Hoe krijgt de rechter zijn gezag terug?
Auteur: Florentine van Lookeren Campagne
|
13-01-2010
| Reacties: 1
|
Mail dit artikel
Hij is geen edelachtbare meer, maar een manager van mondige verdachten en resultaatgerichte officieren van justitie. 'Verdachten tetteren door je verhaal heen. Soms zijn ze echt hondsbrutaal.' Hoe krijgt de rechter zijn gezag terug?
Mevrouw heeft haar man en dochter in hun slaap met een bijl vermoord. Daarna reed zij met haar auto tegen een boom. Ze overleefde. Haar rechtszaak draaide om de vraag: heeft zij gehandeld onder invloed van de antidepressiva die zij daags voor de moord begon te slikken?
Mevrouw, 64 jaar, kort donker haar, loopt met fiere pas naar haar plek. Langzaam en zacht leest de rechter het vonnis voor. Ze kijkt de verdachte bijna voortdurend aan.
‘Verdachte heeft consistent verklaard dat zij, toen zij het overweldigende gevoel kreeg dat zij niet meer verder wilde leven, meteen bedacht dat zij het haar echtgenoot en haar dochter niet kon aandoen zelfmoord te plegen en dat zij hen derhalve "moest meenemen".'
Het voorlezen van het vonnis duurt bijna een uur.
De verdachte knikt mee. Haar hoofd zakt steeds dieper naar beneden.
De rechter legt uit waarom de rechtbank vindt dat mevrouw met opzet heeft gehandeld. Zij had moeten zoeken naar de bijl. Ze had de tijd om zich te bedenken. Of zij daartoe in staat was, doet er voor het bepalen van opzet niet toe. Dat is pas belangrijk bij de vraag of zij toerekeningsvatbaar was.
De rechtbank heeft drie teams deskundigen gehoord; die van het Openbaar Ministerie, die van de advocaat van de verdachte en een derde team. Alle drie vinden dat de medicijnen enige invloed kunnen hebben gehad, maar het is niet te zeggen hoeveel.
De rechter legt uit waarom de rechtbank geen waarde wil hechten aan de deskundige die haar geheel ontoerekeningsvatbaar vond. Die deskundige baseerde zich op zijn ‘globale professionele inschatting' en niet op deugdelijk wetenschappelijk onderzoek. Aan de overige twee, die haar deels toerekeningsvatbaar vonden, hecht de rechtbank wel waarde. Mevrouw is dus strafbaar.
Dan kijkt de rechter de verdachte indringend aan. Ze leest de motivering van de straf nog langzamer voor: ‘Verdachte heeft groot en onherstelbaar leed toegebracht aan familie en vrienden van haar dochter en haar man en een ernstige schok in de samenleving teweeggebracht. Daarbij speelt ook een rol de omstandigheid dat de slachtoffers zijn gedood in hun eigen huis door de persoon bij wie zij zich beiden het meest veilig waanden. (...) De verdachte heeft ook zichzelf gruwelijk leed aangedaan. Zij zal de rest van haar leven verder moeten met de wetenschap, dat zij deze gruwelijke en onomkeerbare daden heeft gepleegd.'
Mevrouw knikt heftig.
Het wordt acht jaar.
Klik voor vergroting
De straf uitleggen
Dit vonnis in de ‘Badhoevedorpse moordzaak' is nu een promis-vonnis (project motiveringsverbetering in strafvonnissen), het antwoord van de rechterlijke macht op de kritiek dat de strafrechter te ver van de samenleving af staat en onbegrijpelijke taal gebruikt. Het vonnis bevat niet alleen de straf, maar ook de afweging van de rechtbank voor die straf. Oude vonnissen bevatten alleen verwijzingen naar het strafdossier en de straf zelf. Een promis-vonnis maakt de straf beter te begrijpen voor de verdachte, is de gedachte. Promis is vanaf 2007 geleidelijk ingevoerd. Het is de bedoeling dat intussen zoveel mogelijk vonnissen als ‘promis' worden geschreven.
Promis moet de straf ook begrijpelijker maken voor de samenleving. Fouten zoals de Schiedammer Parkmoord-zaak en ongelukjes zoals het verlof (en de daaropvolgende vlucht) van mensensmokkelaar Saban B. hebben het gezag van de rechter aangetast. Rechters oordelen over zaken waar ze niet altijd verstand van hebben, bijvoorbeeld de werking van medicijnen. De samenleving kijkt en oordeelt mee en de rechter, die zich het liefst alleen op de mensen in de rechtszaal richt, moet zich gaan bezighouden met public relations.
Klik voor vergroting
Hondsbrutale verdachten
‘Ik snap het niet, maar ik zie het wel', zegt Jacqueline Dubois, kantonrechter en persrechter in Haarlem. ‘Het respect voor het instituut is veel minder. Mensen die ‘je' en ‘jij' zeggen tegen de rechter, terwijl die er in toga zit. Verdachten die door jouw verhaal heen tetteren. Soms zijn ze echt hondsbrutaal.'
‘Ons gezag kalft niet af, we hebben er een klus bij', zegt Reinier van Zutphen, voorzitter van de beroepsvereniging van rechters en officieren van Justitie, NVvR. ‘Mensen stellen veel meer vragen. Gewone mensen hebben meningen. We moeten het gezag bij iedere zaak opnieuw verwerven.'
‘We worden door de media hinderlijk gevolgd. Dat is niet erg. Daar worden we scherper van', zegt Erik van den Emster, voorzitter van de Raad voor de rechtspraak.
De verkeerde gestraft
Het omslagpunt was in 2004, meent Van den Emster. Dat jaar bleek dat in de zaak van de Schiedammer Parkmoord de verkeerde persoon was veroordeeld. Van den Emster was president van de rechtbank in Rotterdam die Kees B. in eerste instantie veroordeelde voor de moord op de tienjarige Nienke Kleiss. Joep Verburg is president van het gerechtshof in Den Haag, het hof dat B. in hoger beroep veroordeelde. In 2004 bekende een andere verdachte. Kees B. had vier jaar ten onrechte vastgezeten. Van den Emster en Verburg waren zelf niet als rechter bij de zaak betrokken, maar moesten wel bij Nova komen uitleggen wat er was misgegaan.
‘Bij Schiedam is het gruwelijk fout gegaan. Terwijl je niet kunt zeggen dat er niet zorgvuldig naar de zaak is gekeken. Naar de regelen van vakmanschap was het een goed arrest. Ik had het ook fout kunnen doen', zegt Verburg. ‘Schiedam was een promis-vonnis avant la lettre, zo omstandig is het gemotiveerd', zegt Van den Emster.
De wijze les uit Schiedam is volgens Van den Emster dat bekentenissen zoals die van Kees B., die later zijn bekentenis introk, alle alarmbellen bij de rechter moeten doen rinkelen. Daar is wellicht iemand onder druk gezet om te bekennen. Maar een andere wijze les is misschien, dat een uitgebreid gemotiveerd vonnis zoals dat in Schiedam nog steeds fout kan zijn. En dat ‘promis' fouten dus niet voorkomt.
fotografie Adrie Mouthaan
Brave rechters in opleiding
In de rechtbank Haarlem drinkt rechter in opleiding (raio) Seyran Ok (27) koffie met haar begeleidster, strafrechter Froukje Hijink. Ok is twee maanden geleden met de zesjarige opleiding begonnen. Het is hard werken, vindt Ok. Dat vindt Hijink ook. ‘Wat je allemaal niet door moet. Steeds die beoordelingen, slopend!' Als Ok zich onzeker voelt, mag ze altijd bij Hijink binnenlopen. Hijink zelf praat ook nog regelmatig met haar collega's over hoe zij op de zitting functioneert. Er zijn intervisiebijeenkomsten, en binnenkort krijgt de rechtbank een externe deskundige, die achter in de zaal gaat zitten en na afloop van de zitting met de rechter bespreekt hoe hij communiceert.
Hoe ziet de moderne rechter er uit? Ok: ‘Ik hoor vaak: je bent niet het prototype van een rechter. Die mensen zien nog een oude man met een serieus gezicht voor zich. De raio's in mijn groep zijn heel brave mensen. Types die, als ze te veel wisselgeld krijgen, het meteen teruggeven.'
Hijink: ‘De moderne rechter is laagdrempelig. Eerst waren rechters gedistingeerde heren, een select clubje met status. Langzamerhand zijn de nuchtere vrouwen met kinderen in de meerderheid. De rechter is nu meer down to earth.'
Ok: ‘Maar op de opleiding leren we wel dat we een voorbeeldfunctie hebben. Je kunt geen regels verkondigen waaraan je jezelf niet houdt. Door rood rijden, bijvoorbeeld.'
Hijink: ‘Je moet in deze tijd dat het gezag minder wordt roomser zijn dan de paus.'
Ok: ‘We moeten een magistrale uitstraling hebben. Een zitting is geen gesprek aan de keukentafel. De beste rechters vinden een middenweg tussen confrontatie en afstandelijkheid. Daar heb ik een enorme bewondering voor. Zo word ik later ook.'
Klik voor vergroting
'Rechters maken nooit fouten'
‘Rechters denken: "Wij maken geen fouten"', zegt rechtspsycholoog Peter van Koppen. Hij schreef een boek, De slapende rechter, over zaken waar het misging en over manieren om fouten te voorkomen. ‘Rechters vinden een uitspraak nooit fout, zolang het proces maar volgens de regels is verlopen. Dat Verburg zegt dat Schiedam een goed arrest was, vind ik schokkend. Onderdeel van de regelen der kunst is ook dat je je enigszins druk maakt over de vraag of de verdachte een strafbaar feit werkelijk heeft gepleegd.'
Gevraagd naar hun fouten noemen rechters een gemiste termijn, of jurisprudentie die over het hoofd is gezien. Het kan heel goed dat getuigen in hoger beroep iets anders vertellen, of dat nieuwe deskundigen de zaak heel anders zien. Dat betekent nog niet dat een eerdere rechter het ‘fout' heeft gedaan, zegt Van Zutphen. ‘Ik heb als rechter iemand tot vijftien jaar cel veroordeeld. Het hof heeft hem vrijgesproken. Ik heb geen fout gemaakt. Het hof ook niet. We hebben twee verschillende reconstructies van de werkelijkheid gemaakt.'
Een overduidelijk verkeerde uitkomst ligt niet per definitie aan de rechter. Verburg: ‘Het kan zijn dat de rechter het niet goed heeft gedaan. Het kan zijn dat het OM iets niet goed heeft aangeleverd. Het kan zijn dat de advocaat onvoldoende alert was op zwakheden. Het is niet de vanzelfsprekende taak van de rechter om in te grijpen als een advocaat dingen laat liggen.'
Fouten toegeven
Na de vlucht van Saban B. besprak de Tweede Kamer of rechters niet makkelijker ontslagen zouden moeten worden na een fout. De rechters beschouwden die discussie als een klap in het gezicht, die nog tegen de grondwet is ook. Rechters moeten onafhankelijk zijn. Ze moeten hun werk kunnen doen zonder angst om door de politiek ontslagen te worden. Van Zutphen: ‘Als er politiek toezicht komt op het werk van de rechter, houdt West-Europa op bij de Nederlands-Duitse grens. Wie dat bepleit gaat de grens van de democratie over.'
Maar Van Zutphen lijkt wel een poging te doen om de ‘rechters maken geen fouten'-cultuur te doorbreken. Hij vertelt in zijn jaarrede over zijn grote fout: hij liet een van verkrachting verdachte man vrij. Een andere rechter vernietigde zijn vonnis. De verdachte bekende later.
‘Ik wil mij niet verdekt opstellen achter juridische argumenten. Als het fout was, moet je zeggen dat het fout was. Zelfs als je toen overtuigd was van de beslissing. Fouten doen zich voor. Je hoeft de rechter niet te straffen. Fouten moeten wel worden rechtgezet. Daarmee win je vertrouwen.'
Rechters hebben volgens rechtspsycholoog Van Koppen nog een ander probleem: ze zijn niet goed in het vaststellen van feiten. ‘Dat is namelijk geen juridische bezigheid, geen kwestie van het toepassen van regels. Feiten vaststellen kan iedere leek met zijn boerenverstand. Het gaat om vragen als wie was waar, wanneer? Rechters zouden dossiers beter moeten lezen. Nadenken over de betrouwbaarheid van bronnen is nergens onderdeel van de studie en ook geen onderdeel van de opleiding tot rechter.'
De rechter als vakspecialist
Daarbij komt nog dat rechters moeten oordelen over dna-bewijsmateriaal, statistiek, of de werking van antidepressiva. Van den Emster: ‘Er zijn vakgebieden waar de jurist niet de meest geëigende is om een beslissing te nemen. Als ik iets niet ben, is het wel een statisticus. Ik hoor de ene deskundige iets zeggen, terwijl de andere het tegenovergestelde beweert. Er is een wereld van verschil tussen die benaderingen en ik moet dat overbruggen.'
De moderne rechter moet zich op al dit soort vlakken blijven bijscholen, zegt hij. En deskundigen moeten op hun beurt leren hun vak uit te leggen aan leken. Een speciaal register van deskundigen die dat kunnen en willen is in de maak.
Een vakspecialist, zeg in milieuzaken, zoals de politie onlangs bepleitte, zal de rechter nooit worden, denkt Van den Emster. En een vakspecialist toevoegen aan de rechtbank is ook geen oplossing. ‘Dan wordt de mening van één specialist gehoord en de mening van een andere specialist niet. Neem de zaak Lucia de B. Het had nogal wat uitgemaakt welke statisticus als rechter was toegevoegd.'
De verhouding met de media
Ten slotte moeten rechters werken aan hun moeizame verhouding met de media. Van Zutphen: ‘Bij de zaak Saban B. stelden de media vragen en het antwoord bleef uit. Dat is geen juridisch probleem en daar kunnen we alerter in zijn.'
Rechters hebben een haat-liefdeverhouding met de media, die alleen maar aandacht besteden aan de rechtsstaat als een individuele zaak de soep in is gelopen. En er komt tot ergernis van de rechters altijd een opsomming bij van de laatste vijf rechterlijke blunders. Promis moet hierbij helpen. Wie betere vonnissen schrijft, krijgt betere vragen, hopen de rechters.
Jacqueline Dubois, persrechter van de rechtbank Haarlem, staat na afloop van de Badhoevedorpse moordzaak de pers te woord. De journalist van Radio Noord-Holland wil weten of de rechter ook tbs had kunnen opleggen. ‘Dat is niet aan de orde hier. Ik geef alleen uitleg over de uitspraak', zegt Dubois, ‘en de rechter heeft hier kennelijk geen tbs overwogen.'
‘Ik ga geen discussie over nut en noodzaak van tbs aan als daar twee zinnetjes uit geknipt worden die op de radio komen', zegt ze later.
Beroepsprofiel
De moderne rechter is een kordate beslisser. De rechterlijke macht krijgt 1,8 miljoen zaken per jaar te verwerken. De selectiecommissie voor de rechterlijke macht, waar Verburg voorzitter van is, selecteert dan ook mensen die tegen een beetje werkdruk kunnen. Nuchtere mensen die een besluit durven nemen zonder zich te laten leiden door de publieke opinie. Meer dan vroeger zijn het volgens Verburg stevige leidersfiguren die een zitting kunnen managen. Kritische journalisten, emotionele verdachten. De rechter moet ingrijpen als de advocaat te veel getuigen wil horen, en, zegt Verburg, ‘je moet het OM durven aanpakken als het OM niet alles op tafel legt.'
Ondertussen denkt de NVVR na over het beroepsprofiel en werkt de Raad voor de rechtspraak aan een toekomstvisie op de rechtspraak. Dat moet volgend jaar af zijn. Ook de selectiecommissie is bezig de selectiecriteria te herzien.
Wat allemaal niet betekent dat het een heel andere kant op gaat met het vak. ‘Rechters zijn geen barricadevechters', zegt Van den Emster. ‘Wat vandaag wordt geroepen in de politiek of in de krant moet je niet meteen toepassen. De burger heeft belang bij continuïteit en rechtszekerheid. Eerst maar eens kijken of het de wind van de komende jaren is of een stormpje dat weer gaat liggen.'
Wellicht ook interessant:
Meer artikelen in de rubriek 'Overheid'
Reageer, print of deel dit artikel
Reacties op dit artikel:
ed | 4 december 2010 (18:30)
De SchiedammerParkMoord mag dan misschien een 'Promisvonnis avant la lettre' zijn, maar als je onzin goed formuleert en omstandig uitlegt, blijft het onzin. De rechters hebben gewoon feiten die een andere richting opwezen terzijde gelegd in hun wens om met de arrogantie die veel rechters eigen is maar te besluiten dat Cees schuldig was.
Het besluit was gevallen, toen moest het enkel nog even in het vonnis goed geformuleerd worden.
Phrasen als 'het kan niet anders dat', 'het moet wel zo geweest zijn', 'er is geen bewijs voor een alternatief scenario', mogen misschien wel doorwracht klinken, maar het blijft gewoon justificeren van giswerk
|