echte verlegenheid gaat Van den Brink op zoek naar de bron van de schaamtegevoelens. 'Ik vraag altijd: heb je dit eerder meegemaakt in je leven, bijvoorbeeld op school of op de universiteit? Wat besloot je destijds te doen? De verlegenheid is namelijk vaak al in de kinderjaren ontstaan. Dan is het niet een kwestie van een uurtje coachen voor je er weer van af bent.'

Verlegenheid: irreële angst
'Verlegenheid is een irreële angst', zegt Pieter Frijters. Met zijn tweedaagse cursus Mind Tuning belooft hij mensen van hun sociale angsten af te helpen. Voor zijn groep staat vandaag een lange slungelachtige man van begin veertig. Hij kan er niet tegen om in het middelpunt van de belangstelling te staan. Eerst trillen alleen zijn handen, maar al snel neemt de rest van zijn lichaam het beven over. Na een kleine minuut staat hij zo hard te schudden dat Frijters hem weer laat zitten. In het dagelijks leven is de schuddende man beleidsmedewerker bij de overheid.

Nu is deze deelnemer wel een extreem geval, zegt Frijters later. 'Ik heb zoiets nog nooit gezien.' Ook de andere cursisten hebben veel moeite om in het middelpunt van de aandacht te staan, maar de symptomen beperken zich tot blozen of zwijgen. In deze situaties krijgen verlegen mensen last van tunnelvisie. Bij een beoordelingsgesprek zien ze alleen maar de gevreesde leidinggevende tegenover zich en de rest van hun omgeving ontgaat hun volkomen, legt Frijters uit. 'Verlegen mensen hebben de neiging iemand in de ogen te staren omdat ze denken dat dit hoort, maar het staren blokkeert hun gedachten volledig. Probeer maar eens met me te praten terwijl je me recht in de ogen kijkt.' Kleine kinderen hebben volgens Frijters een natuurlijke manier van kijken, hun ogen dwalen voortdurend overal heen. 'Het is daarom een goedbedoeld schandaal dat we hen dwingen ons recht in de ogen te kijken.'

Terwijl Frijters een gesprek voert met een van de andere deelnemers, vraagt hij de schuddende man weer naar voren te komen. Frijters gaat gewoon door met zijn gesprek en af en toe betrekt hij de man erbij. Het trillen blijft nu uit. Dan draait hij zich om, pakt een balletje uit zijn zak en gooit het naar de man. Terwijl ze elkaar de bal toewerpen, stelt Frijters allerlei vragen. Nu de man met iets anders bezig is, beeft hij niet meer. De bal vangt hij ook automatisch op.

Vertrouwen op waarneming
'Mensen durven te weinig te vertrouwen op hun waarneming. Je hoeft niet naar iets te kijken om waar te nemen.' Kijken, of liever 'waarnemen', staat dan ook centraal in Frijters aanpak. 'Laat je ogen over het gezicht van je gesprekspartner gaan, ga hem niet aanstaren. Kijk niet uit je ooghoeken, draai je gezicht mee. Kijk nu even deze kant op, kijk nu weer terug.' Ook stimuleert hij het gebruik van de verbeelding. 'Stel je eens voor dat je dat beoordelingsgesprek hebt. Wat zie je eigenlijk precies? Is die persoon groter of kleiner dan jij?', vraagt hij een cursiste. Als ze de situatie van het gesprek in haar gedachten voorziet van achtergrond, kleur en beweging, wordt de bedreigende leidinggevende een stuk kleiner en neemt haar angst af.

'Veel verlegenheid komt voort uit een gebrek aan ervaring', zegt Tromp. 'Ik kreeg laatst iemand die al 25 jaar bezig was presentaties te ontlopen. Geheel ten onrechte, want tijdens de training bleek hij een fantastisch spreker te zijn. Mensen zijn in het algemeen veel beter dan ze denken.'

Judith Eiselin heeft inderdaad nooit geleerd voor een groep te spreken. 'Op de Montessorischool waar ik op zat, waren we altijd met individuele taken bezig. De keren dat je iets voor de groep moest doen, waren op de vingers van een hand te tellen. Tijdens mijn studie Nederlands was spreken in het openbaar wel een vak. Toen ik aan de beurt was, kon ik geen woord meer uitbrengen en ben ik heel hard het lokaal uitgerend.'

Op Nederlandse scholen en universiteiten wordt studenten -- in tegenstelling tot in de VS -- nauwelijks geleerd hoe je een boodschap kunt overbrengen, klaagt Ferry Tromp. 'Terwijl er in het bedrijfsleven niets anders van je wordt verwacht dan presentaties geven en informatie overbrengen.' Op het werk zelf steek je ook weinig op, zegt Petra van den Brink. 'Collega's zullen nooit zeggen dat ze je onzeker vonden overkomen bij een presentatie. Als ze al iets zeggen, dan is het dat je het leuk gedaan hebt.'

Voor Eiselin hoeft het niet meer. Nu ze zelf een kinderboek aan het schrijven is, maakt ze minder recensies voor de krant en is haar zelfvertrouwen gegroeid. Haar voorstellen doet ze per telefoon. 'Ik ben trouwens ook dolgelukkig met e-mail.' Binnenkort verschijnt haar eerste boek -- over een extreem verlegen meisje.

Overgenomen uit Intermediair, 18 maart 2004

Wellicht ook interessant:
Meer artikelen in de rubriek
'Competenties en vaardigheden'

Reageer, print of deel dit artikel

  • Print
  • Share/Bookmark Mail dit artikel

Zoek in vacatures voor hoogopgeleiden: