Carrièreswitch in een jaar
Auteur: Florentine van Lookeren Campagne
|
16-04-2009
|
Mail dit artikel
In crisistijden zijn er een aantal beroepen waar altijd nog veel vraag naar is. Ontslagen, binnen een jaar omscholen en een baan vinden, is mogelijk: vooral in het onderwijs, de zorg en bij defensie.
Wie zijn baan is kwijtgeraakt, heeft niet eindeloos de tijd zich om te scholen. Het moet snel. En het moet iets zijn waar werk in is. Wat kun je worden in een jaar? Veel makkelijk toegankelijke beroepen zijn niet per se crisisbestendig. Je kunt je binnen acht maanden omscholen tot mediator, maar volgens de website van de beroepsvereniging is er 'nog geen grote vraag vanuit de markt'. Je kunt ook prima in deeltijd je NIMA A of B halen. Maar in tijden van krimp levert dat niet noodzakelijkerwijs een baan op. Loopbaancoach, trainer: je hoeft slechts een bordje op de deur te schroeven en je bent het, maar als je niet al een groot netwerk hebt om op terug te vallen, zou je het moeilijk kunnen krijgen de komende maanden.
Voor veel beroepen waar altijd wel vraag naar is, is een lange studie vereist. Er is bijvoorbeeld nog volop vraag naar juristen en de Belastingdienst zoekt nog fiscalisten en accountants. Dat betekent vier jaar voltijd studeren, of acht jaar deeltijd. Tegen die tijd is de crisis wel voorbij.
'Het beste is om slechts een kleine zijstap te maken', zegt Frank Cörvers van het ROA, 'naar een baan die nog wat raakvlakken met je opleiding of werkervaring heeft. De werkloze ict'er gaat van het bedrijfsleven naar de zorg, neemt daar technisch werk uit handen van de verpleegkundige, zodat die meer tijd heeft voor de patiënt.'
Maar juist in tijden van crisis is dat lastiger. 'Werkgevers letten nu strenger op je achtergrond, opleiding en competenties', aldus Cörvers. 'Jouw cv moet precies passen bij de eisen van de werkgever. Zijstapjes maak je nu alleen naar sectoren waar nog veel vacatures zijn, en de selectie nog niet zo streng.'
Die sectoren bestaan. Er is nog een derde categorie beroepen: waar zoveel vraag naar is, dat ze makkelijk toegankelijk zijn - door gecombineerd leren en werken of door extra geld voor mensen die later willen instromen. Kies niet voor deze beroepen puur omdat het crisis is. Enige liefde voor het vak is wel vereist. Als je stiekem in je kantoortuin zit te dromen van jungletochten en stormbanen, als je jezelf altijd al voor de klas zag staan, of in een witte jas door het ziekenhuis zag lopen, dan heb je een streepje voor.
Klik voor vergroting
Josine Scholma (31): verpleegkundige
Opleiding kost: niets. Het ziekenhuis kost het 80.000 euro.
Binnen een jaar aan de slag? Duale opleiding AMC: 30 weken school, 10 weken stage in het eerste jaar. Daarna drie jaar lang drie weken werken, één week school. Daarop volgt vaak een specialisatiejaar.
Verdient: het eerste jaar van de opleiding 450 euro per maand zakgeld, daarna minimumloon. Het eerste jaar werken levert 1.600 bruto op.
Leuk: 'Je voelt je belangrijk met zo'n witte jas aan.'
Niet zo leuk: de avonddiensten.
'Ik liep hier een dagje mee en ik dacht: Ja. Hier voel ik mij thuis.' Josine Scholma (31), eerstejaars student verpleegkunde, gaf haar baan in de mode-industrie op om een droom na te jagen die al jaren knaagde. Het was een weloverwogen keuze. Praktisch gezien was het ook een grote stap, zegt ze. Ze leeft nu van haar spaargeld en van haar bijbaantje in de thuiszorg. Maar ze voelt zich thuis in het AMC. 'Ik wil later terugkijken op mijn werkende bestaan en weten dat mijn werk iets heeft betekend voor anderen.'
In tegenstelling tot de arts die kort contact heeft met veel patiënten, is de verpleegkundige de hele dag door verantwoordelijk voor een handjevol mensen. Verpleegkundigen zijn de eersten die reageren als er iets misgaat met iemand. Ze reanimeren, geven medicijnen, leggen infusen aan, coördineren de bezoeken van de specialisten en zorgen als een soort advocaat voor de belangen van de patiënt. Zij controleren of de patiënt nog wel begrijpt wat hem allemaal overkomt, ze regelen een diëtist als dat nodig is, ze regelen de overdracht naar de intensive care, of naar huis.
Josine: 'Verpleegkundigen staan mensen bij op een kwetsbaar moment in hun leven. Je kijkt als verpleegkundige veel verder dan alleen naar het medische probleem. Je houdt je bezig met de impact die een ziekte heeft op het leven van een persoon, hoe het zijn functioneren beïnvloedt en welke ondersteuning hij nodig heeft. Als verpleegkundige reik je de handvaten aan die een patiënt nodig heeft om met de stoornis of ziekte zo volwaardig mogelijk verder te gaan.'
Idealisme is belangrijk, maar daarmee alleen redt een verpleegkundige het niet, zegt Carol Timmer, coördinator van het opleidingscentrum van het AMC. Timmer neemt alleen mensen die kunnen aantonen dat ze weten wat het vak inhoudt. 'We hebben hier veel last van Grey's Anatomy', zegt hij. 'Het is niet de hele dag reanimeren en spannende intriges. Je moet ook mensen wassen en kots, poep en pies opruimen.' Mensen die na een crisis in hun leven opeens gaan zoeken naar zingeving worden ook geweigerd. De ervaring leert dat die afhaken en daarvoor is de opleiding te duur.
Ook na de strenge selectie valt nog veertig procent af. Door de combinatie van werken en leren is er geen ruimte om vakken over te doen en de eisen zijn hoog. Voor de rekentoets moeten de studenten een tien hebben. Timmer: 'Een acht betekent twee patiënten met de verkeerde dosis medicijnen.'
Klik voor vergroting
William Diepeveen (26): militair
Binnen een jaar aan de slag? Een jaar en tien maanden.
Opleiding kost: niets.
Verdient: tijdens de opleiding, afhankelijk van je vooropleiding 2.200 bruto. Daarbovenop toeslagen, zoals de springtoeslag (voor parachutespringen) en trainingstoeslag. Tijdens een uitzending 4.000 netto.
Leuk: Trainingskampen in de jungle, in de bergen en in de sneeuw.
Niet zo leuk: afscheid nemen van het vriendinnetje.
Op 14 juni stonden de zestig mariniers op humanitaire missie in Tsjaad oog in oog met een menigte plunderende rebellen. William Diepeveen (26) was op dat moment pelotonscommandant: 'We stonden in een rij tegenover ze. Op een gegeven moment reden ze de voertuigen die ze van de ngo's hadden gestolen naar voren. Ik ook naar voren. De leider gaf me de sleutels. "We willen geen problemen met EUFOR".' Het ging goed, zegt hij, doordat zijn mannen niet bang waren. 'Volgens de regels mag je schieten als iemand een geweer op je richt. Daar staan twaalfjarige jongetjes met een geweer te zwaaien. Is dat richten? Nee. Dus wij hebben niet geschoten. Als we dat wel hadden gedaan, had het heel anders af kunnen lopen.'
Het is de uitstraling waarmee je het redt, zegt Diepeveen. 'Anderen werden om de haverklap aangehouden door het leger van Tsjaad. En maar betalen. Wij zaten zwaar bewapend op de jeeps, we keken een beetje strak. Wij reden gewoon door.'
Op zijn zestiende ging hij naar de hts, op zijn twintigste had hij zijn diploma. 'De rest van mijn leven achter een bureau zitten, dat zag ik niet zitten.' Hij werkte een jaartje als ict'er bij Miele maar dat was vooral om zich voor te kunnen bereiden op de toelatingsprocedure voor het korps mariniers.
Na bijna vier jaar waarin hij van jungletraining naar wintertraining naar bergtraining reisde en vrijwel niet thuis was, zit Diepeveen alsnog af en toe achter een bureau - hij is nu eenmaal officier. Hij is verantwoordelijk voor de inzet van de Vikingrupsvoertuigen. De pelotons die binnenkort naar Uruzgan gaan en met de voertuigen willen oefenen, vragen dat bij hem aan. Verder traint hij zijn compagnie. Mariniers moeten binnen 48 uur hun boeltje kunnen pakken en onderweg zijn.
Marinier zijn is een levenswijze. Je doorloopt een zware opleiding voor je erbij bent, maar het is bijna net zo moeilijk om er weer uit te stappen, vindt Diepeveen. 'In het bedrijfsleven kun je elkaar niet zo duidelijk aanspreken op een fout als wij hier doen. Het militaire systeem is: eerst orders uitvoeren, daarna praten. De kameraadschap zou ik ook niet kunnen missen, en het avontuur. Een vriend van mij is in de ict gebleven. Hij verdient wel iets meer dan ik, maar hij maakt niets mee. Ik heb net twee weken met de jeep door Afrika gereden.'
Defensie heeft niet alleen vacatures voor vechtende beroepen maar ook voor arts of tandarts. De luchtmacht zoekt momenteel een loopbaanbegeleider met een wo-opleiding human resource management, bereid om een korte militaire opleiding te doen aan de Koninklijke Militaire Academie en om vier jaar in dienst te blijven. Iemand met een technische opleiding kan instromen in de technische of elektrotechnische dienst van de Marine. Na achttien maanden opleiding ben je officier en mag je technische installaties op een schip onderhouden. Je moet wel een medische en een psychologische keuring ondergaan. Kleurenblindheid is voor de technische dienst geen bezwaar, en slechte ogen mag je laten laseren.
Klik voor vergroting
Maartje Kraanen (46): Leraar
Opleiding kost: als de school het wil betalen, niets.
Binnen een jaar aan de slag? ja, maar ook binnen twee jaar de lerarenopleiding voltooien.
Verdient: beginsalaris voortgezet onderwijs: € 2.251 bruto per maand. Maar scholen houden vaak rekening met het vorige salaris van zij-instromers.
Leuk: het voor de klas staan.
Niet zo leuk: onleesbare proefwerken ontcijferen.
Klas vier van het Gymnasium Felisenum in Velsen heeft vandaag geschiedenisles in het computerlokaal, maar slechts de helft van de leerlingen is komen opdraven. 'Mevrouw, ze staan bij het geschiedenislokaal, mag ik ze gaan halen?' Een blond meisje krijgt toestemming het lokaal te verlaten. Een tweede meisje glipt erachteraan, maar geschiedenisdocent Maartje Kraanen heeft ogen in haar achterhoofd. 'Hier jij. Anders wordt het een feestje.'
Het is razendsnel reageren. En ondertussen gewoon doorgaan met de les. 'Die kinderen zijn gewoon zo ontzettend leuk', zegt Kraanen (46).
Kraanen was communicatieadviseur bij KWF Kankerbestrijding, maar miste haar vak, geschiedenis. Het Felisenum stond goed bekend, ze kon er stage lopen bij een docent die al dertig jaar voor de klas stond. 'Ik zag hem en dacht: hoe kan ik dat ooit evenaren?' Toen de oudgediende vertrok, mocht Kraanen blijven. Inmiddels zit ze er drie jaar en ze weet het zeker: ze heeft de goede keuze gemaakt.
De eerste keer dat ze de klas binnenliep, had ze buikpijn van spanning. 'Dagen van voorbereiding voor twee uur lesgeven.' In het begin wilde ze het vooral goed doen. 'Ik hoopte dat de leerlingen later zouden zeggen: 'Ik heb gedegen onderwijs gehad. Inmiddels hoop ik ook dat ze zeggen: 'Ik heb het onthouden, dankzij dat mooie verhaal. Ik wil mijn liefde voor het vak overbrengen.'
Kraanen geeft 14 uur per week les. Ieder uur lesgeven kost in het begin een uur voorbereiden. Daarbovenop komt het nakijken en leerlingen begeleiden. Daarnaast is Kraanen nog eens tien uur per week bezig met de lerarenopleiding. In totaal een werkweek van ruim vijftig uur.
Het is best een eenzaam beroep, zegt ze. 'Leerlingen zijn kritisch en je staat daar helemaal alleen. Een docent kan zich niet even een middagje achter de computer verschuilen. De leerlingen zijn een spiegel, je krijgt alles meteen terug. ''Laat geworden gister, mevrouw?'' Dat kan dus niet. Je moet fit voor die klas staan. Op vrijdagavond drink ik een wijntje. Doordeweeks niet.'
Leraar zijn een roeping? Nee, meent Janny Jakobs van docentenuitzendbureau FairFlex. 'Het is een baan. Je moet het doen als het bij je past, als je graag met jongeren wilt werken en van kennisoverdracht houdt en kinderen een goede start wilt geven in het leven. Als je stiekem een beetje bang bent voor de kinderen moet je misschien iets anders gaan doen. Je moet denken: Geweldig! Die kinderen!'
Fotografie & concept Aad Hoogendoorn en Deborah van der Schaaf
Wellicht ook interessant:
Meer artikelen in de rubriek 'Carrièreswitch'
Reageer, print of deel dit artikel
|